Gebruik de 16 oefenvragen om jezelf voor te bereiden en te testen of je de leerstof kent.
Koop de oefenvragen en wees voorbereid voor je volgende toets.
In winkelwagenGeef aan met welk begrip iemand wordt aangeduid die niet voldoende vaardig is in het lezen en schrijven om zelfredzaam te zijn in de Nederlandse samenleving.
(Hoofdstuk 1)
Geef aan wat het verschil is tussen begrijpend en studerend lezen.
(Hoofdstuk 1)
Begrijpend lezen is het achterhalen van de betekenis van de tekst.
Studerend lezen houdt in dat de lezer de inhoud van een tekst moet kunnen vastleggen.
input text value
Het leren lezen van het woord: koken, omdat je morgen met de klas een kookworkshop volgt, past bij welke leesactiviteit:
A. Een ondersteunende taalactiviteit.
B. Een functionele taalactiviteit.
(Hoofdstuk 1)
In Finland begint men later met het lezen dan in Nederland. Geef hier een argument voor en een argument tegen.
Voor: Sommige kinderen zijn op latere leeftijd pas goed ontwikkeld om letters te kunnen onderscheiden en kunnen dan pas gaan lezen: de leesvoorwaarden (ontwikkeling van het kind) zijn pas op latere leeftijd bij iedereen goed.
Tegen: Lezen is geen natuurlijk proces en zal door mensen moeten worden aangeleerd. Met extra oefeningen kun je de zwakkeren hierin ook beter maken.
input text value
Geef aan wat technisch lezen is.
(Hoofdstuk 1)
Technisch lezen is het omzetten van geschreven taal in gesproken taal.
input text value
Geef aan waarom de opkomst van digitale materialen ervoor kan zorgen dat het technisch lezen sneller ontwikkeld wordt.
(Hoofdstuk 1)
Door deze digitale materialen, die zelf ook geluid kunnen maken, kunnen kinderen zelf het teken (grafeem) met de klank (foneem) koppelen. Ze horen de klank via het digitale middel. Een volwassene hoeft de klank niet te benoemen, omdat het device dit al doet.
input text value
Een bewering: Je moet technisch kunnen lezen om belevend te kunnen lezen.
Geef aan of de bewering juist of onjuist is.
(Hoofdstuk 1)
Juist.
Als je niet technisch kunt lezen, begrijp je niet wat er staat. Als je niet begrijpt wat er staat, kun je hier ook geen beleving bij voelen.
input text value
Geef aan wat het verschil is tussen belevend lezen en expressief lezen.
(Hoofdstuk 1)
Bij belevend lezen, lees je de tekst in jezelf en voel jij de beleving. Bij expressief lezen, lees je op een expressieve manier de tekst voor. Hierdoor zal degene die naar jou luistert de beleving voelen.
input text value
Koop de oefenvragen en wees voorbereid voor je volgende toets.
In winkelwagen
Leer je de oefenvragen liever vanaf papier? Download dan de 16 oefenvragen als PDF.
In winkelwagen
Verdien geld met het maken van oefenvragen en leer direct voor je aankomende toets.
Oefenvragen makenOefenvragen behorende bij het boek: Taal & Didactiek Aanvankelijk en technisch lezen (Huizenga, 2016). 4e druk.
De vragen beslaan meerkeuzevragen, waar/niet waar-vragen en open vragen.
Bij elke vraag staat benoemd over welk hoofdstuk de vraag gaat.
Geef aan met welk begrip iemand wordt aangeduid die niet voldoende vaardig is in het lezen en schrijven om zelfredzaam te zijn in de Nederlandse samenleving.
(Hoofdstuk 1)
Geef aan wat het verschil is tussen begrijpend en studerend lezen.
(Hoofdstuk 1)
Het leren lezen van het woord: koken, omdat je morgen met de klas een kookworkshop volgt, past bij welke leesactiviteit:
A. Een ondersteunende taalactiviteit.
B. Een functionele taalactiviteit.
(Hoofdstuk 1)
In Finland begint men later met het lezen dan in Nederland. Geef hier een argument voor en een argument tegen.
Voor: Sommige kinderen zijn op latere leeftijd pas goed ontwikkeld om letters te kunnen onderscheiden en kunnen dan pas gaan lezen: de leesvoorwaarden (ontwikkeling van het kind) zijn pas op latere leeftijd bij iedereen goed.Geef aan wat technisch lezen is.
(Hoofdstuk 1)
Geef aan waarom de opkomst van digitale materialen ervoor kan zorgen dat het technisch lezen sneller ontwikkeld wordt.
(Hoofdstuk 1)
Een bewering: Je moet technisch kunnen lezen om belevend te kunnen lezen.
Geef aan of de bewering juist of onjuist is.
(Hoofdstuk 1)
Geef aan wat het verschil is tussen belevend lezen en expressief lezen.
(Hoofdstuk 1)
Geef aan wat vloeiend lezen inhoudt.
(Hoofdstuk 1)
Een bewering: Voor het voorbereidend lezen moet je technisch kunnen lezen.
Geef aan of de bewering juist is.
(Hoofdstuk 1)
Een bewering: Voorbereidend lezen valt binnen de beginnende geletterdheid.
Geef aan of de bewering juist is.
(Hoofdstuk 1)
Timo zit in groep 3 en kan de letters e, a, p, q en r al lezen. Hij kan de letters omzetten in klanken en kan hierdoor woorden als 'pap' al begrijpen.
Geef aan in welke fase van het lezen Timo zich bevindt.
A. Voorbereidend lezen.
B. Aanvankelijk lezen.
C. Voortgezet lezen.
(Hoofdstuk 1)
Een bewering: Begrijpend lezen kun je pas oefenen vanaf het moment dat leerlingen in de fase van het voortgezet lezen zitten.
Geef aan of de bewering juist is.
(Hoofdstuk 1)
Geef aan welke onderdelen deel uitmaken van de geletterdheid.
A. Verhaalbegrip.
B. Alfabetisch principe.
C. Taalbewustzijn.
D. Boekoriëntatie.
E. Semantisch netwerk.
(Hoofdstuk 1)
Een bewering: Tijdens de ontluikende geletterdheid bevindt een kind zich in de fase van het voorbereidend lezen.
(Hoofdstuk 1)
Een bewering: Stillezen is makkelijker dan hardop lezen.
(Hoofdstuk 1)
Het is heel fijn om via Knoowy extra ondersteuning te hebben bij het studeren door middel van samenvattingen van de lesstof.
Deze site is een uitkomst als samenvatten niet je sterkste punt is. Zeker als je moet leren voor toetsen kun je hier alle nodige info vinden. Win-win.
Bij Knoowy vind ik notities van vakken die mij helpen bij het leren.
Handig te gebruiken bij het leren en er is veel aanbod op de website.
Via Knoowy kan ik makkelijk in contact komen met studenten die hulp nodig hebben. Met bijles kan ik hen te hulp schieten.
Ik ben altijd erg blij met de samenvattingen van Knoowy.
De samenvattingen zijn goed om te gebruiken als je te laat bent met leren of slecht bent in samenvatten.
Knoowy is voor ons een extra verkoopkanaal en biedt de mogelijkheid samenvattingen online te verkopen.