Gebruik de 64 oefenvragen om jezelf voor te bereiden en te testen of je de leerstof kent.
Koop de oefenvragen en wees voorbereid voor je volgende toets.
In winkelwagenWat zijn de symptomen van Diabetes Mellitus?
De symptomen van Diabetes Mellitus zijn veel plassen, onlesbare dorst, onverklaarbaar gewichtsverlies, algehele zwakte en vermoeidheid, tintelingen en gevoelloosheid in handen, benen of voeten, en andere mogelijke symptomen zoals oogklachten, slecht genezende wondjes, kortademigheid, droge huid, doorlopend honger, seksuele problemen, smaakstoornissen, en soms splinterbloedingen onder de nagel.
input text value
Wat zijn de oorzaken van Diabetes Mellitus type 2?
De oorzaken van Diabetes Mellitus type 2 zijn erfelijke aanleg, (ernstig) overgewicht, te weinig bewegen, roken, en voeding. Een gezonde leefstijl kan helpen om diabetes type 2 te voorkomen.
input text value
Hoe wordt de diagnose Diabetes Mellitus type 2 gesteld?
De diagnose Diabetes Mellitus type 2 wordt gesteld door het bepalen van het glucosegehalte in het bloedplasma. Dit gebeurt meestal met een vingerprik en een draagbare glucosemeter. Criteria zijn twee nuchtere plasmaglucosewaarden gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger op twee verschillende dagen, een nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger in combinatie met hyperglykemische klachten, of een niet-nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 11,1 mmol/l of hoger in combinatie met genoemde symptomen.**Ouderen**
input text value
Wat zijn de veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen die consequenties hebben voor de farmacokinetiek en -dynamiek?
Veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen zijn verminderde lever- en niercapaciteit, verhoogd vetpercentage en verminderde spiermassa. Deze veranderingen beïnvloeden de afbraak en afscheiding van medicatie, en medicijnen blijven langer in het vetweefsel zitten.
input text value
Wat is polyfarmacie en waarom is het een probleem bij ouderen?
Polyfarmacie is het gedurende langere tijd gebruiken van vijf of meer verschillende soorten geneesmiddelen tegelijk. Het is een probleem bij ouderen omdat het risico op interacties en bijwerkingen groter is, en omdat ouderen extra gevoelig zijn voor de schadelijke effecten van medicijnen.**COPD**
input text value
Wat zijn de oorzaken en symptomen van COPD?
Oorzaken van COPD zijn schadelijke stoffen zoals roken en genetische afwijkingen. Symptomen zijn hypersecretie van mucus, littekenvorming luchtwegen, dilatie en destructie van alveoli, en ontstekingsreacties in de longslagaders. Dit leidt tot hoesten, moeite met uitademen, benauwdheid, en hypertensie in de longcirculatie.
input text value
Wat is het verschil tussen COPD en Astma?
COPD wordt voornamelijk veroorzaakt door roken en hogere leeftijd, heeft een per definitie irreversibele luchtwegobstructie, en is relatief ongevoelig voor corticosteroïden. Astma daarentegen wordt vaak veroorzaakt door atopie, heeft een wisselende en in de regel reversibele luchtwegobstructie, en is meestal gevoelig voor corticosteroïden.**Mensen met een verstandelijke beperking**
input text value
Wat is de definitie van een verstandelijke beperking?
Een verstandelijke beperking is een aangeboren of in de prille jeugd verkregen stoornis van de geestelijke functies en hun ontwikkelingsmogelijkheid, waarbij het verstandelijk tekort het meest opvallend is en de sociale aanpassing bemoeilijkt of onmogelijk maakt.
input text value
Koop de oefenvragen en wees voorbereid voor je volgende toets.
In winkelwagen
Leer je de oefenvragen liever vanaf papier? Download dan de 64 oefenvragen als PDF.
In winkelwagen
Verdien geld met het maken van oefenvragen en leer direct voor je aankomende toets.
Oefenvragen makenDeze set van 64 oefenvragen en antwoorden is ontworpen om je te helpen bij het bestuderen van de Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg voor Verpleegkunde aan Viaa.
64 oefenvragen
2x verkocht
Nederlands
15-06-2024
HBO / Viaa Zwolle / Verpleegkundige / Kennistoets Langdurige zorg
Wat zijn de symptomen van Diabetes Mellitus?
De symptomen van Diabetes Mellitus zijn veel plassen, onlesbare dorst, onverklaarbaar gewichtsverlies, algehele zwakte en vermoeidheid, tintelingen en gevoelloosheid in handen, benen of voeten, en andere mogelijke symptomen zoals oogklachten, slecht genezende wondjes, kortademigheid, droge huid, doorlopend honger, seksuele problemen, smaakstoornissen, en soms splinterbloedingen onder de nagel.Wat zijn de oorzaken van Diabetes Mellitus type 2?
De oorzaken van Diabetes Mellitus type 2 zijn erfelijke aanleg, (ernstig) overgewicht, te weinig bewegen, roken, en voeding. Een gezonde leefstijl kan helpen om diabetes type 2 te voorkomen.Hoe wordt de diagnose Diabetes Mellitus type 2 gesteld?
De diagnose Diabetes Mellitus type 2 wordt gesteld door het bepalen van het glucosegehalte in het bloedplasma. Dit gebeurt meestal met een vingerprik en een draagbare glucosemeter. Criteria zijn twee nuchtere plasmaglucosewaarden gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger op twee verschillende dagen, een nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger in combinatie met hyperglykemische klachten, of een niet-nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 11,1 mmol/l of hoger in combinatie met genoemde symptomen.**Ouderen**Wat zijn de veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen die consequenties hebben voor de farmacokinetiek en -dynamiek?
Veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen zijn verminderde lever- en niercapaciteit, verhoogd vetpercentage en verminderde spiermassa. Deze veranderingen beïnvloeden de afbraak en afscheiding van medicatie, en medicijnen blijven langer in het vetweefsel zitten.Wat is polyfarmacie en waarom is het een probleem bij ouderen?
Polyfarmacie is het gedurende langere tijd gebruiken van vijf of meer verschillende soorten geneesmiddelen tegelijk. Het is een probleem bij ouderen omdat het risico op interacties en bijwerkingen groter is, en omdat ouderen extra gevoelig zijn voor de schadelijke effecten van medicijnen.**COPD**Wat zijn de oorzaken en symptomen van COPD?
Oorzaken van COPD zijn schadelijke stoffen zoals roken en genetische afwijkingen. Symptomen zijn hypersecretie van mucus, littekenvorming luchtwegen, dilatie en destructie van alveoli, en ontstekingsreacties in de longslagaders. Dit leidt tot hoesten, moeite met uitademen, benauwdheid, en hypertensie in de longcirculatie.Wat is het verschil tussen COPD en Astma?
COPD wordt voornamelijk veroorzaakt door roken en hogere leeftijd, heeft een per definitie irreversibele luchtwegobstructie, en is relatief ongevoelig voor corticosteroïden. Astma daarentegen wordt vaak veroorzaakt door atopie, heeft een wisselende en in de regel reversibele luchtwegobstructie, en is meestal gevoelig voor corticosteroïden.**Mensen met een verstandelijke beperking**Wat is de definitie van een verstandelijke beperking?
Een verstandelijke beperking is een aangeboren of in de prille jeugd verkregen stoornis van de geestelijke functies en hun ontwikkelingsmogelijkheid, waarbij het verstandelijk tekort het meest opvallend is en de sociale aanpassing bemoeilijkt of onmogelijk maakt.Wat zijn de vier indelingen van verstandelijke beperkingen?
Wat zijn hallucinaties en welke vormen bestaan er?
Wat is schizofrenie en welke vormen bestaan er?
Wat zijn de oorzaken en vormen van MS?
Wat is de behandeling voor MS?
Wat zijn de verschillende vormen van incontinentie?
Wat zijn de oorzaken en symptomen van prostaathypertrofie en prostaatcarcinoom?
Wat zijn de functies van koolhydraten?
Wat zijn de functies van eiwitten?
Wat is de TNM-classificatie voor kanker?
Wat zijn de behandelopties voor kanker?
Wat zijn de symptomen van een CVA?
Wat is het verschil tussen een herseninfarct, hersenbloeding en een TIA?
Wat is de definitie van langdurige zorg?
Wat is het Chronic Care Model van Wagner?
Wat zijn de werkingsmechanismen van SABA en LABA?
Wat zijn de bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide®?
Wat is het verschil tussen geriatrie en gerontologie?
Wat zijn frailty markers bij kwetsbare ouderen?
Wat zijn de VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking?
Wat is het LACCS-principe?
Wat zijn de taken van een verpleegkundige in een FACT-team?
Wat zijn de 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team?
Wat zijn gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen?
Wat zijn aandachtspunten in het contact met zorgvragers met psychotische aandoeningen?
Wat zijn de verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie?
Wat zijn de functies van vetten?
Wat zijn niet verteerbare polysachariden en hun functies?
Wat is het Sunrise Model van Leininger?
Wat zijn de cultuurdimensies van Hofstede?
Wat zijn de vier fasen van palliatieve zorg?
Wat is proactieve zorgplanning?
Wat zijn de zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha?
Wat zijn de vier domeinen van Omaha System?
Wat zijn de vijf variabelen van het NSM?
Wat is een PES in het NSM?
Wat zijn de verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA?
Wat is de EWS-score?
Wat is de SBARR-methode?
Wat is een continu glucose meter?
Wat is de Freestyle Libre sensor?
Wat is de Caregiver Strain Index?
%1 Oefenvragen en Antwoorden over Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg Verpleegkunde Viaa %2%3 Deze set van 64 oefenvragen en antwoorden is ontworpen om je te helpen bij het bestuderen van de Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg voor Verpleegkunde aan Viaa. De vragen beslaan verschillende onderwerpen zoals medisch, voeding, ethiek, en verpleegtechnische vaardigheden. Elke vraag begint met Q[cijfer] en elk antwoord met A[cijfer]. %4**Medisch**Q1: Wat zijn de symptomen van Diabetes Mellitus?A1: De symptomen van Diabetes Mellitus zijn veel plassen, onlesbare dorst, onverklaarbaar gewichtsverlies, algehele zwakte en vermoeidheid, tintelingen en gevoelloosheid in handen, benen of voeten, en andere mogelijke symptomen zoals oogklachten, slecht genezende wondjes, kortademigheid, droge huid, doorlopend honger, seksuele problemen, smaakstoornissen, en soms splinterbloedingen onder de nagel.Q2: Wat zijn de oorzaken van Diabetes Mellitus type 2?A2: De oorzaken van Diabetes Mellitus type 2 zijn erfelijke aanleg, (ernstig) overgewicht, te weinig bewegen, roken, en voeding. Een gezonde leefstijl kan helpen om diabetes type 2 te voorkomen.Q3: Hoe wordt de diagnose Diabetes Mellitus type 2 gesteld?A3: De diagnose Diabetes Mellitus type 2 wordt gesteld door het bepalen van het glucosegehalte in het bloedplasma. Dit gebeurt meestal met een vingerprik en een draagbare glucosemeter. Criteria zijn twee nuchtere plasmaglucosewaarden gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger op twee verschillende dagen, een nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger in combinatie met hyperglykemische klachten, of een niet-nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 11,1 mmol/l of hoger in combinatie met genoemde symptomen.**Ouderen**Q4: Wat zijn de veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen die consequenties hebben voor de farmacokinetiek en -dynamiek?A4: Veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen zijn verminderde lever- en niercapaciteit, verhoogd vetpercentage en verminderde spiermassa. Deze veranderingen beïnvloeden de afbraak en afscheiding van medicatie, en medicijnen blijven langer in het vetweefsel zitten.Q5: Wat is polyfarmacie en waarom is het een probleem bij ouderen?A5: Polyfarmacie is het gedurende langere tijd gebruiken van vijf of meer verschillende soorten geneesmiddelen tegelijk. Het is een probleem bij ouderen omdat het risico op interacties en bijwerkingen groter is, en omdat ouderen extra gevoelig zijn voor de schadelijke effecten van medicijnen.**COPD**Q6: Wat zijn de oorzaken en symptomen van COPD?A6: Oorzaken van COPD zijn schadelijke stoffen zoals roken en genetische afwijkingen. Symptomen zijn hypersecretie van mucus, littekenvorming luchtwegen, dilatie en destructie van alveoli, en ontstekingsreacties in de longslagaders. Dit leidt tot hoesten, moeite met uitademen, benauwdheid, en hypertensie in de longcirculatie.Q7: Wat is het verschil tussen COPD en Astma?A7: COPD wordt voornamelijk veroorzaakt door roken en hogere leeftijd, heeft een per definitie irreversibele luchtwegobstructie, en is relatief ongevoelig voor corticosteroïden. Astma daarentegen wordt vaak veroorzaakt door atopie, heeft een wisselende en in de regel reversibele luchtwegobstructie, en is meestal gevoelig voor corticosteroïden.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q8: Wat is de definitie van een verstandelijke beperking?A8: Een verstandelijke beperking is een aangeboren of in de prille jeugd verkregen stoornis van de geestelijke functies en hun ontwikkelingsmogelijkheid, waarbij het verstandelijk tekort het meest opvallend is en de sociale aanpassing bemoeilijkt of onmogelijk maakt.Q9: Wat zijn de vier indelingen van verstandelijke beperkingen?A9: De vier indelingen zijn licht (ontwikkelingsleeftijd van 7 tot 12 jaar), matig (ontwikkelingsleeftijd 4-7 jaar), ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 2-4 jaar), en zeer ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 0-2 jaar).**Psychotische aandoeningen**Q10: Wat zijn hallucinaties en welke vormen bestaan er?A10: Hallucinaties zijn het waarnemen van iets dat andere personen in de omgeving niet waarnemen. Vormen zijn akoestische hallucinaties (stemmen/geluiden horen), gezichtshallucinaties (dingen of personen zien), olfactorische/reukhallucinaties (geuren ruiken), gustatoire/smaakhallucinaties (dingen proeven), en somatische/tactiele hallucinaties (iets voelen in het lichaam of op de huid).Q11: Wat is schizofrenie en welke vormen bestaan er?A11: Schizofrenie is een chronische psychotische stoornis die wordt gekenmerkt door verstoringen van gedrag, denken, emoties en waarnemingen. Vormen zijn schizoaffectieve stoornis, schizofreniforme stoornis, gedesorganiseerde schizofrenie, katatone schizofrenie, en paranoïde schizofrenie.**MS**Q12: Wat zijn de oorzaken en vormen van MS?A12: De precieze oorzaak van MS is niet helemaal duidelijk, maar het wordt gedacht dat het een auto-immuunreactie is, mogelijk uitgelokt door een virus. Vormen van MS zijn relapsing-remitting MS (RRMS), secundair progressieve MS (SPMS), milde of benigne MS, en primair progressieve MS (PPMS).Q13: Wat is de behandeling voor MS?A13: Behandeling voor MS omvat immuunmodulerende behandeling zoals interferonen en glatirameeracetaat, nieuwere medicatie zoals natalizumab of fingolimod, corticosteroïden bij exacerbaties, stoppen met roken, en niet-medicamenteuze en medicamenteuze behandelingen voor symptomen zoals depressie, spasticiteit, vermoeidheid, pijn, mictiestoornissen en obstipatie.**Urologie en Incontinentie**Q14: Wat zijn de verschillende vormen van incontinentie?A14: De verschillende vormen van incontinentie zijn urge-incontinentie, stress-incontinentie, gemengde incontinentie, overloopincontinentie/retentieblaas, reflexincontinentie, en functionele incontinentie.Q15: Wat zijn de oorzaken en symptomen van prostaathypertrofie en prostaatcarcinoom?A15: Prostaathypertrofie is goedaardig en veroorzaakt door een vergrote prostaat die de urinebuis blokkeert. Prostaatcarcinoom is kwaadaardig en kan leiden tot symptomen zoals moeite met urineren, zwakke urinestraal, en bloed in de urine.**Voeding**Q16: Wat zijn de functies van koolhydraten?A16: Koolhydraten geven het lichaam energie, vooral voor de hersenen en rode bloedcellen. Ze geven ook een zoete smaak aan voeding en bevatten voedingsvezels die nodig zijn voor een goede darmwerking.Q17: Wat zijn de functies van eiwitten?A17: Eiwitten zijn nodig voor de opbouw van cellen, vernieuwen van bestaande cellen, regelprocessen zoals enzymen en hormonen, en transport van stoffen in het bloed zoals hemoglobine.**Oncologie**Q18: Wat is de TNM-classificatie voor kanker?A18: De TNM-classificatie voor kanker bestaat uit T (Tumor, grootte en mate van doorgroei), N (Nodus, lymfeklieruitzaaiingen), en M (Metastasen, uitzaaiingen op afstand). Scores lopen van T1 tot T4, N0 tot N3, en M0 tot M1.Q19: Wat zijn de behandelopties voor kanker?A19: Behandelopties voor kanker zijn chirurgie, radiotherapie, chemotherapie, hormonale therapie, en immunotherapie. Behandeldoelen kunnen curatief, symptomatisch of palliatief zijn.**CVA en hartfalen**Q20: Wat zijn de symptomen van een CVA?A20: Symptomen van een CVA zijn plotselinge verlamming of zwakte aan één kant van het lichaam, spraakproblemen, slikstoornissen, evenwichtsproblemen, visusproblemen, verwardheid, agnosie, apraxie, afasie, neglect, bewustzijnsdaling of -verlies, en hemianopsie.Q21: Wat is het verschil tussen een herseninfarct, hersenbloeding en een TIA?A21: Een herseninfarct wordt veroorzaakt door een afsluiting van een hersenarterie, een hersenbloeding door een scheur in een hersenarterie, en een TIA is een kortdurend zuurstoftekort in een deel van de hersenen door een tijdelijke afsluiting zonder dat hersenweefsel afsterft.**Verpleegkunde**Q22: Wat is de definitie van langdurige zorg?A22: Langdurige zorg is zorg voor mensen die blijvend intensieve zorg of toezicht nodig hebben. Het is geregeld in de Wet langdurige zorg (Wlz) en wordt uitgevoerd door zorgkantoren.Q23: Wat is het Chronic Care Model van Wagner?A23: Het Chronic Care Model van Wagner propageert geïntegreerde zorg en stelt verandering voor op zes terreinen: zelfmanagementondersteuning, herontwerp van het zorgproces, besluitvorming ondersteuning, klinisch informatiesysteem, organisatie, en community of gemeenschap.**Bronchusverwijdende therapie**Q24: Wat zijn de werkingsmechanismen van SABA en LABA?A24: SABA (Short Acting Beta-receptor Agonist) zoals salbutamol stimuleert selectief de β-2-receptoren van het sympathische zenuwstelsel, waardoor het bronchiale gladde spierweefsel ontspant. LABA (Long Acting Beta-2-agonist) zoals Serevent® stimuleert de β-2-receptoren en heeft een langwerkend effect.Q25: Wat zijn de bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide®?A25: Bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide® zijn orofaryngeale candidiase, heesheid, kneuzingen, pneumonie, bronchitis, huiduitslag, hyperglykemie, dyspepsie, cataract, en verhoogde intraoculaire druk.**Geriatrie/gerontologie**Q26: Wat is het verschil tussen geriatrie en gerontologie?A26: Geriatrie is een medisch specialisme dat zich richt op ouderen met een combinatie van aandoeningen, terwijl gerontologie de wetenschap van het ouder worden is, inclusief sociale, psychologische, cognitieve en biologische aspecten.Q27: Wat zijn frailty markers bij kwetsbare ouderen?A27: Frailty markers bij kwetsbare ouderen zijn gewichtsverlies, uitputting, lage loopsnelheid, weinig fysieke activiteit, en lage knijpkracht. De aanwezigheid van drie of meer criteria indiceert kwetsbaarheid.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q28: Wat zijn de VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking?A28: De VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking zijn zeggenschap, inclusie, respect en veiligheid, persoonlijke ondersteuning, eigen keuze, behoud van relaties, ontplooiing, respect en eigenwaarde, en leven in en met de samenleving.Q29: Wat is het LACCS-principe?A29: Het LACCS-principe is gebaseerd op lichamelijk welzijn, alertheid, contact, communicatie, en stimulerende tijdsbesteding. Het doel is een goed leven voor iedereen van de EVMB doelgroep.**FACT team**Q30: Wat zijn de taken van een verpleegkundige in een FACT-team?A30: Taken van een verpleegkundige in een FACT-team zijn flexibele en assertieve behandeling en begeleiding, contact leggen met het systeem/netwerk van de patiënt, samenwerken met ketenpartners, draaien van de medicatiepoli en/of somatische poli, en werken met een shared caseload.Q31: Wat zijn de 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team?A31: De 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team zijn Cure, Care, Crisisinterventie, Community support, Cliëntdeskundigheid ondersteunen, Controle, en Check.**Psychiatrie**Q32: Wat zijn gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen?A32: Gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen zijn familiegesprekken, psycho-educatie, therapie voor familie en/of naasten, en interventies gericht op terugvalpreventie en het versterken van sociale steun.Q33: Wat zijn aandachtspunten in het contact met zorgvragers met psychotische aandoeningen?A33: Aandachtspunten zijn ondersteunen bij activiteiten, vertrouwen opbouwen, helpen oriënteren, voorzichtig zijn met aanraking, duidelijk en luid praten, tekenen van hallucinaties herkennen, wanen niet ontkennen, competitie-element vermijden, waardering uitspreken, lage EE (expressed emotion) behouden, en doelen op korte termijn stellen.**Incontinentie**Q34: Wat zijn de verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie?A34: Verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie zijn signalering, bespreekbaar maken, katheter inbrengen, goede plashouding, blaastraining, bekkenbodemspieroefeningen, medicatie toedienen, en eventueel chirurgische behandelingen zoals netjes of implantaten.**Voeding**Q35: Wat zijn de functies van vetten?A35: Vetten leveren energie, beschermen organen, bevorderen de werking van ogen, hersenen en spieren, leveren vitamines (E, A, D), en bevatten essentiële vetzuren zoals linolzuur en alfalinoleenzuur.Q36: Wat zijn niet verteerbare polysachariden en hun functies?A36: Niet verteerbare polysachariden zijn voedingsvezels die niet door het maag-darmkanaal worden verteerd. Ze bevorderen een goede spijsvertering, zorgen voor een verzadigd gevoel, verminderen het risico op hart- en vaatziekten, diabetes type 2 en darmkanker, en worden door bacteriën in de dikke darm gefermenteerd.**Cultuur**Q37: Wat is het Sunrise Model van Leininger?A37: Het Sunrise Model van Leininger richt zich op de verschillen en overeenkomsten in overtuigingen, waarden en levenspatronen tussen culturen. Het doel is het verlenen van cultureel congruente, betekenisvolle en heilzame zorgverlening.Q38: Wat zijn de cultuurdimensies van Hofstede?A38: De cultuurdimensies van Hofstede zijn machtsafstand, masculiniteit-femininiteit, individualisme-collectivisme, onzekerheidsvermijding, langetermijngerichtheid-kortetermijngerichtheid, en hedonisme-soberheid.**Palliatieve zorg**Q39: Wat zijn de vier fasen van palliatieve zorg?A39: De vier fasen van palliatieve zorg zijn ziektegerichte palliatie, symptoomgerichte palliatie, palliatie in de stervensfase, en nazorg.Q40: Wat is proactieve zorgplanning?A40: Proactieve zorgplanning is het proces van vooruit denken, plannen en organiseren van zorgwensen en -behoeften, zodat de zorg afgestemd kan worden op persoonlijke wensen, waarden en behoeften. Het omvat gesprekken over huidige en toekomstige levensdoelen en keuzes.**OMAHA**Q41: Wat zijn de zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha?A41: De zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha zijn gegevens verzamelen en onderzoeken, aandachtsgebieden vaststellen, stand van zaken per gebied meten, actie plannen en uitvoeren, stand van zaken tussentijds/einde zorg meten, en evalueren op elk gebied.Q42: Wat zijn de vier domeinen van Omaha System?A42: De vier domeinen van Omaha System zijn omgevingsdomein, psychosociaal domein, fysiologisch domein, en gezondheidsgerelateerd gedragsdomein.**NSM**Q43: Wat zijn de vijf variabelen van het NSM?A43: De vijf variabelen van het NSM zijn psychologisch, sociaal-cultureel, ontwikkelingsbepaald, spiritueel, en fysiologisch.Q44: Wat is een PES in het NSM?A44: Een PES in het NSM is een probleemstelling bestaande uit Probleem, Ethiologie (oorzaak), en Symptomen.**Revalidatie**Q45: Wat zijn de verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA?A45: Verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA zijn vroege diagnose, preventie en vroegsignalering van complicaties, controle van vitale functies en neurologische symptomen, bijhouden van een bloedglucosedagcurve, sliktest uitvoeren, multidisciplinaire samenwerking, en voorlichting en hulp bij het aanpakken van risicofactoren.**Klinisch redeneren**Q46: Wat is de EWS-score?A46: De EWS-score (Early Warning Score) gebeurt aan de hand van de ABCDE-methode. Hoe hoger de patiënt scoort op de vitale functies, hoe groter de bedreiging. Bij een score van meer dan 3 moet de arts worden gewaarschuwd.Q47: Wat is de SBARR-methode?A47: De SBARR-methode staat voor Situation, Background, Assessment, Recommendation, en Response. Het is een gestructureerde manier van communiceren in de gezondheidszorg.**DM en technologie**Q48: Wat is een continu glucose meter?A48: Een continu glucose meter (glucosesensor) meet om de paar minuten de bloedsuiker via een naaldje dat de bloedsuiker meet in het vocht onder de huid. Het geeft een seintje bij te hoge of te lage bloedsuikerwaarden.Q49: Wat is de Freestyle Libre sensor?A49: De Freestyle Libre sensor meet de glucosewaarden zonder vingerprik. De sensor wordt op de achterkant van de bovenarm geplaatst en meet automatisch de glucosewaarde in het interstitiële vocht. De waarde wordt zichtbaar op een reader en app.**Mantelzorg**Q50: Wat is de Caregiver Strain Index?A50: De Caregiver Strain Index is een vragenlijst waarmee overbelasting door mantelzorg gemeten kan worden. Scores worden ingedeeld in rood (11-13 keer “ja”, zeer zwaar belast), oranje (7-10 keer “ja”, overbelast), en groen (0-6 keer “ja”,
%1 Oefenvragen en Antwoorden over Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg Verpleegkunde Viaa %2%3 Deze set van 64 oefenvragen en antwoorden is ontworpen om je te helpen bij het bestuderen van de Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg voor Verpleegkunde aan Viaa. De vragen beslaan verschillende onderwerpen zoals medisch, voeding, ethiek, en verpleegtechnische vaardigheden. Elke vraag begint met Q[cijfer] en elk antwoord met A[cijfer]. %4**Medisch**Q1: Wat zijn de symptomen van Diabetes Mellitus?A1: De symptomen van Diabetes Mellitus zijn veel plassen, onlesbare dorst, onverklaarbaar gewichtsverlies, algehele zwakte en vermoeidheid, tintelingen en gevoelloosheid in handen, benen of voeten, en andere mogelijke symptomen zoals oogklachten, slecht genezende wondjes, kortademigheid, droge huid, doorlopend honger, seksuele problemen, smaakstoornissen, en soms splinterbloedingen onder de nagel.Q2: Wat zijn de oorzaken van Diabetes Mellitus type 2?A2: De oorzaken van Diabetes Mellitus type 2 zijn erfelijke aanleg, (ernstig) overgewicht, te weinig bewegen, roken, en voeding. Een gezonde leefstijl kan helpen om diabetes type 2 te voorkomen.Q3: Hoe wordt de diagnose Diabetes Mellitus type 2 gesteld?A3: De diagnose Diabetes Mellitus type 2 wordt gesteld door het bepalen van het glucosegehalte in het bloedplasma. Dit gebeurt meestal met een vingerprik en een draagbare glucosemeter. Criteria zijn twee nuchtere plasmaglucosewaarden gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger op twee verschillende dagen, een nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger in combinatie met hyperglykemische klachten, of een niet-nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 11,1 mmol/l of hoger in combinatie met genoemde symptomen.**Ouderen**Q4: Wat zijn de veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen die consequenties hebben voor de farmacokinetiek en -dynamiek?A4: Veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen zijn verminderde lever- en niercapaciteit, verhoogd vetpercentage en verminderde spiermassa. Deze veranderingen beïnvloeden de afbraak en afscheiding van medicatie, en medicijnen blijven langer in het vetweefsel zitten.Q5: Wat is polyfarmacie en waarom is het een probleem bij ouderen?A5: Polyfarmacie is het gedurende langere tijd gebruiken van vijf of meer verschillende soorten geneesmiddelen tegelijk. Het is een probleem bij ouderen omdat het risico op interacties en bijwerkingen groter is, en omdat ouderen extra gevoelig zijn voor de schadelijke effecten van medicijnen.**COPD**Q6: Wat zijn de oorzaken en symptomen van COPD?A6: Oorzaken van COPD zijn schadelijke stoffen zoals roken en genetische afwijkingen. Symptomen zijn hypersecretie van mucus, littekenvorming luchtwegen, dilatie en destructie van alveoli, en ontstekingsreacties in de longslagaders. Dit leidt tot hoesten, moeite met uitademen, benauwdheid, en hypertensie in de longcirculatie.Q7: Wat is het verschil tussen COPD en Astma?A7: COPD wordt voornamelijk veroorzaakt door roken en hogere leeftijd, heeft een per definitie irreversibele luchtwegobstructie, en is relatief ongevoelig voor corticosteroïden. Astma daarentegen wordt vaak veroorzaakt door atopie, heeft een wisselende en in de regel reversibele luchtwegobstructie, en is meestal gevoelig voor corticosteroïden.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q8: Wat is de definitie van een verstandelijke beperking?A8: Een verstandelijke beperking is een aangeboren of in de prille jeugd verkregen stoornis van de geestelijke functies en hun ontwikkelingsmogelijkheid, waarbij het verstandelijk tekort het meest opvallend is en de sociale aanpassing bemoeilijkt of onmogelijk maakt.Q9: Wat zijn de vier indelingen van verstandelijke beperkingen?A9: De vier indelingen zijn licht (ontwikkelingsleeftijd van 7 tot 12 jaar), matig (ontwikkelingsleeftijd 4-7 jaar), ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 2-4 jaar), en zeer ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 0-2 jaar).**Psychotische aandoeningen**Q10: Wat zijn hallucinaties en welke vormen bestaan er?A10: Hallucinaties zijn het waarnemen van iets dat andere personen in de omgeving niet waarnemen. Vormen zijn akoestische hallucinaties (stemmen/geluiden horen), gezichtshallucinaties (dingen of personen zien), olfactorische/reukhallucinaties (geuren ruiken), gustatoire/smaakhallucinaties (dingen proeven), en somatische/tactiele hallucinaties (iets voelen in het lichaam of op de huid).Q11: Wat is schizofrenie en welke vormen bestaan er?A11: Schizofrenie is een chronische psychotische stoornis die wordt gekenmerkt door verstoringen van gedrag, denken, emoties en waarnemingen. Vormen zijn schizoaffectieve stoornis, schizofreniforme stoornis, gedesorganiseerde schizofrenie, katatone schizofrenie, en paranoïde schizofrenie.**MS**Q12: Wat zijn de oorzaken en vormen van MS?A12: De precieze oorzaak van MS is niet helemaal duidelijk, maar het wordt gedacht dat het een auto-immuunreactie is, mogelijk uitgelokt door een virus. Vormen van MS zijn relapsing-remitting MS (RRMS), secundair progressieve MS (SPMS), milde of benigne MS, en primair progressieve MS (PPMS).Q13: Wat is de behandeling voor MS?A13: Behandeling voor MS omvat immuunmodulerende behandeling zoals interferonen en glatirameeracetaat, nieuwere medicatie zoals natalizumab of fingolimod, corticosteroïden bij exacerbaties, stoppen met roken, en niet-medicamenteuze en medicamenteuze behandelingen voor symptomen zoals depressie, spasticiteit, vermoeidheid, pijn, mictiestoornissen en obstipatie.**Urologie en Incontinentie**Q14: Wat zijn de verschillende vormen van incontinentie?A14: De verschillende vormen van incontinentie zijn urge-incontinentie, stress-incontinentie, gemengde incontinentie, overloopincontinentie/retentieblaas, reflexincontinentie, en functionele incontinentie.Q15: Wat zijn de oorzaken en symptomen van prostaathypertrofie en prostaatcarcinoom?A15: Prostaathypertrofie is goedaardig en veroorzaakt door een vergrote prostaat die de urinebuis blokkeert. Prostaatcarcinoom is kwaadaardig en kan leiden tot symptomen zoals moeite met urineren, zwakke urinestraal, en bloed in de urine.**Voeding**Q16: Wat zijn de functies van koolhydraten?A16: Koolhydraten geven het lichaam energie, vooral voor de hersenen en rode bloedcellen. Ze geven ook een zoete smaak aan voeding en bevatten voedingsvezels die nodig zijn voor een goede darmwerking.Q17: Wat zijn de functies van eiwitten?A17: Eiwitten zijn nodig voor de opbouw van cellen, vernieuwen van bestaande cellen, regelprocessen zoals enzymen en hormonen, en transport van stoffen in het bloed zoals hemoglobine.**Oncologie**Q18: Wat is de TNM-classificatie voor kanker?A18: De TNM-classificatie voor kanker bestaat uit T (Tumor, grootte en mate van doorgroei), N (Nodus, lymfeklieruitzaaiingen), en M (Metastasen, uitzaaiingen op afstand). Scores lopen van T1 tot T4, N0 tot N3, en M0 tot M1.Q19: Wat zijn de behandelopties voor kanker?A19: Behandelopties voor kanker zijn chirurgie, radiotherapie, chemotherapie, hormonale therapie, en immunotherapie. Behandeldoelen kunnen curatief, symptomatisch of palliatief zijn.**CVA en hartfalen**Q20: Wat zijn de symptomen van een CVA?A20: Symptomen van een CVA zijn plotselinge verlamming of zwakte aan één kant van het lichaam, spraakproblemen, slikstoornissen, evenwichtsproblemen, visusproblemen, verwardheid, agnosie, apraxie, afasie, neglect, bewustzijnsdaling of -verlies, en hemianopsie.Q21: Wat is het verschil tussen een herseninfarct, hersenbloeding en een TIA?A21: Een herseninfarct wordt veroorzaakt door een afsluiting van een hersenarterie, een hersenbloeding door een scheur in een hersenarterie, en een TIA is een kortdurend zuurstoftekort in een deel van de hersenen door een tijdelijke afsluiting zonder dat hersenweefsel afsterft.**Verpleegkunde**Q22: Wat is de definitie van langdurige zorg?A22: Langdurige zorg is zorg voor mensen die blijvend intensieve zorg of toezicht nodig hebben. Het is geregeld in de Wet langdurige zorg (Wlz) en wordt uitgevoerd door zorgkantoren.Q23: Wat is het Chronic Care Model van Wagner?A23: Het Chronic Care Model van Wagner propageert geïntegreerde zorg en stelt verandering voor op zes terreinen: zelfmanagementondersteuning, herontwerp van het zorgproces, besluitvorming ondersteuning, klinisch informatiesysteem, organisatie, en community of gemeenschap.**Bronchusverwijdende therapie**Q24: Wat zijn de werkingsmechanismen van SABA en LABA?A24: SABA (Short Acting Beta-receptor Agonist) zoals salbutamol stimuleert selectief de β-2-receptoren van het sympathische zenuwstelsel, waardoor het bronchiale gladde spierweefsel ontspant. LABA (Long Acting Beta-2-agonist) zoals Serevent® stimuleert de β-2-receptoren en heeft een langwerkend effect.Q25: Wat zijn de bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide®?A25: Bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide® zijn orofaryngeale candidiase, heesheid, kneuzingen, pneumonie, bronchitis, huiduitslag, hyperglykemie, dyspepsie, cataract, en verhoogde intraoculaire druk.**Geriatrie/gerontologie**Q26: Wat is het verschil tussen geriatrie en gerontologie?A26: Geriatrie is een medisch specialisme dat zich richt op ouderen met een combinatie van aandoeningen, terwijl gerontologie de wetenschap van het ouder worden is, inclusief sociale, psychologische, cognitieve en biologische aspecten.Q27: Wat zijn frailty markers bij kwetsbare ouderen?A27: Frailty markers bij kwetsbare ouderen zijn gewichtsverlies, uitputting, lage loopsnelheid, weinig fysieke activiteit, en lage knijpkracht. De aanwezigheid van drie of meer criteria indiceert kwetsbaarheid.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q28: Wat zijn de VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking?A28: De VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking zijn zeggenschap, inclusie, respect en veiligheid, persoonlijke ondersteuning, eigen keuze, behoud van relaties, ontplooiing, respect en eigenwaarde, en leven in en met de samenleving.Q29: Wat is het LACCS-principe?A29: Het LACCS-principe is gebaseerd op lichamelijk welzijn, alertheid, contact, communicatie, en stimulerende tijdsbesteding. Het doel is een goed leven voor iedereen van de EVMB doelgroep.**FACT team**Q30: Wat zijn de taken van een verpleegkundige in een FACT-team?A30: Taken van een verpleegkundige in een FACT-team zijn flexibele en assertieve behandeling en begeleiding, contact leggen met het systeem/netwerk van de patiënt, samenwerken met ketenpartners, draaien van de medicatiepoli en/of somatische poli, en werken met een shared caseload.Q31: Wat zijn de 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team?A31: De 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team zijn Cure, Care, Crisisinterventie, Community support, Cliëntdeskundigheid ondersteunen, Controle, en Check.**Psychiatrie**Q32: Wat zijn gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen?A32: Gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen zijn familiegesprekken, psycho-educatie, therapie voor familie en/of naasten, en interventies gericht op terugvalpreventie en het versterken van sociale steun.Q33: Wat zijn aandachtspunten in het contact met zorgvragers met psychotische aandoeningen?A33: Aandachtspunten zijn ondersteunen bij activiteiten, vertrouwen opbouwen, helpen oriënteren, voorzichtig zijn met aanraking, duidelijk en luid praten, tekenen van hallucinaties herkennen, wanen niet ontkennen, competitie-element vermijden, waardering uitspreken, lage EE (expressed emotion) behouden, en doelen op korte termijn stellen.**Incontinentie**Q34: Wat zijn de verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie?A34: Verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie zijn signalering, bespreekbaar maken, katheter inbrengen, goede plashouding, blaastraining, bekkenbodemspieroefeningen, medicatie toedienen, en eventueel chirurgische behandelingen zoals netjes of implantaten.**Voeding**Q35: Wat zijn de functies van vetten?A35: Vetten leveren energie, beschermen organen, bevorderen de werking van ogen, hersenen en spieren, leveren vitamines (E, A, D), en bevatten essentiële vetzuren zoals linolzuur en alfalinoleenzuur.Q36: Wat zijn niet verteerbare polysachariden en hun functies?A36: Niet verteerbare polysachariden zijn voedingsvezels die niet door het maag-darmkanaal worden verteerd. Ze bevorderen een goede spijsvertering, zorgen voor een verzadigd gevoel, verminderen het risico op hart- en vaatziekten, diabetes type 2 en darmkanker, en worden door bacteriën in de dikke darm gefermenteerd.**Cultuur**Q37: Wat is het Sunrise Model van Leininger?A37: Het Sunrise Model van Leininger richt zich op de verschillen en overeenkomsten in overtuigingen, waarden en levenspatronen tussen culturen. Het doel is het verlenen van cultureel congruente, betekenisvolle en heilzame zorgverlening.Q38: Wat zijn de cultuurdimensies van Hofstede?A38: De cultuurdimensies van Hofstede zijn machtsafstand, masculiniteit-femininiteit, individualisme-collectivisme, onzekerheidsvermijding, langetermijngerichtheid-kortetermijngerichtheid, en hedonisme-soberheid.**Palliatieve zorg**Q39: Wat zijn de vier fasen van palliatieve zorg?A39: De vier fasen van palliatieve zorg zijn ziektegerichte palliatie, symptoomgerichte palliatie, palliatie in de stervensfase, en nazorg.Q40: Wat is proactieve zorgplanning?A40: Proactieve zorgplanning is het proces van vooruit denken, plannen en organiseren van zorgwensen en -behoeften, zodat de zorg afgestemd kan worden op persoonlijke wensen, waarden en behoeften. Het omvat gesprekken over huidige en toekomstige levensdoelen en keuzes.**OMAHA**Q41: Wat zijn de zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha?A41: De zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha zijn gegevens verzamelen en onderzoeken, aandachtsgebieden vaststellen, stand van zaken per gebied meten, actie plannen en uitvoeren, stand van zaken tussentijds/einde zorg meten, en evalueren op elk gebied.Q42: Wat zijn de vier domeinen van Omaha System?A42: De vier domeinen van Omaha System zijn omgevingsdomein, psychosociaal domein, fysiologisch domein, en gezondheidsgerelateerd gedragsdomein.**NSM**Q43: Wat zijn de vijf variabelen van het NSM?A43: De vijf variabelen van het NSM zijn psychologisch, sociaal-cultureel, ontwikkelingsbepaald, spiritueel, en fysiologisch.Q44: Wat is een PES in het NSM?A44: Een PES in het NSM is een probleemstelling bestaande uit Probleem, Ethiologie (oorzaak), en Symptomen.**Revalidatie**Q45: Wat zijn de verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA?A45: Verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA zijn vroege diagnose, preventie en vroegsignalering van complicaties, controle van vitale functies en neurologische symptomen, bijhouden van een bloedglucosedagcurve, sliktest uitvoeren, multidisciplinaire samenwerking, en voorlichting en hulp bij het aanpakken van risicofactoren.**Klinisch redeneren**Q46: Wat is de EWS-score?A46: De EWS-score (Early Warning Score) gebeurt aan de hand van de ABCDE-methode. Hoe hoger de patiënt scoort op de vitale functies, hoe groter de bedreiging. Bij een score van meer dan 3 moet de arts worden gewaarschuwd.Q47: Wat is de SBARR-methode?A47: De SBARR-methode staat voor Situation, Background, Assessment, Recommendation, en Response. Het is een gestructureerde manier van communiceren in de gezondheidszorg.**DM en technologie**Q48: Wat is een continu glucose meter?A48: Een continu glucose meter (glucosesensor) meet om de paar minuten de bloedsuiker via een naaldje dat de bloedsuiker meet in het vocht onder de huid. Het geeft een seintje bij te hoge of te lage bloedsuikerwaarden.Q49: Wat is de Freestyle Libre sensor?A49: De Freestyle Libre sensor meet de glucosewaarden zonder vingerprik. De sensor wordt op de achterkant van de bovenarm geplaatst en meet automatisch de glucosewaarde in het interstitiële vocht. De waarde wordt zichtbaar op een reader en app.**Mantelzorg**Q50: Wat is de Caregiver Strain Index?A50: De Caregiver Strain Index is een vragenlijst waarmee overbelasting door mantelzorg gemeten kan worden. Scores worden ingedeeld in rood (11-13 keer “ja”, zeer zwaar belast), oranje (7-10 keer “ja”, overbelast), en groen (0-6 keer “ja”,
%1 Oefenvragen en Antwoorden over Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg Verpleegkunde Viaa %2%3 Deze set van 64 oefenvragen en antwoorden is ontworpen om je te helpen bij het bestuderen van de Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg voor Verpleegkunde aan Viaa. De vragen beslaan verschillende onderwerpen zoals medisch, voeding, ethiek, en verpleegtechnische vaardigheden. Elke vraag begint met Q[cijfer] en elk antwoord met A[cijfer]. %4**Medisch**Q1: Wat zijn de symptomen van Diabetes Mellitus?A1: De symptomen van Diabetes Mellitus zijn veel plassen, onlesbare dorst, onverklaarbaar gewichtsverlies, algehele zwakte en vermoeidheid, tintelingen en gevoelloosheid in handen, benen of voeten, en andere mogelijke symptomen zoals oogklachten, slecht genezende wondjes, kortademigheid, droge huid, doorlopend honger, seksuele problemen, smaakstoornissen, en soms splinterbloedingen onder de nagel.Q2: Wat zijn de oorzaken van Diabetes Mellitus type 2?A2: De oorzaken van Diabetes Mellitus type 2 zijn erfelijke aanleg, (ernstig) overgewicht, te weinig bewegen, roken, en voeding. Een gezonde leefstijl kan helpen om diabetes type 2 te voorkomen.Q3: Hoe wordt de diagnose Diabetes Mellitus type 2 gesteld?A3: De diagnose Diabetes Mellitus type 2 wordt gesteld door het bepalen van het glucosegehalte in het bloedplasma. Dit gebeurt meestal met een vingerprik en een draagbare glucosemeter. Criteria zijn twee nuchtere plasmaglucosewaarden gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger op twee verschillende dagen, een nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger in combinatie met hyperglykemische klachten, of een niet-nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 11,1 mmol/l of hoger in combinatie met genoemde symptomen.**Ouderen**Q4: Wat zijn de veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen die consequenties hebben voor de farmacokinetiek en -dynamiek?A4: Veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen zijn verminderde lever- en niercapaciteit, verhoogd vetpercentage en verminderde spiermassa. Deze veranderingen beïnvloeden de afbraak en afscheiding van medicatie, en medicijnen blijven langer in het vetweefsel zitten.Q5: Wat is polyfarmacie en waarom is het een probleem bij ouderen?A5: Polyfarmacie is het gedurende langere tijd gebruiken van vijf of meer verschillende soorten geneesmiddelen tegelijk. Het is een probleem bij ouderen omdat het risico op interacties en bijwerkingen groter is, en omdat ouderen extra gevoelig zijn voor de schadelijke effecten van medicijnen.**COPD**Q6: Wat zijn de oorzaken en symptomen van COPD?A6: Oorzaken van COPD zijn schadelijke stoffen zoals roken en genetische afwijkingen. Symptomen zijn hypersecretie van mucus, littekenvorming luchtwegen, dilatie en destructie van alveoli, en ontstekingsreacties in de longslagaders. Dit leidt tot hoesten, moeite met uitademen, benauwdheid, en hypertensie in de longcirculatie.Q7: Wat is het verschil tussen COPD en Astma?A7: COPD wordt voornamelijk veroorzaakt door roken en hogere leeftijd, heeft een per definitie irreversibele luchtwegobstructie, en is relatief ongevoelig voor corticosteroïden. Astma daarentegen wordt vaak veroorzaakt door atopie, heeft een wisselende en in de regel reversibele luchtwegobstructie, en is meestal gevoelig voor corticosteroïden.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q8: Wat is de definitie van een verstandelijke beperking?A8: Een verstandelijke beperking is een aangeboren of in de prille jeugd verkregen stoornis van de geestelijke functies en hun ontwikkelingsmogelijkheid, waarbij het verstandelijk tekort het meest opvallend is en de sociale aanpassing bemoeilijkt of onmogelijk maakt.Q9: Wat zijn de vier indelingen van verstandelijke beperkingen?A9: De vier indelingen zijn licht (ontwikkelingsleeftijd van 7 tot 12 jaar), matig (ontwikkelingsleeftijd 4-7 jaar), ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 2-4 jaar), en zeer ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 0-2 jaar).**Psychotische aandoeningen**Q10: Wat zijn hallucinaties en welke vormen bestaan er?A10: Hallucinaties zijn het waarnemen van iets dat andere personen in de omgeving niet waarnemen. Vormen zijn akoestische hallucinaties (stemmen/geluiden horen), gezichtshallucinaties (dingen of personen zien), olfactorische/reukhallucinaties (geuren ruiken), gustatoire/smaakhallucinaties (dingen proeven), en somatische/tactiele hallucinaties (iets voelen in het lichaam of op de huid).Q11: Wat is schizofrenie en welke vormen bestaan er?A11: Schizofrenie is een chronische psychotische stoornis die wordt gekenmerkt door verstoringen van gedrag, denken, emoties en waarnemingen. Vormen zijn schizoaffectieve stoornis, schizofreniforme stoornis, gedesorganiseerde schizofrenie, katatone schizofrenie, en paranoïde schizofrenie.**MS**Q12: Wat zijn de oorzaken en vormen van MS?A12: De precieze oorzaak van MS is niet helemaal duidelijk, maar het wordt gedacht dat het een auto-immuunreactie is, mogelijk uitgelokt door een virus. Vormen van MS zijn relapsing-remitting MS (RRMS), secundair progressieve MS (SPMS), milde of benigne MS, en primair progressieve MS (PPMS).Q13: Wat is de behandeling voor MS?A13: Behandeling voor MS omvat immuunmodulerende behandeling zoals interferonen en glatirameeracetaat, nieuwere medicatie zoals natalizumab of fingolimod, corticosteroïden bij exacerbaties, stoppen met roken, en niet-medicamenteuze en medicamenteuze behandelingen voor symptomen zoals depressie, spasticiteit, vermoeidheid, pijn, mictiestoornissen en obstipatie.**Urologie en Incontinentie**Q14: Wat zijn de verschillende vormen van incontinentie?A14: De verschillende vormen van incontinentie zijn urge-incontinentie, stress-incontinentie, gemengde incontinentie, overloopincontinentie/retentieblaas, reflexincontinentie, en functionele incontinentie.Q15: Wat zijn de oorzaken en symptomen van prostaathypertrofie en prostaatcarcinoom?A15: Prostaathypertrofie is goedaardig en veroorzaakt door een vergrote prostaat die de urinebuis blokkeert. Prostaatcarcinoom is kwaadaardig en kan leiden tot symptomen zoals moeite met urineren, zwakke urinestraal, en bloed in de urine.**Voeding**Q16: Wat zijn de functies van koolhydraten?A16: Koolhydraten geven het lichaam energie, vooral voor de hersenen en rode bloedcellen. Ze geven ook een zoete smaak aan voeding en bevatten voedingsvezels die nodig zijn voor een goede darmwerking.Q17: Wat zijn de functies van eiwitten?A17: Eiwitten zijn nodig voor de opbouw van cellen, vernieuwen van bestaande cellen, regelprocessen zoals enzymen en hormonen, en transport van stoffen in het bloed zoals hemoglobine.**Oncologie**Q18: Wat is de TNM-classificatie voor kanker?A18: De TNM-classificatie voor kanker bestaat uit T (Tumor, grootte en mate van doorgroei), N (Nodus, lymfeklieruitzaaiingen), en M (Metastasen, uitzaaiingen op afstand). Scores lopen van T1 tot T4, N0 tot N3, en M0 tot M1.Q19: Wat zijn de behandelopties voor kanker?A19: Behandelopties voor kanker zijn chirurgie, radiotherapie, chemotherapie, hormonale therapie, en immunotherapie. Behandeldoelen kunnen curatief, symptomatisch of palliatief zijn.**CVA en hartfalen**Q20: Wat zijn de symptomen van een CVA?A20: Symptomen van een CVA zijn plotselinge verlamming of zwakte aan één kant van het lichaam, spraakproblemen, slikstoornissen, evenwichtsproblemen, visusproblemen, verwardheid, agnosie, apraxie, afasie, neglect, bewustzijnsdaling of -verlies, en hemianopsie.Q21: Wat is het verschil tussen een herseninfarct, hersenbloeding en een TIA?A21: Een herseninfarct wordt veroorzaakt door een afsluiting van een hersenarterie, een hersenbloeding door een scheur in een hersenarterie, en een TIA is een kortdurend zuurstoftekort in een deel van de hersenen door een tijdelijke afsluiting zonder dat hersenweefsel afsterft.**Verpleegkunde**Q22: Wat is de definitie van langdurige zorg?A22: Langdurige zorg is zorg voor mensen die blijvend intensieve zorg of toezicht nodig hebben. Het is geregeld in de Wet langdurige zorg (Wlz) en wordt uitgevoerd door zorgkantoren.Q23: Wat is het Chronic Care Model van Wagner?A23: Het Chronic Care Model van Wagner propageert geïntegreerde zorg en stelt verandering voor op zes terreinen: zelfmanagementondersteuning, herontwerp van het zorgproces, besluitvorming ondersteuning, klinisch informatiesysteem, organisatie, en community of gemeenschap.**Bronchusverwijdende therapie**Q24: Wat zijn de werkingsmechanismen van SABA en LABA?A24: SABA (Short Acting Beta-receptor Agonist) zoals salbutamol stimuleert selectief de β-2-receptoren van het sympathische zenuwstelsel, waardoor het bronchiale gladde spierweefsel ontspant. LABA (Long Acting Beta-2-agonist) zoals Serevent® stimuleert de β-2-receptoren en heeft een langwerkend effect.Q25: Wat zijn de bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide®?A25: Bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide® zijn orofaryngeale candidiase, heesheid, kneuzingen, pneumonie, bronchitis, huiduitslag, hyperglykemie, dyspepsie, cataract, en verhoogde intraoculaire druk.**Geriatrie/gerontologie**Q26: Wat is het verschil tussen geriatrie en gerontologie?A26: Geriatrie is een medisch specialisme dat zich richt op ouderen met een combinatie van aandoeningen, terwijl gerontologie de wetenschap van het ouder worden is, inclusief sociale, psychologische, cognitieve en biologische aspecten.Q27: Wat zijn frailty markers bij kwetsbare ouderen?A27: Frailty markers bij kwetsbare ouderen zijn gewichtsverlies, uitputting, lage loopsnelheid, weinig fysieke activiteit, en lage knijpkracht. De aanwezigheid van drie of meer criteria indiceert kwetsbaarheid.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q28: Wat zijn de VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking?A28: De VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking zijn zeggenschap, inclusie, respect en veiligheid, persoonlijke ondersteuning, eigen keuze, behoud van relaties, ontplooiing, respect en eigenwaarde, en leven in en met de samenleving.Q29: Wat is het LACCS-principe?A29: Het LACCS-principe is gebaseerd op lichamelijk welzijn, alertheid, contact, communicatie, en stimulerende tijdsbesteding. Het doel is een goed leven voor iedereen van de EVMB doelgroep.**FACT team**Q30: Wat zijn de taken van een verpleegkundige in een FACT-team?A30: Taken van een verpleegkundige in een FACT-team zijn flexibele en assertieve behandeling en begeleiding, contact leggen met het systeem/netwerk van de patiënt, samenwerken met ketenpartners, draaien van de medicatiepoli en/of somatische poli, en werken met een shared caseload.Q31: Wat zijn de 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team?A31: De 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team zijn Cure, Care, Crisisinterventie, Community support, Cliëntdeskundigheid ondersteunen, Controle, en Check.**Psychiatrie**Q32: Wat zijn gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen?A32: Gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen zijn familiegesprekken, psycho-educatie, therapie voor familie en/of naasten, en interventies gericht op terugvalpreventie en het versterken van sociale steun.Q33: Wat zijn aandachtspunten in het contact met zorgvragers met psychotische aandoeningen?A33: Aandachtspunten zijn ondersteunen bij activiteiten, vertrouwen opbouwen, helpen oriënteren, voorzichtig zijn met aanraking, duidelijk en luid praten, tekenen van hallucinaties herkennen, wanen niet ontkennen, competitie-element vermijden, waardering uitspreken, lage EE (expressed emotion) behouden, en doelen op korte termijn stellen.**Incontinentie**Q34: Wat zijn de verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie?A34: Verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie zijn signalering, bespreekbaar maken, katheter inbrengen, goede plashouding, blaastraining, bekkenbodemspieroefeningen, medicatie toedienen, en eventueel chirurgische behandelingen zoals netjes of implantaten.**Voeding**Q35: Wat zijn de functies van vetten?A35: Vetten leveren energie, beschermen organen, bevorderen de werking van ogen, hersenen en spieren, leveren vitamines (E, A, D), en bevatten essentiële vetzuren zoals linolzuur en alfalinoleenzuur.Q36: Wat zijn niet verteerbare polysachariden en hun functies?A36: Niet verteerbare polysachariden zijn voedingsvezels die niet door het maag-darmkanaal worden verteerd. Ze bevorderen een goede spijsvertering, zorgen voor een verzadigd gevoel, verminderen het risico op hart- en vaatziekten, diabetes type 2 en darmkanker, en worden door bacteriën in de dikke darm gefermenteerd.**Cultuur**Q37: Wat is het Sunrise Model van Leininger?A37: Het Sunrise Model van Leininger richt zich op de verschillen en overeenkomsten in overtuigingen, waarden en levenspatronen tussen culturen. Het doel is het verlenen van cultureel congruente, betekenisvolle en heilzame zorgverlening.Q38: Wat zijn de cultuurdimensies van Hofstede?A38: De cultuurdimensies van Hofstede zijn machtsafstand, masculiniteit-femininiteit, individualisme-collectivisme, onzekerheidsvermijding, langetermijngerichtheid-kortetermijngerichtheid, en hedonisme-soberheid.**Palliatieve zorg**Q39: Wat zijn de vier fasen van palliatieve zorg?A39: De vier fasen van palliatieve zorg zijn ziektegerichte palliatie, symptoomgerichte palliatie, palliatie in de stervensfase, en nazorg.Q40: Wat is proactieve zorgplanning?A40: Proactieve zorgplanning is het proces van vooruit denken, plannen en organiseren van zorgwensen en -behoeften, zodat de zorg afgestemd kan worden op persoonlijke wensen, waarden en behoeften. Het omvat gesprekken over huidige en toekomstige levensdoelen en keuzes.**OMAHA**Q41: Wat zijn de zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha?A41: De zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha zijn gegevens verzamelen en onderzoeken, aandachtsgebieden vaststellen, stand van zaken per gebied meten, actie plannen en uitvoeren, stand van zaken tussentijds/einde zorg meten, en evalueren op elk gebied.Q42: Wat zijn de vier domeinen van Omaha System?A42: De vier domeinen van Omaha System zijn omgevingsdomein, psychosociaal domein, fysiologisch domein, en gezondheidsgerelateerd gedragsdomein.**NSM**Q43: Wat zijn de vijf variabelen van het NSM?A43: De vijf variabelen van het NSM zijn psychologisch, sociaal-cultureel, ontwikkelingsbepaald, spiritueel, en fysiologisch.Q44: Wat is een PES in het NSM?A44: Een PES in het NSM is een probleemstelling bestaande uit Probleem, Ethiologie (oorzaak), en Symptomen.**Revalidatie**Q45: Wat zijn de verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA?A45: Verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA zijn vroege diagnose, preventie en vroegsignalering van complicaties, controle van vitale functies en neurologische symptomen, bijhouden van een bloedglucosedagcurve, sliktest uitvoeren, multidisciplinaire samenwerking, en voorlichting en hulp bij het aanpakken van risicofactoren.**Klinisch redeneren**Q46: Wat is de EWS-score?A46: De EWS-score (Early Warning Score) gebeurt aan de hand van de ABCDE-methode. Hoe hoger de patiënt scoort op de vitale functies, hoe groter de bedreiging. Bij een score van meer dan 3 moet de arts worden gewaarschuwd.Q47: Wat is de SBARR-methode?A47: De SBARR-methode staat voor Situation, Background, Assessment, Recommendation, en Response. Het is een gestructureerde manier van communiceren in de gezondheidszorg.**DM en technologie**Q48: Wat is een continu glucose meter?A48: Een continu glucose meter (glucosesensor) meet om de paar minuten de bloedsuiker via een naaldje dat de bloedsuiker meet in het vocht onder de huid. Het geeft een seintje bij te hoge of te lage bloedsuikerwaarden.Q49: Wat is de Freestyle Libre sensor?A49: De Freestyle Libre sensor meet de glucosewaarden zonder vingerprik. De sensor wordt op de achterkant van de bovenarm geplaatst en meet automatisch de glucosewaarde in het interstitiële vocht. De waarde wordt zichtbaar op een reader en app.**Mantelzorg**Q50: Wat is de Caregiver Strain Index?A50: De Caregiver Strain Index is een vragenlijst waarmee overbelasting door mantelzorg gemeten kan worden. Scores worden ingedeeld in rood (11-13 keer “ja”, zeer zwaar belast), oranje (7-10 keer “ja”, overbelast), en groen (0-6 keer “ja”,
%1 Oefenvragen en Antwoorden over Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg Verpleegkunde Viaa %2%3 Deze set van 64 oefenvragen en antwoorden is ontworpen om je te helpen bij het bestuderen van de Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg voor Verpleegkunde aan Viaa. De vragen beslaan verschillende onderwerpen zoals medisch, voeding, ethiek, en verpleegtechnische vaardigheden. Elke vraag begint met Q[cijfer] en elk antwoord met A[cijfer]. %4**Medisch**Q1: Wat zijn de symptomen van Diabetes Mellitus?A1: De symptomen van Diabetes Mellitus zijn veel plassen, onlesbare dorst, onverklaarbaar gewichtsverlies, algehele zwakte en vermoeidheid, tintelingen en gevoelloosheid in handen, benen of voeten, en andere mogelijke symptomen zoals oogklachten, slecht genezende wondjes, kortademigheid, droge huid, doorlopend honger, seksuele problemen, smaakstoornissen, en soms splinterbloedingen onder de nagel.Q2: Wat zijn de oorzaken van Diabetes Mellitus type 2?A2: De oorzaken van Diabetes Mellitus type 2 zijn erfelijke aanleg, (ernstig) overgewicht, te weinig bewegen, roken, en voeding. Een gezonde leefstijl kan helpen om diabetes type 2 te voorkomen.Q3: Hoe wordt de diagnose Diabetes Mellitus type 2 gesteld?A3: De diagnose Diabetes Mellitus type 2 wordt gesteld door het bepalen van het glucosegehalte in het bloedplasma. Dit gebeurt meestal met een vingerprik en een draagbare glucosemeter. Criteria zijn twee nuchtere plasmaglucosewaarden gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger op twee verschillende dagen, een nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger in combinatie met hyperglykemische klachten, of een niet-nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 11,1 mmol/l of hoger in combinatie met genoemde symptomen.**Ouderen**Q4: Wat zijn de veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen die consequenties hebben voor de farmacokinetiek en -dynamiek?A4: Veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen zijn verminderde lever- en niercapaciteit, verhoogd vetpercentage en verminderde spiermassa. Deze veranderingen beïnvloeden de afbraak en afscheiding van medicatie, en medicijnen blijven langer in het vetweefsel zitten.Q5: Wat is polyfarmacie en waarom is het een probleem bij ouderen?A5: Polyfarmacie is het gedurende langere tijd gebruiken van vijf of meer verschillende soorten geneesmiddelen tegelijk. Het is een probleem bij ouderen omdat het risico op interacties en bijwerkingen groter is, en omdat ouderen extra gevoelig zijn voor de schadelijke effecten van medicijnen.**COPD**Q6: Wat zijn de oorzaken en symptomen van COPD?A6: Oorzaken van COPD zijn schadelijke stoffen zoals roken en genetische afwijkingen. Symptomen zijn hypersecretie van mucus, littekenvorming luchtwegen, dilatie en destructie van alveoli, en ontstekingsreacties in de longslagaders. Dit leidt tot hoesten, moeite met uitademen, benauwdheid, en hypertensie in de longcirculatie.Q7: Wat is het verschil tussen COPD en Astma?A7: COPD wordt voornamelijk veroorzaakt door roken en hogere leeftijd, heeft een per definitie irreversibele luchtwegobstructie, en is relatief ongevoelig voor corticosteroïden. Astma daarentegen wordt vaak veroorzaakt door atopie, heeft een wisselende en in de regel reversibele luchtwegobstructie, en is meestal gevoelig voor corticosteroïden.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q8: Wat is de definitie van een verstandelijke beperking?A8: Een verstandelijke beperking is een aangeboren of in de prille jeugd verkregen stoornis van de geestelijke functies en hun ontwikkelingsmogelijkheid, waarbij het verstandelijk tekort het meest opvallend is en de sociale aanpassing bemoeilijkt of onmogelijk maakt.Q9: Wat zijn de vier indelingen van verstandelijke beperkingen?A9: De vier indelingen zijn licht (ontwikkelingsleeftijd van 7 tot 12 jaar), matig (ontwikkelingsleeftijd 4-7 jaar), ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 2-4 jaar), en zeer ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 0-2 jaar).**Psychotische aandoeningen**Q10: Wat zijn hallucinaties en welke vormen bestaan er?A10: Hallucinaties zijn het waarnemen van iets dat andere personen in de omgeving niet waarnemen. Vormen zijn akoestische hallucinaties (stemmen/geluiden horen), gezichtshallucinaties (dingen of personen zien), olfactorische/reukhallucinaties (geuren ruiken), gustatoire/smaakhallucinaties (dingen proeven), en somatische/tactiele hallucinaties (iets voelen in het lichaam of op de huid).Q11: Wat is schizofrenie en welke vormen bestaan er?A11: Schizofrenie is een chronische psychotische stoornis die wordt gekenmerkt door verstoringen van gedrag, denken, emoties en waarnemingen. Vormen zijn schizoaffectieve stoornis, schizofreniforme stoornis, gedesorganiseerde schizofrenie, katatone schizofrenie, en paranoïde schizofrenie.**MS**Q12: Wat zijn de oorzaken en vormen van MS?A12: De precieze oorzaak van MS is niet helemaal duidelijk, maar het wordt gedacht dat het een auto-immuunreactie is, mogelijk uitgelokt door een virus. Vormen van MS zijn relapsing-remitting MS (RRMS), secundair progressieve MS (SPMS), milde of benigne MS, en primair progressieve MS (PPMS).Q13: Wat is de behandeling voor MS?A13: Behandeling voor MS omvat immuunmodulerende behandeling zoals interferonen en glatirameeracetaat, nieuwere medicatie zoals natalizumab of fingolimod, corticosteroïden bij exacerbaties, stoppen met roken, en niet-medicamenteuze en medicamenteuze behandelingen voor symptomen zoals depressie, spasticiteit, vermoeidheid, pijn, mictiestoornissen en obstipatie.**Urologie en Incontinentie**Q14: Wat zijn de verschillende vormen van incontinentie?A14: De verschillende vormen van incontinentie zijn urge-incontinentie, stress-incontinentie, gemengde incontinentie, overloopincontinentie/retentieblaas, reflexincontinentie, en functionele incontinentie.Q15: Wat zijn de oorzaken en symptomen van prostaathypertrofie en prostaatcarcinoom?A15: Prostaathypertrofie is goedaardig en veroorzaakt door een vergrote prostaat die de urinebuis blokkeert. Prostaatcarcinoom is kwaadaardig en kan leiden tot symptomen zoals moeite met urineren, zwakke urinestraal, en bloed in de urine.**Voeding**Q16: Wat zijn de functies van koolhydraten?A16: Koolhydraten geven het lichaam energie, vooral voor de hersenen en rode bloedcellen. Ze geven ook een zoete smaak aan voeding en bevatten voedingsvezels die nodig zijn voor een goede darmwerking.Q17: Wat zijn de functies van eiwitten?A17: Eiwitten zijn nodig voor de opbouw van cellen, vernieuwen van bestaande cellen, regelprocessen zoals enzymen en hormonen, en transport van stoffen in het bloed zoals hemoglobine.**Oncologie**Q18: Wat is de TNM-classificatie voor kanker?A18: De TNM-classificatie voor kanker bestaat uit T (Tumor, grootte en mate van doorgroei), N (Nodus, lymfeklieruitzaaiingen), en M (Metastasen, uitzaaiingen op afstand). Scores lopen van T1 tot T4, N0 tot N3, en M0 tot M1.Q19: Wat zijn de behandelopties voor kanker?A19: Behandelopties voor kanker zijn chirurgie, radiotherapie, chemotherapie, hormonale therapie, en immunotherapie. Behandeldoelen kunnen curatief, symptomatisch of palliatief zijn.**CVA en hartfalen**Q20: Wat zijn de symptomen van een CVA?A20: Symptomen van een CVA zijn plotselinge verlamming of zwakte aan één kant van het lichaam, spraakproblemen, slikstoornissen, evenwichtsproblemen, visusproblemen, verwardheid, agnosie, apraxie, afasie, neglect, bewustzijnsdaling of -verlies, en hemianopsie.Q21: Wat is het verschil tussen een herseninfarct, hersenbloeding en een TIA?A21: Een herseninfarct wordt veroorzaakt door een afsluiting van een hersenarterie, een hersenbloeding door een scheur in een hersenarterie, en een TIA is een kortdurend zuurstoftekort in een deel van de hersenen door een tijdelijke afsluiting zonder dat hersenweefsel afsterft.**Verpleegkunde**Q22: Wat is de definitie van langdurige zorg?A22: Langdurige zorg is zorg voor mensen die blijvend intensieve zorg of toezicht nodig hebben. Het is geregeld in de Wet langdurige zorg (Wlz) en wordt uitgevoerd door zorgkantoren.Q23: Wat is het Chronic Care Model van Wagner?A23: Het Chronic Care Model van Wagner propageert geïntegreerde zorg en stelt verandering voor op zes terreinen: zelfmanagementondersteuning, herontwerp van het zorgproces, besluitvorming ondersteuning, klinisch informatiesysteem, organisatie, en community of gemeenschap.**Bronchusverwijdende therapie**Q24: Wat zijn de werkingsmechanismen van SABA en LABA?A24: SABA (Short Acting Beta-receptor Agonist) zoals salbutamol stimuleert selectief de β-2-receptoren van het sympathische zenuwstelsel, waardoor het bronchiale gladde spierweefsel ontspant. LABA (Long Acting Beta-2-agonist) zoals Serevent® stimuleert de β-2-receptoren en heeft een langwerkend effect.Q25: Wat zijn de bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide®?A25: Bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide® zijn orofaryngeale candidiase, heesheid, kneuzingen, pneumonie, bronchitis, huiduitslag, hyperglykemie, dyspepsie, cataract, en verhoogde intraoculaire druk.**Geriatrie/gerontologie**Q26: Wat is het verschil tussen geriatrie en gerontologie?A26: Geriatrie is een medisch specialisme dat zich richt op ouderen met een combinatie van aandoeningen, terwijl gerontologie de wetenschap van het ouder worden is, inclusief sociale, psychologische, cognitieve en biologische aspecten.Q27: Wat zijn frailty markers bij kwetsbare ouderen?A27: Frailty markers bij kwetsbare ouderen zijn gewichtsverlies, uitputting, lage loopsnelheid, weinig fysieke activiteit, en lage knijpkracht. De aanwezigheid van drie of meer criteria indiceert kwetsbaarheid.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q28: Wat zijn de VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking?A28: De VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking zijn zeggenschap, inclusie, respect en veiligheid, persoonlijke ondersteuning, eigen keuze, behoud van relaties, ontplooiing, respect en eigenwaarde, en leven in en met de samenleving.Q29: Wat is het LACCS-principe?A29: Het LACCS-principe is gebaseerd op lichamelijk welzijn, alertheid, contact, communicatie, en stimulerende tijdsbesteding. Het doel is een goed leven voor iedereen van de EVMB doelgroep.**FACT team**Q30: Wat zijn de taken van een verpleegkundige in een FACT-team?A30: Taken van een verpleegkundige in een FACT-team zijn flexibele en assertieve behandeling en begeleiding, contact leggen met het systeem/netwerk van de patiënt, samenwerken met ketenpartners, draaien van de medicatiepoli en/of somatische poli, en werken met een shared caseload.Q31: Wat zijn de 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team?A31: De 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team zijn Cure, Care, Crisisinterventie, Community support, Cliëntdeskundigheid ondersteunen, Controle, en Check.**Psychiatrie**Q32: Wat zijn gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen?A32: Gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen zijn familiegesprekken, psycho-educatie, therapie voor familie en/of naasten, en interventies gericht op terugvalpreventie en het versterken van sociale steun.Q33: Wat zijn aandachtspunten in het contact met zorgvragers met psychotische aandoeningen?A33: Aandachtspunten zijn ondersteunen bij activiteiten, vertrouwen opbouwen, helpen oriënteren, voorzichtig zijn met aanraking, duidelijk en luid praten, tekenen van hallucinaties herkennen, wanen niet ontkennen, competitie-element vermijden, waardering uitspreken, lage EE (expressed emotion) behouden, en doelen op korte termijn stellen.**Incontinentie**Q34: Wat zijn de verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie?A34: Verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie zijn signalering, bespreekbaar maken, katheter inbrengen, goede plashouding, blaastraining, bekkenbodemspieroefeningen, medicatie toedienen, en eventueel chirurgische behandelingen zoals netjes of implantaten.**Voeding**Q35: Wat zijn de functies van vetten?A35: Vetten leveren energie, beschermen organen, bevorderen de werking van ogen, hersenen en spieren, leveren vitamines (E, A, D), en bevatten essentiële vetzuren zoals linolzuur en alfalinoleenzuur.Q36: Wat zijn niet verteerbare polysachariden en hun functies?A36: Niet verteerbare polysachariden zijn voedingsvezels die niet door het maag-darmkanaal worden verteerd. Ze bevorderen een goede spijsvertering, zorgen voor een verzadigd gevoel, verminderen het risico op hart- en vaatziekten, diabetes type 2 en darmkanker, en worden door bacteriën in de dikke darm gefermenteerd.**Cultuur**Q37: Wat is het Sunrise Model van Leininger?A37: Het Sunrise Model van Leininger richt zich op de verschillen en overeenkomsten in overtuigingen, waarden en levenspatronen tussen culturen. Het doel is het verlenen van cultureel congruente, betekenisvolle en heilzame zorgverlening.Q38: Wat zijn de cultuurdimensies van Hofstede?A38: De cultuurdimensies van Hofstede zijn machtsafstand, masculiniteit-femininiteit, individualisme-collectivisme, onzekerheidsvermijding, langetermijngerichtheid-kortetermijngerichtheid, en hedonisme-soberheid.**Palliatieve zorg**Q39: Wat zijn de vier fasen van palliatieve zorg?A39: De vier fasen van palliatieve zorg zijn ziektegerichte palliatie, symptoomgerichte palliatie, palliatie in de stervensfase, en nazorg.Q40: Wat is proactieve zorgplanning?A40: Proactieve zorgplanning is het proces van vooruit denken, plannen en organiseren van zorgwensen en -behoeften, zodat de zorg afgestemd kan worden op persoonlijke wensen, waarden en behoeften. Het omvat gesprekken over huidige en toekomstige levensdoelen en keuzes.**OMAHA**Q41: Wat zijn de zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha?A41: De zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha zijn gegevens verzamelen en onderzoeken, aandachtsgebieden vaststellen, stand van zaken per gebied meten, actie plannen en uitvoeren, stand van zaken tussentijds/einde zorg meten, en evalueren op elk gebied.Q42: Wat zijn de vier domeinen van Omaha System?A42: De vier domeinen van Omaha System zijn omgevingsdomein, psychosociaal domein, fysiologisch domein, en gezondheidsgerelateerd gedragsdomein.**NSM**Q43: Wat zijn de vijf variabelen van het NSM?A43: De vijf variabelen van het NSM zijn psychologisch, sociaal-cultureel, ontwikkelingsbepaald, spiritueel, en fysiologisch.Q44: Wat is een PES in het NSM?A44: Een PES in het NSM is een probleemstelling bestaande uit Probleem, Ethiologie (oorzaak), en Symptomen.**Revalidatie**Q45: Wat zijn de verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA?A45: Verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA zijn vroege diagnose, preventie en vroegsignalering van complicaties, controle van vitale functies en neurologische symptomen, bijhouden van een bloedglucosedagcurve, sliktest uitvoeren, multidisciplinaire samenwerking, en voorlichting en hulp bij het aanpakken van risicofactoren.**Klinisch redeneren**Q46: Wat is de EWS-score?A46: De EWS-score (Early Warning Score) gebeurt aan de hand van de ABCDE-methode. Hoe hoger de patiënt scoort op de vitale functies, hoe groter de bedreiging. Bij een score van meer dan 3 moet de arts worden gewaarschuwd.Q47: Wat is de SBARR-methode?A47: De SBARR-methode staat voor Situation, Background, Assessment, Recommendation, en Response. Het is een gestructureerde manier van communiceren in de gezondheidszorg.**DM en technologie**Q48: Wat is een continu glucose meter?A48: Een continu glucose meter (glucosesensor) meet om de paar minuten de bloedsuiker via een naaldje dat de bloedsuiker meet in het vocht onder de huid. Het geeft een seintje bij te hoge of te lage bloedsuikerwaarden.Q49: Wat is de Freestyle Libre sensor?A49: De Freestyle Libre sensor meet de glucosewaarden zonder vingerprik. De sensor wordt op de achterkant van de bovenarm geplaatst en meet automatisch de glucosewaarde in het interstitiële vocht. De waarde wordt zichtbaar op een reader en app.**Mantelzorg**Q50: Wat is de Caregiver Strain Index?A50: De Caregiver Strain Index is een vragenlijst waarmee overbelasting door mantelzorg gemeten kan worden. Scores worden ingedeeld in rood (11-13 keer “ja”, zeer zwaar belast), oranje (7-10 keer “ja”, overbelast), en groen (0-6 keer “ja”,
%1 Oefenvragen en Antwoorden over Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg Verpleegkunde Viaa %2%3 Deze set van 64 oefenvragen en antwoorden is ontworpen om je te helpen bij het bestuderen van de Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg voor Verpleegkunde aan Viaa. De vragen beslaan verschillende onderwerpen zoals medisch, voeding, ethiek, en verpleegtechnische vaardigheden. Elke vraag begint met Q[cijfer] en elk antwoord met A[cijfer]. %4**Medisch**Q1: Wat zijn de symptomen van Diabetes Mellitus?A1: De symptomen van Diabetes Mellitus zijn veel plassen, onlesbare dorst, onverklaarbaar gewichtsverlies, algehele zwakte en vermoeidheid, tintelingen en gevoelloosheid in handen, benen of voeten, en andere mogelijke symptomen zoals oogklachten, slecht genezende wondjes, kortademigheid, droge huid, doorlopend honger, seksuele problemen, smaakstoornissen, en soms splinterbloedingen onder de nagel.Q2: Wat zijn de oorzaken van Diabetes Mellitus type 2?A2: De oorzaken van Diabetes Mellitus type 2 zijn erfelijke aanleg, (ernstig) overgewicht, te weinig bewegen, roken, en voeding. Een gezonde leefstijl kan helpen om diabetes type 2 te voorkomen.Q3: Hoe wordt de diagnose Diabetes Mellitus type 2 gesteld?A3: De diagnose Diabetes Mellitus type 2 wordt gesteld door het bepalen van het glucosegehalte in het bloedplasma. Dit gebeurt meestal met een vingerprik en een draagbare glucosemeter. Criteria zijn twee nuchtere plasmaglucosewaarden gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger op twee verschillende dagen, een nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger in combinatie met hyperglykemische klachten, of een niet-nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 11,1 mmol/l of hoger in combinatie met genoemde symptomen.**Ouderen**Q4: Wat zijn de veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen die consequenties hebben voor de farmacokinetiek en -dynamiek?A4: Veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen zijn verminderde lever- en niercapaciteit, verhoogd vetpercentage en verminderde spiermassa. Deze veranderingen beïnvloeden de afbraak en afscheiding van medicatie, en medicijnen blijven langer in het vetweefsel zitten.Q5: Wat is polyfarmacie en waarom is het een probleem bij ouderen?A5: Polyfarmacie is het gedurende langere tijd gebruiken van vijf of meer verschillende soorten geneesmiddelen tegelijk. Het is een probleem bij ouderen omdat het risico op interacties en bijwerkingen groter is, en omdat ouderen extra gevoelig zijn voor de schadelijke effecten van medicijnen.**COPD**Q6: Wat zijn de oorzaken en symptomen van COPD?A6: Oorzaken van COPD zijn schadelijke stoffen zoals roken en genetische afwijkingen. Symptomen zijn hypersecretie van mucus, littekenvorming luchtwegen, dilatie en destructie van alveoli, en ontstekingsreacties in de longslagaders. Dit leidt tot hoesten, moeite met uitademen, benauwdheid, en hypertensie in de longcirculatie.Q7: Wat is het verschil tussen COPD en Astma?A7: COPD wordt voornamelijk veroorzaakt door roken en hogere leeftijd, heeft een per definitie irreversibele luchtwegobstructie, en is relatief ongevoelig voor corticosteroïden. Astma daarentegen wordt vaak veroorzaakt door atopie, heeft een wisselende en in de regel reversibele luchtwegobstructie, en is meestal gevoelig voor corticosteroïden.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q8: Wat is de definitie van een verstandelijke beperking?A8: Een verstandelijke beperking is een aangeboren of in de prille jeugd verkregen stoornis van de geestelijke functies en hun ontwikkelingsmogelijkheid, waarbij het verstandelijk tekort het meest opvallend is en de sociale aanpassing bemoeilijkt of onmogelijk maakt.Q9: Wat zijn de vier indelingen van verstandelijke beperkingen?A9: De vier indelingen zijn licht (ontwikkelingsleeftijd van 7 tot 12 jaar), matig (ontwikkelingsleeftijd 4-7 jaar), ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 2-4 jaar), en zeer ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 0-2 jaar).**Psychotische aandoeningen**Q10: Wat zijn hallucinaties en welke vormen bestaan er?A10: Hallucinaties zijn het waarnemen van iets dat andere personen in de omgeving niet waarnemen. Vormen zijn akoestische hallucinaties (stemmen/geluiden horen), gezichtshallucinaties (dingen of personen zien), olfactorische/reukhallucinaties (geuren ruiken), gustatoire/smaakhallucinaties (dingen proeven), en somatische/tactiele hallucinaties (iets voelen in het lichaam of op de huid).Q11: Wat is schizofrenie en welke vormen bestaan er?A11: Schizofrenie is een chronische psychotische stoornis die wordt gekenmerkt door verstoringen van gedrag, denken, emoties en waarnemingen. Vormen zijn schizoaffectieve stoornis, schizofreniforme stoornis, gedesorganiseerde schizofrenie, katatone schizofrenie, en paranoïde schizofrenie.**MS**Q12: Wat zijn de oorzaken en vormen van MS?A12: De precieze oorzaak van MS is niet helemaal duidelijk, maar het wordt gedacht dat het een auto-immuunreactie is, mogelijk uitgelokt door een virus. Vormen van MS zijn relapsing-remitting MS (RRMS), secundair progressieve MS (SPMS), milde of benigne MS, en primair progressieve MS (PPMS).Q13: Wat is de behandeling voor MS?A13: Behandeling voor MS omvat immuunmodulerende behandeling zoals interferonen en glatirameeracetaat, nieuwere medicatie zoals natalizumab of fingolimod, corticosteroïden bij exacerbaties, stoppen met roken, en niet-medicamenteuze en medicamenteuze behandelingen voor symptomen zoals depressie, spasticiteit, vermoeidheid, pijn, mictiestoornissen en obstipatie.**Urologie en Incontinentie**Q14: Wat zijn de verschillende vormen van incontinentie?A14: De verschillende vormen van incontinentie zijn urge-incontinentie, stress-incontinentie, gemengde incontinentie, overloopincontinentie/retentieblaas, reflexincontinentie, en functionele incontinentie.Q15: Wat zijn de oorzaken en symptomen van prostaathypertrofie en prostaatcarcinoom?A15: Prostaathypertrofie is goedaardig en veroorzaakt door een vergrote prostaat die de urinebuis blokkeert. Prostaatcarcinoom is kwaadaardig en kan leiden tot symptomen zoals moeite met urineren, zwakke urinestraal, en bloed in de urine.**Voeding**Q16: Wat zijn de functies van koolhydraten?A16: Koolhydraten geven het lichaam energie, vooral voor de hersenen en rode bloedcellen. Ze geven ook een zoete smaak aan voeding en bevatten voedingsvezels die nodig zijn voor een goede darmwerking.Q17: Wat zijn de functies van eiwitten?A17: Eiwitten zijn nodig voor de opbouw van cellen, vernieuwen van bestaande cellen, regelprocessen zoals enzymen en hormonen, en transport van stoffen in het bloed zoals hemoglobine.**Oncologie**Q18: Wat is de TNM-classificatie voor kanker?A18: De TNM-classificatie voor kanker bestaat uit T (Tumor, grootte en mate van doorgroei), N (Nodus, lymfeklieruitzaaiingen), en M (Metastasen, uitzaaiingen op afstand). Scores lopen van T1 tot T4, N0 tot N3, en M0 tot M1.Q19: Wat zijn de behandelopties voor kanker?A19: Behandelopties voor kanker zijn chirurgie, radiotherapie, chemotherapie, hormonale therapie, en immunotherapie. Behandeldoelen kunnen curatief, symptomatisch of palliatief zijn.**CVA en hartfalen**Q20: Wat zijn de symptomen van een CVA?A20: Symptomen van een CVA zijn plotselinge verlamming of zwakte aan één kant van het lichaam, spraakproblemen, slikstoornissen, evenwichtsproblemen, visusproblemen, verwardheid, agnosie, apraxie, afasie, neglect, bewustzijnsdaling of -verlies, en hemianopsie.Q21: Wat is het verschil tussen een herseninfarct, hersenbloeding en een TIA?A21: Een herseninfarct wordt veroorzaakt door een afsluiting van een hersenarterie, een hersenbloeding door een scheur in een hersenarterie, en een TIA is een kortdurend zuurstoftekort in een deel van de hersenen door een tijdelijke afsluiting zonder dat hersenweefsel afsterft.**Verpleegkunde**Q22: Wat is de definitie van langdurige zorg?A22: Langdurige zorg is zorg voor mensen die blijvend intensieve zorg of toezicht nodig hebben. Het is geregeld in de Wet langdurige zorg (Wlz) en wordt uitgevoerd door zorgkantoren.Q23: Wat is het Chronic Care Model van Wagner?A23: Het Chronic Care Model van Wagner propageert geïntegreerde zorg en stelt verandering voor op zes terreinen: zelfmanagementondersteuning, herontwerp van het zorgproces, besluitvorming ondersteuning, klinisch informatiesysteem, organisatie, en community of gemeenschap.**Bronchusverwijdende therapie**Q24: Wat zijn de werkingsmechanismen van SABA en LABA?A24: SABA (Short Acting Beta-receptor Agonist) zoals salbutamol stimuleert selectief de β-2-receptoren van het sympathische zenuwstelsel, waardoor het bronchiale gladde spierweefsel ontspant. LABA (Long Acting Beta-2-agonist) zoals Serevent® stimuleert de β-2-receptoren en heeft een langwerkend effect.Q25: Wat zijn de bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide®?A25: Bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide® zijn orofaryngeale candidiase, heesheid, kneuzingen, pneumonie, bronchitis, huiduitslag, hyperglykemie, dyspepsie, cataract, en verhoogde intraoculaire druk.**Geriatrie/gerontologie**Q26: Wat is het verschil tussen geriatrie en gerontologie?A26: Geriatrie is een medisch specialisme dat zich richt op ouderen met een combinatie van aandoeningen, terwijl gerontologie de wetenschap van het ouder worden is, inclusief sociale, psychologische, cognitieve en biologische aspecten.Q27: Wat zijn frailty markers bij kwetsbare ouderen?A27: Frailty markers bij kwetsbare ouderen zijn gewichtsverlies, uitputting, lage loopsnelheid, weinig fysieke activiteit, en lage knijpkracht. De aanwezigheid van drie of meer criteria indiceert kwetsbaarheid.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q28: Wat zijn de VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking?A28: De VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking zijn zeggenschap, inclusie, respect en veiligheid, persoonlijke ondersteuning, eigen keuze, behoud van relaties, ontplooiing, respect en eigenwaarde, en leven in en met de samenleving.Q29: Wat is het LACCS-principe?A29: Het LACCS-principe is gebaseerd op lichamelijk welzijn, alertheid, contact, communicatie, en stimulerende tijdsbesteding. Het doel is een goed leven voor iedereen van de EVMB doelgroep.**FACT team**Q30: Wat zijn de taken van een verpleegkundige in een FACT-team?A30: Taken van een verpleegkundige in een FACT-team zijn flexibele en assertieve behandeling en begeleiding, contact leggen met het systeem/netwerk van de patiënt, samenwerken met ketenpartners, draaien van de medicatiepoli en/of somatische poli, en werken met een shared caseload.Q31: Wat zijn de 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team?A31: De 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team zijn Cure, Care, Crisisinterventie, Community support, Cliëntdeskundigheid ondersteunen, Controle, en Check.**Psychiatrie**Q32: Wat zijn gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen?A32: Gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen zijn familiegesprekken, psycho-educatie, therapie voor familie en/of naasten, en interventies gericht op terugvalpreventie en het versterken van sociale steun.Q33: Wat zijn aandachtspunten in het contact met zorgvragers met psychotische aandoeningen?A33: Aandachtspunten zijn ondersteunen bij activiteiten, vertrouwen opbouwen, helpen oriënteren, voorzichtig zijn met aanraking, duidelijk en luid praten, tekenen van hallucinaties herkennen, wanen niet ontkennen, competitie-element vermijden, waardering uitspreken, lage EE (expressed emotion) behouden, en doelen op korte termijn stellen.**Incontinentie**Q34: Wat zijn de verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie?A34: Verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie zijn signalering, bespreekbaar maken, katheter inbrengen, goede plashouding, blaastraining, bekkenbodemspieroefeningen, medicatie toedienen, en eventueel chirurgische behandelingen zoals netjes of implantaten.**Voeding**Q35: Wat zijn de functies van vetten?A35: Vetten leveren energie, beschermen organen, bevorderen de werking van ogen, hersenen en spieren, leveren vitamines (E, A, D), en bevatten essentiële vetzuren zoals linolzuur en alfalinoleenzuur.Q36: Wat zijn niet verteerbare polysachariden en hun functies?A36: Niet verteerbare polysachariden zijn voedingsvezels die niet door het maag-darmkanaal worden verteerd. Ze bevorderen een goede spijsvertering, zorgen voor een verzadigd gevoel, verminderen het risico op hart- en vaatziekten, diabetes type 2 en darmkanker, en worden door bacteriën in de dikke darm gefermenteerd.**Cultuur**Q37: Wat is het Sunrise Model van Leininger?A37: Het Sunrise Model van Leininger richt zich op de verschillen en overeenkomsten in overtuigingen, waarden en levenspatronen tussen culturen. Het doel is het verlenen van cultureel congruente, betekenisvolle en heilzame zorgverlening.Q38: Wat zijn de cultuurdimensies van Hofstede?A38: De cultuurdimensies van Hofstede zijn machtsafstand, masculiniteit-femininiteit, individualisme-collectivisme, onzekerheidsvermijding, langetermijngerichtheid-kortetermijngerichtheid, en hedonisme-soberheid.**Palliatieve zorg**Q39: Wat zijn de vier fasen van palliatieve zorg?A39: De vier fasen van palliatieve zorg zijn ziektegerichte palliatie, symptoomgerichte palliatie, palliatie in de stervensfase, en nazorg.Q40: Wat is proactieve zorgplanning?A40: Proactieve zorgplanning is het proces van vooruit denken, plannen en organiseren van zorgwensen en -behoeften, zodat de zorg afgestemd kan worden op persoonlijke wensen, waarden en behoeften. Het omvat gesprekken over huidige en toekomstige levensdoelen en keuzes.**OMAHA**Q41: Wat zijn de zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha?A41: De zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha zijn gegevens verzamelen en onderzoeken, aandachtsgebieden vaststellen, stand van zaken per gebied meten, actie plannen en uitvoeren, stand van zaken tussentijds/einde zorg meten, en evalueren op elk gebied.Q42: Wat zijn de vier domeinen van Omaha System?A42: De vier domeinen van Omaha System zijn omgevingsdomein, psychosociaal domein, fysiologisch domein, en gezondheidsgerelateerd gedragsdomein.**NSM**Q43: Wat zijn de vijf variabelen van het NSM?A43: De vijf variabelen van het NSM zijn psychologisch, sociaal-cultureel, ontwikkelingsbepaald, spiritueel, en fysiologisch.Q44: Wat is een PES in het NSM?A44: Een PES in het NSM is een probleemstelling bestaande uit Probleem, Ethiologie (oorzaak), en Symptomen.**Revalidatie**Q45: Wat zijn de verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA?A45: Verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA zijn vroege diagnose, preventie en vroegsignalering van complicaties, controle van vitale functies en neurologische symptomen, bijhouden van een bloedglucosedagcurve, sliktest uitvoeren, multidisciplinaire samenwerking, en voorlichting en hulp bij het aanpakken van risicofactoren.**Klinisch redeneren**Q46: Wat is de EWS-score?A46: De EWS-score (Early Warning Score) gebeurt aan de hand van de ABCDE-methode. Hoe hoger de patiënt scoort op de vitale functies, hoe groter de bedreiging. Bij een score van meer dan 3 moet de arts worden gewaarschuwd.Q47: Wat is de SBARR-methode?A47: De SBARR-methode staat voor Situation, Background, Assessment, Recommendation, en Response. Het is een gestructureerde manier van communiceren in de gezondheidszorg.**DM en technologie**Q48: Wat is een continu glucose meter?A48: Een continu glucose meter (glucosesensor) meet om de paar minuten de bloedsuiker via een naaldje dat de bloedsuiker meet in het vocht onder de huid. Het geeft een seintje bij te hoge of te lage bloedsuikerwaarden.Q49: Wat is de Freestyle Libre sensor?A49: De Freestyle Libre sensor meet de glucosewaarden zonder vingerprik. De sensor wordt op de achterkant van de bovenarm geplaatst en meet automatisch de glucosewaarde in het interstitiële vocht. De waarde wordt zichtbaar op een reader en app.**Mantelzorg**Q50: Wat is de Caregiver Strain Index?A50: De Caregiver Strain Index is een vragenlijst waarmee overbelasting door mantelzorg gemeten kan worden. Scores worden ingedeeld in rood (11-13 keer “ja”, zeer zwaar belast), oranje (7-10 keer “ja”, overbelast), en groen (0-6 keer “ja”,
%1 Oefenvragen en Antwoorden over Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg Verpleegkunde Viaa %2%3 Deze set van 64 oefenvragen en antwoorden is ontworpen om je te helpen bij het bestuderen van de Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg voor Verpleegkunde aan Viaa. De vragen beslaan verschillende onderwerpen zoals medisch, voeding, ethiek, en verpleegtechnische vaardigheden. Elke vraag begint met Q[cijfer] en elk antwoord met A[cijfer]. %4**Medisch**Q1: Wat zijn de symptomen van Diabetes Mellitus?A1: De symptomen van Diabetes Mellitus zijn veel plassen, onlesbare dorst, onverklaarbaar gewichtsverlies, algehele zwakte en vermoeidheid, tintelingen en gevoelloosheid in handen, benen of voeten, en andere mogelijke symptomen zoals oogklachten, slecht genezende wondjes, kortademigheid, droge huid, doorlopend honger, seksuele problemen, smaakstoornissen, en soms splinterbloedingen onder de nagel.Q2: Wat zijn de oorzaken van Diabetes Mellitus type 2?A2: De oorzaken van Diabetes Mellitus type 2 zijn erfelijke aanleg, (ernstig) overgewicht, te weinig bewegen, roken, en voeding. Een gezonde leefstijl kan helpen om diabetes type 2 te voorkomen.Q3: Hoe wordt de diagnose Diabetes Mellitus type 2 gesteld?A3: De diagnose Diabetes Mellitus type 2 wordt gesteld door het bepalen van het glucosegehalte in het bloedplasma. Dit gebeurt meestal met een vingerprik en een draagbare glucosemeter. Criteria zijn twee nuchtere plasmaglucosewaarden gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger op twee verschillende dagen, een nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger in combinatie met hyperglykemische klachten, of een niet-nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 11,1 mmol/l of hoger in combinatie met genoemde symptomen.**Ouderen**Q4: Wat zijn de veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen die consequenties hebben voor de farmacokinetiek en -dynamiek?A4: Veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen zijn verminderde lever- en niercapaciteit, verhoogd vetpercentage en verminderde spiermassa. Deze veranderingen beïnvloeden de afbraak en afscheiding van medicatie, en medicijnen blijven langer in het vetweefsel zitten.Q5: Wat is polyfarmacie en waarom is het een probleem bij ouderen?A5: Polyfarmacie is het gedurende langere tijd gebruiken van vijf of meer verschillende soorten geneesmiddelen tegelijk. Het is een probleem bij ouderen omdat het risico op interacties en bijwerkingen groter is, en omdat ouderen extra gevoelig zijn voor de schadelijke effecten van medicijnen.**COPD**Q6: Wat zijn de oorzaken en symptomen van COPD?A6: Oorzaken van COPD zijn schadelijke stoffen zoals roken en genetische afwijkingen. Symptomen zijn hypersecretie van mucus, littekenvorming luchtwegen, dilatie en destructie van alveoli, en ontstekingsreacties in de longslagaders. Dit leidt tot hoesten, moeite met uitademen, benauwdheid, en hypertensie in de longcirculatie.Q7: Wat is het verschil tussen COPD en Astma?A7: COPD wordt voornamelijk veroorzaakt door roken en hogere leeftijd, heeft een per definitie irreversibele luchtwegobstructie, en is relatief ongevoelig voor corticosteroïden. Astma daarentegen wordt vaak veroorzaakt door atopie, heeft een wisselende en in de regel reversibele luchtwegobstructie, en is meestal gevoelig voor corticosteroïden.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q8: Wat is de definitie van een verstandelijke beperking?A8: Een verstandelijke beperking is een aangeboren of in de prille jeugd verkregen stoornis van de geestelijke functies en hun ontwikkelingsmogelijkheid, waarbij het verstandelijk tekort het meest opvallend is en de sociale aanpassing bemoeilijkt of onmogelijk maakt.Q9: Wat zijn de vier indelingen van verstandelijke beperkingen?A9: De vier indelingen zijn licht (ontwikkelingsleeftijd van 7 tot 12 jaar), matig (ontwikkelingsleeftijd 4-7 jaar), ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 2-4 jaar), en zeer ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 0-2 jaar).**Psychotische aandoeningen**Q10: Wat zijn hallucinaties en welke vormen bestaan er?A10: Hallucinaties zijn het waarnemen van iets dat andere personen in de omgeving niet waarnemen. Vormen zijn akoestische hallucinaties (stemmen/geluiden horen), gezichtshallucinaties (dingen of personen zien), olfactorische/reukhallucinaties (geuren ruiken), gustatoire/smaakhallucinaties (dingen proeven), en somatische/tactiele hallucinaties (iets voelen in het lichaam of op de huid).Q11: Wat is schizofrenie en welke vormen bestaan er?A11: Schizofrenie is een chronische psychotische stoornis die wordt gekenmerkt door verstoringen van gedrag, denken, emoties en waarnemingen. Vormen zijn schizoaffectieve stoornis, schizofreniforme stoornis, gedesorganiseerde schizofrenie, katatone schizofrenie, en paranoïde schizofrenie.**MS**Q12: Wat zijn de oorzaken en vormen van MS?A12: De precieze oorzaak van MS is niet helemaal duidelijk, maar het wordt gedacht dat het een auto-immuunreactie is, mogelijk uitgelokt door een virus. Vormen van MS zijn relapsing-remitting MS (RRMS), secundair progressieve MS (SPMS), milde of benigne MS, en primair progressieve MS (PPMS).Q13: Wat is de behandeling voor MS?A13: Behandeling voor MS omvat immuunmodulerende behandeling zoals interferonen en glatirameeracetaat, nieuwere medicatie zoals natalizumab of fingolimod, corticosteroïden bij exacerbaties, stoppen met roken, en niet-medicamenteuze en medicamenteuze behandelingen voor symptomen zoals depressie, spasticiteit, vermoeidheid, pijn, mictiestoornissen en obstipatie.**Urologie en Incontinentie**Q14: Wat zijn de verschillende vormen van incontinentie?A14: De verschillende vormen van incontinentie zijn urge-incontinentie, stress-incontinentie, gemengde incontinentie, overloopincontinentie/retentieblaas, reflexincontinentie, en functionele incontinentie.Q15: Wat zijn de oorzaken en symptomen van prostaathypertrofie en prostaatcarcinoom?A15: Prostaathypertrofie is goedaardig en veroorzaakt door een vergrote prostaat die de urinebuis blokkeert. Prostaatcarcinoom is kwaadaardig en kan leiden tot symptomen zoals moeite met urineren, zwakke urinestraal, en bloed in de urine.**Voeding**Q16: Wat zijn de functies van koolhydraten?A16: Koolhydraten geven het lichaam energie, vooral voor de hersenen en rode bloedcellen. Ze geven ook een zoete smaak aan voeding en bevatten voedingsvezels die nodig zijn voor een goede darmwerking.Q17: Wat zijn de functies van eiwitten?A17: Eiwitten zijn nodig voor de opbouw van cellen, vernieuwen van bestaande cellen, regelprocessen zoals enzymen en hormonen, en transport van stoffen in het bloed zoals hemoglobine.**Oncologie**Q18: Wat is de TNM-classificatie voor kanker?A18: De TNM-classificatie voor kanker bestaat uit T (Tumor, grootte en mate van doorgroei), N (Nodus, lymfeklieruitzaaiingen), en M (Metastasen, uitzaaiingen op afstand). Scores lopen van T1 tot T4, N0 tot N3, en M0 tot M1.Q19: Wat zijn de behandelopties voor kanker?A19: Behandelopties voor kanker zijn chirurgie, radiotherapie, chemotherapie, hormonale therapie, en immunotherapie. Behandeldoelen kunnen curatief, symptomatisch of palliatief zijn.**CVA en hartfalen**Q20: Wat zijn de symptomen van een CVA?A20: Symptomen van een CVA zijn plotselinge verlamming of zwakte aan één kant van het lichaam, spraakproblemen, slikstoornissen, evenwichtsproblemen, visusproblemen, verwardheid, agnosie, apraxie, afasie, neglect, bewustzijnsdaling of -verlies, en hemianopsie.Q21: Wat is het verschil tussen een herseninfarct, hersenbloeding en een TIA?A21: Een herseninfarct wordt veroorzaakt door een afsluiting van een hersenarterie, een hersenbloeding door een scheur in een hersenarterie, en een TIA is een kortdurend zuurstoftekort in een deel van de hersenen door een tijdelijke afsluiting zonder dat hersenweefsel afsterft.**Verpleegkunde**Q22: Wat is de definitie van langdurige zorg?A22: Langdurige zorg is zorg voor mensen die blijvend intensieve zorg of toezicht nodig hebben. Het is geregeld in de Wet langdurige zorg (Wlz) en wordt uitgevoerd door zorgkantoren.Q23: Wat is het Chronic Care Model van Wagner?A23: Het Chronic Care Model van Wagner propageert geïntegreerde zorg en stelt verandering voor op zes terreinen: zelfmanagementondersteuning, herontwerp van het zorgproces, besluitvorming ondersteuning, klinisch informatiesysteem, organisatie, en community of gemeenschap.**Bronchusverwijdende therapie**Q24: Wat zijn de werkingsmechanismen van SABA en LABA?A24: SABA (Short Acting Beta-receptor Agonist) zoals salbutamol stimuleert selectief de β-2-receptoren van het sympathische zenuwstelsel, waardoor het bronchiale gladde spierweefsel ontspant. LABA (Long Acting Beta-2-agonist) zoals Serevent® stimuleert de β-2-receptoren en heeft een langwerkend effect.Q25: Wat zijn de bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide®?A25: Bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide® zijn orofaryngeale candidiase, heesheid, kneuzingen, pneumonie, bronchitis, huiduitslag, hyperglykemie, dyspepsie, cataract, en verhoogde intraoculaire druk.**Geriatrie/gerontologie**Q26: Wat is het verschil tussen geriatrie en gerontologie?A26: Geriatrie is een medisch specialisme dat zich richt op ouderen met een combinatie van aandoeningen, terwijl gerontologie de wetenschap van het ouder worden is, inclusief sociale, psychologische, cognitieve en biologische aspecten.Q27: Wat zijn frailty markers bij kwetsbare ouderen?A27: Frailty markers bij kwetsbare ouderen zijn gewichtsverlies, uitputting, lage loopsnelheid, weinig fysieke activiteit, en lage knijpkracht. De aanwezigheid van drie of meer criteria indiceert kwetsbaarheid.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q28: Wat zijn de VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking?A28: De VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking zijn zeggenschap, inclusie, respect en veiligheid, persoonlijke ondersteuning, eigen keuze, behoud van relaties, ontplooiing, respect en eigenwaarde, en leven in en met de samenleving.Q29: Wat is het LACCS-principe?A29: Het LACCS-principe is gebaseerd op lichamelijk welzijn, alertheid, contact, communicatie, en stimulerende tijdsbesteding. Het doel is een goed leven voor iedereen van de EVMB doelgroep.**FACT team**Q30: Wat zijn de taken van een verpleegkundige in een FACT-team?A30: Taken van een verpleegkundige in een FACT-team zijn flexibele en assertieve behandeling en begeleiding, contact leggen met het systeem/netwerk van de patiënt, samenwerken met ketenpartners, draaien van de medicatiepoli en/of somatische poli, en werken met een shared caseload.Q31: Wat zijn de 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team?A31: De 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team zijn Cure, Care, Crisisinterventie, Community support, Cliëntdeskundigheid ondersteunen, Controle, en Check.**Psychiatrie**Q32: Wat zijn gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen?A32: Gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen zijn familiegesprekken, psycho-educatie, therapie voor familie en/of naasten, en interventies gericht op terugvalpreventie en het versterken van sociale steun.Q33: Wat zijn aandachtspunten in het contact met zorgvragers met psychotische aandoeningen?A33: Aandachtspunten zijn ondersteunen bij activiteiten, vertrouwen opbouwen, helpen oriënteren, voorzichtig zijn met aanraking, duidelijk en luid praten, tekenen van hallucinaties herkennen, wanen niet ontkennen, competitie-element vermijden, waardering uitspreken, lage EE (expressed emotion) behouden, en doelen op korte termijn stellen.**Incontinentie**Q34: Wat zijn de verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie?A34: Verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie zijn signalering, bespreekbaar maken, katheter inbrengen, goede plashouding, blaastraining, bekkenbodemspieroefeningen, medicatie toedienen, en eventueel chirurgische behandelingen zoals netjes of implantaten.**Voeding**Q35: Wat zijn de functies van vetten?A35: Vetten leveren energie, beschermen organen, bevorderen de werking van ogen, hersenen en spieren, leveren vitamines (E, A, D), en bevatten essentiële vetzuren zoals linolzuur en alfalinoleenzuur.Q36: Wat zijn niet verteerbare polysachariden en hun functies?A36: Niet verteerbare polysachariden zijn voedingsvezels die niet door het maag-darmkanaal worden verteerd. Ze bevorderen een goede spijsvertering, zorgen voor een verzadigd gevoel, verminderen het risico op hart- en vaatziekten, diabetes type 2 en darmkanker, en worden door bacteriën in de dikke darm gefermenteerd.**Cultuur**Q37: Wat is het Sunrise Model van Leininger?A37: Het Sunrise Model van Leininger richt zich op de verschillen en overeenkomsten in overtuigingen, waarden en levenspatronen tussen culturen. Het doel is het verlenen van cultureel congruente, betekenisvolle en heilzame zorgverlening.Q38: Wat zijn de cultuurdimensies van Hofstede?A38: De cultuurdimensies van Hofstede zijn machtsafstand, masculiniteit-femininiteit, individualisme-collectivisme, onzekerheidsvermijding, langetermijngerichtheid-kortetermijngerichtheid, en hedonisme-soberheid.**Palliatieve zorg**Q39: Wat zijn de vier fasen van palliatieve zorg?A39: De vier fasen van palliatieve zorg zijn ziektegerichte palliatie, symptoomgerichte palliatie, palliatie in de stervensfase, en nazorg.Q40: Wat is proactieve zorgplanning?A40: Proactieve zorgplanning is het proces van vooruit denken, plannen en organiseren van zorgwensen en -behoeften, zodat de zorg afgestemd kan worden op persoonlijke wensen, waarden en behoeften. Het omvat gesprekken over huidige en toekomstige levensdoelen en keuzes.**OMAHA**Q41: Wat zijn de zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha?A41: De zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha zijn gegevens verzamelen en onderzoeken, aandachtsgebieden vaststellen, stand van zaken per gebied meten, actie plannen en uitvoeren, stand van zaken tussentijds/einde zorg meten, en evalueren op elk gebied.Q42: Wat zijn de vier domeinen van Omaha System?A42: De vier domeinen van Omaha System zijn omgevingsdomein, psychosociaal domein, fysiologisch domein, en gezondheidsgerelateerd gedragsdomein.**NSM**Q43: Wat zijn de vijf variabelen van het NSM?A43: De vijf variabelen van het NSM zijn psychologisch, sociaal-cultureel, ontwikkelingsbepaald, spiritueel, en fysiologisch.Q44: Wat is een PES in het NSM?A44: Een PES in het NSM is een probleemstelling bestaande uit Probleem, Ethiologie (oorzaak), en Symptomen.**Revalidatie**Q45: Wat zijn de verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA?A45: Verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA zijn vroege diagnose, preventie en vroegsignalering van complicaties, controle van vitale functies en neurologische symptomen, bijhouden van een bloedglucosedagcurve, sliktest uitvoeren, multidisciplinaire samenwerking, en voorlichting en hulp bij het aanpakken van risicofactoren.**Klinisch redeneren**Q46: Wat is de EWS-score?A46: De EWS-score (Early Warning Score) gebeurt aan de hand van de ABCDE-methode. Hoe hoger de patiënt scoort op de vitale functies, hoe groter de bedreiging. Bij een score van meer dan 3 moet de arts worden gewaarschuwd.Q47: Wat is de SBARR-methode?A47: De SBARR-methode staat voor Situation, Background, Assessment, Recommendation, en Response. Het is een gestructureerde manier van communiceren in de gezondheidszorg.**DM en technologie**Q48: Wat is een continu glucose meter?A48: Een continu glucose meter (glucosesensor) meet om de paar minuten de bloedsuiker via een naaldje dat de bloedsuiker meet in het vocht onder de huid. Het geeft een seintje bij te hoge of te lage bloedsuikerwaarden.Q49: Wat is de Freestyle Libre sensor?A49: De Freestyle Libre sensor meet de glucosewaarden zonder vingerprik. De sensor wordt op de achterkant van de bovenarm geplaatst en meet automatisch de glucosewaarde in het interstitiële vocht. De waarde wordt zichtbaar op een reader en app.**Mantelzorg**Q50: Wat is de Caregiver Strain Index?A50: De Caregiver Strain Index is een vragenlijst waarmee overbelasting door mantelzorg gemeten kan worden. Scores worden ingedeeld in rood (11-13 keer “ja”, zeer zwaar belast), oranje (7-10 keer “ja”, overbelast), en groen (0-6 keer “ja”,
%1 Oefenvragen en Antwoorden over Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg Verpleegkunde Viaa %2%3 Deze set van 64 oefenvragen en antwoorden is ontworpen om je te helpen bij het bestuderen van de Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg voor Verpleegkunde aan Viaa. De vragen beslaan verschillende onderwerpen zoals medisch, voeding, ethiek, en verpleegtechnische vaardigheden. Elke vraag begint met Q[cijfer] en elk antwoord met A[cijfer]. %4**Medisch**Q1: Wat zijn de symptomen van Diabetes Mellitus?A1: De symptomen van Diabetes Mellitus zijn veel plassen, onlesbare dorst, onverklaarbaar gewichtsverlies, algehele zwakte en vermoeidheid, tintelingen en gevoelloosheid in handen, benen of voeten, en andere mogelijke symptomen zoals oogklachten, slecht genezende wondjes, kortademigheid, droge huid, doorlopend honger, seksuele problemen, smaakstoornissen, en soms splinterbloedingen onder de nagel.Q2: Wat zijn de oorzaken van Diabetes Mellitus type 2?A2: De oorzaken van Diabetes Mellitus type 2 zijn erfelijke aanleg, (ernstig) overgewicht, te weinig bewegen, roken, en voeding. Een gezonde leefstijl kan helpen om diabetes type 2 te voorkomen.Q3: Hoe wordt de diagnose Diabetes Mellitus type 2 gesteld?A3: De diagnose Diabetes Mellitus type 2 wordt gesteld door het bepalen van het glucosegehalte in het bloedplasma. Dit gebeurt meestal met een vingerprik en een draagbare glucosemeter. Criteria zijn twee nuchtere plasmaglucosewaarden gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger op twee verschillende dagen, een nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger in combinatie met hyperglykemische klachten, of een niet-nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 11,1 mmol/l of hoger in combinatie met genoemde symptomen.**Ouderen**Q4: Wat zijn de veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen die consequenties hebben voor de farmacokinetiek en -dynamiek?A4: Veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen zijn verminderde lever- en niercapaciteit, verhoogd vetpercentage en verminderde spiermassa. Deze veranderingen beïnvloeden de afbraak en afscheiding van medicatie, en medicijnen blijven langer in het vetweefsel zitten.Q5: Wat is polyfarmacie en waarom is het een probleem bij ouderen?A5: Polyfarmacie is het gedurende langere tijd gebruiken van vijf of meer verschillende soorten geneesmiddelen tegelijk. Het is een probleem bij ouderen omdat het risico op interacties en bijwerkingen groter is, en omdat ouderen extra gevoelig zijn voor de schadelijke effecten van medicijnen.**COPD**Q6: Wat zijn de oorzaken en symptomen van COPD?A6: Oorzaken van COPD zijn schadelijke stoffen zoals roken en genetische afwijkingen. Symptomen zijn hypersecretie van mucus, littekenvorming luchtwegen, dilatie en destructie van alveoli, en ontstekingsreacties in de longslagaders. Dit leidt tot hoesten, moeite met uitademen, benauwdheid, en hypertensie in de longcirculatie.Q7: Wat is het verschil tussen COPD en Astma?A7: COPD wordt voornamelijk veroorzaakt door roken en hogere leeftijd, heeft een per definitie irreversibele luchtwegobstructie, en is relatief ongevoelig voor corticosteroïden. Astma daarentegen wordt vaak veroorzaakt door atopie, heeft een wisselende en in de regel reversibele luchtwegobstructie, en is meestal gevoelig voor corticosteroïden.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q8: Wat is de definitie van een verstandelijke beperking?A8: Een verstandelijke beperking is een aangeboren of in de prille jeugd verkregen stoornis van de geestelijke functies en hun ontwikkelingsmogelijkheid, waarbij het verstandelijk tekort het meest opvallend is en de sociale aanpassing bemoeilijkt of onmogelijk maakt.Q9: Wat zijn de vier indelingen van verstandelijke beperkingen?A9: De vier indelingen zijn licht (ontwikkelingsleeftijd van 7 tot 12 jaar), matig (ontwikkelingsleeftijd 4-7 jaar), ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 2-4 jaar), en zeer ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 0-2 jaar).**Psychotische aandoeningen**Q10: Wat zijn hallucinaties en welke vormen bestaan er?A10: Hallucinaties zijn het waarnemen van iets dat andere personen in de omgeving niet waarnemen. Vormen zijn akoestische hallucinaties (stemmen/geluiden horen), gezichtshallucinaties (dingen of personen zien), olfactorische/reukhallucinaties (geuren ruiken), gustatoire/smaakhallucinaties (dingen proeven), en somatische/tactiele hallucinaties (iets voelen in het lichaam of op de huid).Q11: Wat is schizofrenie en welke vormen bestaan er?A11: Schizofrenie is een chronische psychotische stoornis die wordt gekenmerkt door verstoringen van gedrag, denken, emoties en waarnemingen. Vormen zijn schizoaffectieve stoornis, schizofreniforme stoornis, gedesorganiseerde schizofrenie, katatone schizofrenie, en paranoïde schizofrenie.**MS**Q12: Wat zijn de oorzaken en vormen van MS?A12: De precieze oorzaak van MS is niet helemaal duidelijk, maar het wordt gedacht dat het een auto-immuunreactie is, mogelijk uitgelokt door een virus. Vormen van MS zijn relapsing-remitting MS (RRMS), secundair progressieve MS (SPMS), milde of benigne MS, en primair progressieve MS (PPMS).Q13: Wat is de behandeling voor MS?A13: Behandeling voor MS omvat immuunmodulerende behandeling zoals interferonen en glatirameeracetaat, nieuwere medicatie zoals natalizumab of fingolimod, corticosteroïden bij exacerbaties, stoppen met roken, en niet-medicamenteuze en medicamenteuze behandelingen voor symptomen zoals depressie, spasticiteit, vermoeidheid, pijn, mictiestoornissen en obstipatie.**Urologie en Incontinentie**Q14: Wat zijn de verschillende vormen van incontinentie?A14: De verschillende vormen van incontinentie zijn urge-incontinentie, stress-incontinentie, gemengde incontinentie, overloopincontinentie/retentieblaas, reflexincontinentie, en functionele incontinentie.Q15: Wat zijn de oorzaken en symptomen van prostaathypertrofie en prostaatcarcinoom?A15: Prostaathypertrofie is goedaardig en veroorzaakt door een vergrote prostaat die de urinebuis blokkeert. Prostaatcarcinoom is kwaadaardig en kan leiden tot symptomen zoals moeite met urineren, zwakke urinestraal, en bloed in de urine.**Voeding**Q16: Wat zijn de functies van koolhydraten?A16: Koolhydraten geven het lichaam energie, vooral voor de hersenen en rode bloedcellen. Ze geven ook een zoete smaak aan voeding en bevatten voedingsvezels die nodig zijn voor een goede darmwerking.Q17: Wat zijn de functies van eiwitten?A17: Eiwitten zijn nodig voor de opbouw van cellen, vernieuwen van bestaande cellen, regelprocessen zoals enzymen en hormonen, en transport van stoffen in het bloed zoals hemoglobine.**Oncologie**Q18: Wat is de TNM-classificatie voor kanker?A18: De TNM-classificatie voor kanker bestaat uit T (Tumor, grootte en mate van doorgroei), N (Nodus, lymfeklieruitzaaiingen), en M (Metastasen, uitzaaiingen op afstand). Scores lopen van T1 tot T4, N0 tot N3, en M0 tot M1.Q19: Wat zijn de behandelopties voor kanker?A19: Behandelopties voor kanker zijn chirurgie, radiotherapie, chemotherapie, hormonale therapie, en immunotherapie. Behandeldoelen kunnen curatief, symptomatisch of palliatief zijn.**CVA en hartfalen**Q20: Wat zijn de symptomen van een CVA?A20: Symptomen van een CVA zijn plotselinge verlamming of zwakte aan één kant van het lichaam, spraakproblemen, slikstoornissen, evenwichtsproblemen, visusproblemen, verwardheid, agnosie, apraxie, afasie, neglect, bewustzijnsdaling of -verlies, en hemianopsie.Q21: Wat is het verschil tussen een herseninfarct, hersenbloeding en een TIA?A21: Een herseninfarct wordt veroorzaakt door een afsluiting van een hersenarterie, een hersenbloeding door een scheur in een hersenarterie, en een TIA is een kortdurend zuurstoftekort in een deel van de hersenen door een tijdelijke afsluiting zonder dat hersenweefsel afsterft.**Verpleegkunde**Q22: Wat is de definitie van langdurige zorg?A22: Langdurige zorg is zorg voor mensen die blijvend intensieve zorg of toezicht nodig hebben. Het is geregeld in de Wet langdurige zorg (Wlz) en wordt uitgevoerd door zorgkantoren.Q23: Wat is het Chronic Care Model van Wagner?A23: Het Chronic Care Model van Wagner propageert geïntegreerde zorg en stelt verandering voor op zes terreinen: zelfmanagementondersteuning, herontwerp van het zorgproces, besluitvorming ondersteuning, klinisch informatiesysteem, organisatie, en community of gemeenschap.**Bronchusverwijdende therapie**Q24: Wat zijn de werkingsmechanismen van SABA en LABA?A24: SABA (Short Acting Beta-receptor Agonist) zoals salbutamol stimuleert selectief de β-2-receptoren van het sympathische zenuwstelsel, waardoor het bronchiale gladde spierweefsel ontspant. LABA (Long Acting Beta-2-agonist) zoals Serevent® stimuleert de β-2-receptoren en heeft een langwerkend effect.Q25: Wat zijn de bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide®?A25: Bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide® zijn orofaryngeale candidiase, heesheid, kneuzingen, pneumonie, bronchitis, huiduitslag, hyperglykemie, dyspepsie, cataract, en verhoogde intraoculaire druk.**Geriatrie/gerontologie**Q26: Wat is het verschil tussen geriatrie en gerontologie?A26: Geriatrie is een medisch specialisme dat zich richt op ouderen met een combinatie van aandoeningen, terwijl gerontologie de wetenschap van het ouder worden is, inclusief sociale, psychologische, cognitieve en biologische aspecten.Q27: Wat zijn frailty markers bij kwetsbare ouderen?A27: Frailty markers bij kwetsbare ouderen zijn gewichtsverlies, uitputting, lage loopsnelheid, weinig fysieke activiteit, en lage knijpkracht. De aanwezigheid van drie of meer criteria indiceert kwetsbaarheid.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q28: Wat zijn de VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking?A28: De VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking zijn zeggenschap, inclusie, respect en veiligheid, persoonlijke ondersteuning, eigen keuze, behoud van relaties, ontplooiing, respect en eigenwaarde, en leven in en met de samenleving.Q29: Wat is het LACCS-principe?A29: Het LACCS-principe is gebaseerd op lichamelijk welzijn, alertheid, contact, communicatie, en stimulerende tijdsbesteding. Het doel is een goed leven voor iedereen van de EVMB doelgroep.**FACT team**Q30: Wat zijn de taken van een verpleegkundige in een FACT-team?A30: Taken van een verpleegkundige in een FACT-team zijn flexibele en assertieve behandeling en begeleiding, contact leggen met het systeem/netwerk van de patiënt, samenwerken met ketenpartners, draaien van de medicatiepoli en/of somatische poli, en werken met een shared caseload.Q31: Wat zijn de 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team?A31: De 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team zijn Cure, Care, Crisisinterventie, Community support, Cliëntdeskundigheid ondersteunen, Controle, en Check.**Psychiatrie**Q32: Wat zijn gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen?A32: Gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen zijn familiegesprekken, psycho-educatie, therapie voor familie en/of naasten, en interventies gericht op terugvalpreventie en het versterken van sociale steun.Q33: Wat zijn aandachtspunten in het contact met zorgvragers met psychotische aandoeningen?A33: Aandachtspunten zijn ondersteunen bij activiteiten, vertrouwen opbouwen, helpen oriënteren, voorzichtig zijn met aanraking, duidelijk en luid praten, tekenen van hallucinaties herkennen, wanen niet ontkennen, competitie-element vermijden, waardering uitspreken, lage EE (expressed emotion) behouden, en doelen op korte termijn stellen.**Incontinentie**Q34: Wat zijn de verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie?A34: Verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie zijn signalering, bespreekbaar maken, katheter inbrengen, goede plashouding, blaastraining, bekkenbodemspieroefeningen, medicatie toedienen, en eventueel chirurgische behandelingen zoals netjes of implantaten.**Voeding**Q35: Wat zijn de functies van vetten?A35: Vetten leveren energie, beschermen organen, bevorderen de werking van ogen, hersenen en spieren, leveren vitamines (E, A, D), en bevatten essentiële vetzuren zoals linolzuur en alfalinoleenzuur.Q36: Wat zijn niet verteerbare polysachariden en hun functies?A36: Niet verteerbare polysachariden zijn voedingsvezels die niet door het maag-darmkanaal worden verteerd. Ze bevorderen een goede spijsvertering, zorgen voor een verzadigd gevoel, verminderen het risico op hart- en vaatziekten, diabetes type 2 en darmkanker, en worden door bacteriën in de dikke darm gefermenteerd.**Cultuur**Q37: Wat is het Sunrise Model van Leininger?A37: Het Sunrise Model van Leininger richt zich op de verschillen en overeenkomsten in overtuigingen, waarden en levenspatronen tussen culturen. Het doel is het verlenen van cultureel congruente, betekenisvolle en heilzame zorgverlening.Q38: Wat zijn de cultuurdimensies van Hofstede?A38: De cultuurdimensies van Hofstede zijn machtsafstand, masculiniteit-femininiteit, individualisme-collectivisme, onzekerheidsvermijding, langetermijngerichtheid-kortetermijngerichtheid, en hedonisme-soberheid.**Palliatieve zorg**Q39: Wat zijn de vier fasen van palliatieve zorg?A39: De vier fasen van palliatieve zorg zijn ziektegerichte palliatie, symptoomgerichte palliatie, palliatie in de stervensfase, en nazorg.Q40: Wat is proactieve zorgplanning?A40: Proactieve zorgplanning is het proces van vooruit denken, plannen en organiseren van zorgwensen en -behoeften, zodat de zorg afgestemd kan worden op persoonlijke wensen, waarden en behoeften. Het omvat gesprekken over huidige en toekomstige levensdoelen en keuzes.**OMAHA**Q41: Wat zijn de zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha?A41: De zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha zijn gegevens verzamelen en onderzoeken, aandachtsgebieden vaststellen, stand van zaken per gebied meten, actie plannen en uitvoeren, stand van zaken tussentijds/einde zorg meten, en evalueren op elk gebied.Q42: Wat zijn de vier domeinen van Omaha System?A42: De vier domeinen van Omaha System zijn omgevingsdomein, psychosociaal domein, fysiologisch domein, en gezondheidsgerelateerd gedragsdomein.**NSM**Q43: Wat zijn de vijf variabelen van het NSM?A43: De vijf variabelen van het NSM zijn psychologisch, sociaal-cultureel, ontwikkelingsbepaald, spiritueel, en fysiologisch.Q44: Wat is een PES in het NSM?A44: Een PES in het NSM is een probleemstelling bestaande uit Probleem, Ethiologie (oorzaak), en Symptomen.**Revalidatie**Q45: Wat zijn de verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA?A45: Verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA zijn vroege diagnose, preventie en vroegsignalering van complicaties, controle van vitale functies en neurologische symptomen, bijhouden van een bloedglucosedagcurve, sliktest uitvoeren, multidisciplinaire samenwerking, en voorlichting en hulp bij het aanpakken van risicofactoren.**Klinisch redeneren**Q46: Wat is de EWS-score?A46: De EWS-score (Early Warning Score) gebeurt aan de hand van de ABCDE-methode. Hoe hoger de patiënt scoort op de vitale functies, hoe groter de bedreiging. Bij een score van meer dan 3 moet de arts worden gewaarschuwd.Q47: Wat is de SBARR-methode?A47: De SBARR-methode staat voor Situation, Background, Assessment, Recommendation, en Response. Het is een gestructureerde manier van communiceren in de gezondheidszorg.**DM en technologie**Q48: Wat is een continu glucose meter?A48: Een continu glucose meter (glucosesensor) meet om de paar minuten de bloedsuiker via een naaldje dat de bloedsuiker meet in het vocht onder de huid. Het geeft een seintje bij te hoge of te lage bloedsuikerwaarden.Q49: Wat is de Freestyle Libre sensor?A49: De Freestyle Libre sensor meet de glucosewaarden zonder vingerprik. De sensor wordt op de achterkant van de bovenarm geplaatst en meet automatisch de glucosewaarde in het interstitiële vocht. De waarde wordt zichtbaar op een reader en app.**Mantelzorg**Q50: Wat is de Caregiver Strain Index?A50: De Caregiver Strain Index is een vragenlijst waarmee overbelasting door mantelzorg gemeten kan worden. Scores worden ingedeeld in rood (11-13 keer “ja”, zeer zwaar belast), oranje (7-10 keer “ja”, overbelast), en groen (0-6 keer “ja”,
%1 Oefenvragen en Antwoorden over Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg Verpleegkunde Viaa %2%3 Deze set van 64 oefenvragen en antwoorden is ontworpen om je te helpen bij het bestuderen van de Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg voor Verpleegkunde aan Viaa. De vragen beslaan verschillende onderwerpen zoals medisch, voeding, ethiek, en verpleegtechnische vaardigheden. Elke vraag begint met Q[cijfer] en elk antwoord met A[cijfer]. %4**Medisch**Q1: Wat zijn de symptomen van Diabetes Mellitus?A1: De symptomen van Diabetes Mellitus zijn veel plassen, onlesbare dorst, onverklaarbaar gewichtsverlies, algehele zwakte en vermoeidheid, tintelingen en gevoelloosheid in handen, benen of voeten, en andere mogelijke symptomen zoals oogklachten, slecht genezende wondjes, kortademigheid, droge huid, doorlopend honger, seksuele problemen, smaakstoornissen, en soms splinterbloedingen onder de nagel.Q2: Wat zijn de oorzaken van Diabetes Mellitus type 2?A2: De oorzaken van Diabetes Mellitus type 2 zijn erfelijke aanleg, (ernstig) overgewicht, te weinig bewegen, roken, en voeding. Een gezonde leefstijl kan helpen om diabetes type 2 te voorkomen.Q3: Hoe wordt de diagnose Diabetes Mellitus type 2 gesteld?A3: De diagnose Diabetes Mellitus type 2 wordt gesteld door het bepalen van het glucosegehalte in het bloedplasma. Dit gebeurt meestal met een vingerprik en een draagbare glucosemeter. Criteria zijn twee nuchtere plasmaglucosewaarden gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger op twee verschillende dagen, een nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger in combinatie met hyperglykemische klachten, of een niet-nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 11,1 mmol/l of hoger in combinatie met genoemde symptomen.**Ouderen**Q4: Wat zijn de veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen die consequenties hebben voor de farmacokinetiek en -dynamiek?A4: Veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen zijn verminderde lever- en niercapaciteit, verhoogd vetpercentage en verminderde spiermassa. Deze veranderingen beïnvloeden de afbraak en afscheiding van medicatie, en medicijnen blijven langer in het vetweefsel zitten.Q5: Wat is polyfarmacie en waarom is het een probleem bij ouderen?A5: Polyfarmacie is het gedurende langere tijd gebruiken van vijf of meer verschillende soorten geneesmiddelen tegelijk. Het is een probleem bij ouderen omdat het risico op interacties en bijwerkingen groter is, en omdat ouderen extra gevoelig zijn voor de schadelijke effecten van medicijnen.**COPD**Q6: Wat zijn de oorzaken en symptomen van COPD?A6: Oorzaken van COPD zijn schadelijke stoffen zoals roken en genetische afwijkingen. Symptomen zijn hypersecretie van mucus, littekenvorming luchtwegen, dilatie en destructie van alveoli, en ontstekingsreacties in de longslagaders. Dit leidt tot hoesten, moeite met uitademen, benauwdheid, en hypertensie in de longcirculatie.Q7: Wat is het verschil tussen COPD en Astma?A7: COPD wordt voornamelijk veroorzaakt door roken en hogere leeftijd, heeft een per definitie irreversibele luchtwegobstructie, en is relatief ongevoelig voor corticosteroïden. Astma daarentegen wordt vaak veroorzaakt door atopie, heeft een wisselende en in de regel reversibele luchtwegobstructie, en is meestal gevoelig voor corticosteroïden.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q8: Wat is de definitie van een verstandelijke beperking?A8: Een verstandelijke beperking is een aangeboren of in de prille jeugd verkregen stoornis van de geestelijke functies en hun ontwikkelingsmogelijkheid, waarbij het verstandelijk tekort het meest opvallend is en de sociale aanpassing bemoeilijkt of onmogelijk maakt.Q9: Wat zijn de vier indelingen van verstandelijke beperkingen?A9: De vier indelingen zijn licht (ontwikkelingsleeftijd van 7 tot 12 jaar), matig (ontwikkelingsleeftijd 4-7 jaar), ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 2-4 jaar), en zeer ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 0-2 jaar).**Psychotische aandoeningen**Q10: Wat zijn hallucinaties en welke vormen bestaan er?A10: Hallucinaties zijn het waarnemen van iets dat andere personen in de omgeving niet waarnemen. Vormen zijn akoestische hallucinaties (stemmen/geluiden horen), gezichtshallucinaties (dingen of personen zien), olfactorische/reukhallucinaties (geuren ruiken), gustatoire/smaakhallucinaties (dingen proeven), en somatische/tactiele hallucinaties (iets voelen in het lichaam of op de huid).Q11: Wat is schizofrenie en welke vormen bestaan er?A11: Schizofrenie is een chronische psychotische stoornis die wordt gekenmerkt door verstoringen van gedrag, denken, emoties en waarnemingen. Vormen zijn schizoaffectieve stoornis, schizofreniforme stoornis, gedesorganiseerde schizofrenie, katatone schizofrenie, en paranoïde schizofrenie.**MS**Q12: Wat zijn de oorzaken en vormen van MS?A12: De precieze oorzaak van MS is niet helemaal duidelijk, maar het wordt gedacht dat het een auto-immuunreactie is, mogelijk uitgelokt door een virus. Vormen van MS zijn relapsing-remitting MS (RRMS), secundair progressieve MS (SPMS), milde of benigne MS, en primair progressieve MS (PPMS).Q13: Wat is de behandeling voor MS?A13: Behandeling voor MS omvat immuunmodulerende behandeling zoals interferonen en glatirameeracetaat, nieuwere medicatie zoals natalizumab of fingolimod, corticosteroïden bij exacerbaties, stoppen met roken, en niet-medicamenteuze en medicamenteuze behandelingen voor symptomen zoals depressie, spasticiteit, vermoeidheid, pijn, mictiestoornissen en obstipatie.**Urologie en Incontinentie**Q14: Wat zijn de verschillende vormen van incontinentie?A14: De verschillende vormen van incontinentie zijn urge-incontinentie, stress-incontinentie, gemengde incontinentie, overloopincontinentie/retentieblaas, reflexincontinentie, en functionele incontinentie.Q15: Wat zijn de oorzaken en symptomen van prostaathypertrofie en prostaatcarcinoom?A15: Prostaathypertrofie is goedaardig en veroorzaakt door een vergrote prostaat die de urinebuis blokkeert. Prostaatcarcinoom is kwaadaardig en kan leiden tot symptomen zoals moeite met urineren, zwakke urinestraal, en bloed in de urine.**Voeding**Q16: Wat zijn de functies van koolhydraten?A16: Koolhydraten geven het lichaam energie, vooral voor de hersenen en rode bloedcellen. Ze geven ook een zoete smaak aan voeding en bevatten voedingsvezels die nodig zijn voor een goede darmwerking.Q17: Wat zijn de functies van eiwitten?A17: Eiwitten zijn nodig voor de opbouw van cellen, vernieuwen van bestaande cellen, regelprocessen zoals enzymen en hormonen, en transport van stoffen in het bloed zoals hemoglobine.**Oncologie**Q18: Wat is de TNM-classificatie voor kanker?A18: De TNM-classificatie voor kanker bestaat uit T (Tumor, grootte en mate van doorgroei), N (Nodus, lymfeklieruitzaaiingen), en M (Metastasen, uitzaaiingen op afstand). Scores lopen van T1 tot T4, N0 tot N3, en M0 tot M1.Q19: Wat zijn de behandelopties voor kanker?A19: Behandelopties voor kanker zijn chirurgie, radiotherapie, chemotherapie, hormonale therapie, en immunotherapie. Behandeldoelen kunnen curatief, symptomatisch of palliatief zijn.**CVA en hartfalen**Q20: Wat zijn de symptomen van een CVA?A20: Symptomen van een CVA zijn plotselinge verlamming of zwakte aan één kant van het lichaam, spraakproblemen, slikstoornissen, evenwichtsproblemen, visusproblemen, verwardheid, agnosie, apraxie, afasie, neglect, bewustzijnsdaling of -verlies, en hemianopsie.Q21: Wat is het verschil tussen een herseninfarct, hersenbloeding en een TIA?A21: Een herseninfarct wordt veroorzaakt door een afsluiting van een hersenarterie, een hersenbloeding door een scheur in een hersenarterie, en een TIA is een kortdurend zuurstoftekort in een deel van de hersenen door een tijdelijke afsluiting zonder dat hersenweefsel afsterft.**Verpleegkunde**Q22: Wat is de definitie van langdurige zorg?A22: Langdurige zorg is zorg voor mensen die blijvend intensieve zorg of toezicht nodig hebben. Het is geregeld in de Wet langdurige zorg (Wlz) en wordt uitgevoerd door zorgkantoren.Q23: Wat is het Chronic Care Model van Wagner?A23: Het Chronic Care Model van Wagner propageert geïntegreerde zorg en stelt verandering voor op zes terreinen: zelfmanagementondersteuning, herontwerp van het zorgproces, besluitvorming ondersteuning, klinisch informatiesysteem, organisatie, en community of gemeenschap.**Bronchusverwijdende therapie**Q24: Wat zijn de werkingsmechanismen van SABA en LABA?A24: SABA (Short Acting Beta-receptor Agonist) zoals salbutamol stimuleert selectief de β-2-receptoren van het sympathische zenuwstelsel, waardoor het bronchiale gladde spierweefsel ontspant. LABA (Long Acting Beta-2-agonist) zoals Serevent® stimuleert de β-2-receptoren en heeft een langwerkend effect.Q25: Wat zijn de bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide®?A25: Bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide® zijn orofaryngeale candidiase, heesheid, kneuzingen, pneumonie, bronchitis, huiduitslag, hyperglykemie, dyspepsie, cataract, en verhoogde intraoculaire druk.**Geriatrie/gerontologie**Q26: Wat is het verschil tussen geriatrie en gerontologie?A26: Geriatrie is een medisch specialisme dat zich richt op ouderen met een combinatie van aandoeningen, terwijl gerontologie de wetenschap van het ouder worden is, inclusief sociale, psychologische, cognitieve en biologische aspecten.Q27: Wat zijn frailty markers bij kwetsbare ouderen?A27: Frailty markers bij kwetsbare ouderen zijn gewichtsverlies, uitputting, lage loopsnelheid, weinig fysieke activiteit, en lage knijpkracht. De aanwezigheid van drie of meer criteria indiceert kwetsbaarheid.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q28: Wat zijn de VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking?A28: De VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking zijn zeggenschap, inclusie, respect en veiligheid, persoonlijke ondersteuning, eigen keuze, behoud van relaties, ontplooiing, respect en eigenwaarde, en leven in en met de samenleving.Q29: Wat is het LACCS-principe?A29: Het LACCS-principe is gebaseerd op lichamelijk welzijn, alertheid, contact, communicatie, en stimulerende tijdsbesteding. Het doel is een goed leven voor iedereen van de EVMB doelgroep.**FACT team**Q30: Wat zijn de taken van een verpleegkundige in een FACT-team?A30: Taken van een verpleegkundige in een FACT-team zijn flexibele en assertieve behandeling en begeleiding, contact leggen met het systeem/netwerk van de patiënt, samenwerken met ketenpartners, draaien van de medicatiepoli en/of somatische poli, en werken met een shared caseload.Q31: Wat zijn de 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team?A31: De 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team zijn Cure, Care, Crisisinterventie, Community support, Cliëntdeskundigheid ondersteunen, Controle, en Check.**Psychiatrie**Q32: Wat zijn gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen?A32: Gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen zijn familiegesprekken, psycho-educatie, therapie voor familie en/of naasten, en interventies gericht op terugvalpreventie en het versterken van sociale steun.Q33: Wat zijn aandachtspunten in het contact met zorgvragers met psychotische aandoeningen?A33: Aandachtspunten zijn ondersteunen bij activiteiten, vertrouwen opbouwen, helpen oriënteren, voorzichtig zijn met aanraking, duidelijk en luid praten, tekenen van hallucinaties herkennen, wanen niet ontkennen, competitie-element vermijden, waardering uitspreken, lage EE (expressed emotion) behouden, en doelen op korte termijn stellen.**Incontinentie**Q34: Wat zijn de verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie?A34: Verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie zijn signalering, bespreekbaar maken, katheter inbrengen, goede plashouding, blaastraining, bekkenbodemspieroefeningen, medicatie toedienen, en eventueel chirurgische behandelingen zoals netjes of implantaten.**Voeding**Q35: Wat zijn de functies van vetten?A35: Vetten leveren energie, beschermen organen, bevorderen de werking van ogen, hersenen en spieren, leveren vitamines (E, A, D), en bevatten essentiële vetzuren zoals linolzuur en alfalinoleenzuur.Q36: Wat zijn niet verteerbare polysachariden en hun functies?A36: Niet verteerbare polysachariden zijn voedingsvezels die niet door het maag-darmkanaal worden verteerd. Ze bevorderen een goede spijsvertering, zorgen voor een verzadigd gevoel, verminderen het risico op hart- en vaatziekten, diabetes type 2 en darmkanker, en worden door bacteriën in de dikke darm gefermenteerd.**Cultuur**Q37: Wat is het Sunrise Model van Leininger?A37: Het Sunrise Model van Leininger richt zich op de verschillen en overeenkomsten in overtuigingen, waarden en levenspatronen tussen culturen. Het doel is het verlenen van cultureel congruente, betekenisvolle en heilzame zorgverlening.Q38: Wat zijn de cultuurdimensies van Hofstede?A38: De cultuurdimensies van Hofstede zijn machtsafstand, masculiniteit-femininiteit, individualisme-collectivisme, onzekerheidsvermijding, langetermijngerichtheid-kortetermijngerichtheid, en hedonisme-soberheid.**Palliatieve zorg**Q39: Wat zijn de vier fasen van palliatieve zorg?A39: De vier fasen van palliatieve zorg zijn ziektegerichte palliatie, symptoomgerichte palliatie, palliatie in de stervensfase, en nazorg.Q40: Wat is proactieve zorgplanning?A40: Proactieve zorgplanning is het proces van vooruit denken, plannen en organiseren van zorgwensen en -behoeften, zodat de zorg afgestemd kan worden op persoonlijke wensen, waarden en behoeften. Het omvat gesprekken over huidige en toekomstige levensdoelen en keuzes.**OMAHA**Q41: Wat zijn de zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha?A41: De zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha zijn gegevens verzamelen en onderzoeken, aandachtsgebieden vaststellen, stand van zaken per gebied meten, actie plannen en uitvoeren, stand van zaken tussentijds/einde zorg meten, en evalueren op elk gebied.Q42: Wat zijn de vier domeinen van Omaha System?A42: De vier domeinen van Omaha System zijn omgevingsdomein, psychosociaal domein, fysiologisch domein, en gezondheidsgerelateerd gedragsdomein.**NSM**Q43: Wat zijn de vijf variabelen van het NSM?A43: De vijf variabelen van het NSM zijn psychologisch, sociaal-cultureel, ontwikkelingsbepaald, spiritueel, en fysiologisch.Q44: Wat is een PES in het NSM?A44: Een PES in het NSM is een probleemstelling bestaande uit Probleem, Ethiologie (oorzaak), en Symptomen.**Revalidatie**Q45: Wat zijn de verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA?A45: Verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA zijn vroege diagnose, preventie en vroegsignalering van complicaties, controle van vitale functies en neurologische symptomen, bijhouden van een bloedglucosedagcurve, sliktest uitvoeren, multidisciplinaire samenwerking, en voorlichting en hulp bij het aanpakken van risicofactoren.**Klinisch redeneren**Q46: Wat is de EWS-score?A46: De EWS-score (Early Warning Score) gebeurt aan de hand van de ABCDE-methode. Hoe hoger de patiënt scoort op de vitale functies, hoe groter de bedreiging. Bij een score van meer dan 3 moet de arts worden gewaarschuwd.Q47: Wat is de SBARR-methode?A47: De SBARR-methode staat voor Situation, Background, Assessment, Recommendation, en Response. Het is een gestructureerde manier van communiceren in de gezondheidszorg.**DM en technologie**Q48: Wat is een continu glucose meter?A48: Een continu glucose meter (glucosesensor) meet om de paar minuten de bloedsuiker via een naaldje dat de bloedsuiker meet in het vocht onder de huid. Het geeft een seintje bij te hoge of te lage bloedsuikerwaarden.Q49: Wat is de Freestyle Libre sensor?A49: De Freestyle Libre sensor meet de glucosewaarden zonder vingerprik. De sensor wordt op de achterkant van de bovenarm geplaatst en meet automatisch de glucosewaarde in het interstitiële vocht. De waarde wordt zichtbaar op een reader en app.**Mantelzorg**Q50: Wat is de Caregiver Strain Index?A50: De Caregiver Strain Index is een vragenlijst waarmee overbelasting door mantelzorg gemeten kan worden. Scores worden ingedeeld in rood (11-13 keer “ja”, zeer zwaar belast), oranje (7-10 keer “ja”, overbelast), en groen (0-6 keer “ja”,
%1 Oefenvragen en Antwoorden over Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg Verpleegkunde Viaa %2%3 Deze set van 64 oefenvragen en antwoorden is ontworpen om je te helpen bij het bestuderen van de Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg voor Verpleegkunde aan Viaa. De vragen beslaan verschillende onderwerpen zoals medisch, voeding, ethiek, en verpleegtechnische vaardigheden. Elke vraag begint met Q[cijfer] en elk antwoord met A[cijfer]. %4**Medisch**Q1: Wat zijn de symptomen van Diabetes Mellitus?A1: De symptomen van Diabetes Mellitus zijn veel plassen, onlesbare dorst, onverklaarbaar gewichtsverlies, algehele zwakte en vermoeidheid, tintelingen en gevoelloosheid in handen, benen of voeten, en andere mogelijke symptomen zoals oogklachten, slecht genezende wondjes, kortademigheid, droge huid, doorlopend honger, seksuele problemen, smaakstoornissen, en soms splinterbloedingen onder de nagel.Q2: Wat zijn de oorzaken van Diabetes Mellitus type 2?A2: De oorzaken van Diabetes Mellitus type 2 zijn erfelijke aanleg, (ernstig) overgewicht, te weinig bewegen, roken, en voeding. Een gezonde leefstijl kan helpen om diabetes type 2 te voorkomen.Q3: Hoe wordt de diagnose Diabetes Mellitus type 2 gesteld?A3: De diagnose Diabetes Mellitus type 2 wordt gesteld door het bepalen van het glucosegehalte in het bloedplasma. Dit gebeurt meestal met een vingerprik en een draagbare glucosemeter. Criteria zijn twee nuchtere plasmaglucosewaarden gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger op twee verschillende dagen, een nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger in combinatie met hyperglykemische klachten, of een niet-nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 11,1 mmol/l of hoger in combinatie met genoemde symptomen.**Ouderen**Q4: Wat zijn de veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen die consequenties hebben voor de farmacokinetiek en -dynamiek?A4: Veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen zijn verminderde lever- en niercapaciteit, verhoogd vetpercentage en verminderde spiermassa. Deze veranderingen beïnvloeden de afbraak en afscheiding van medicatie, en medicijnen blijven langer in het vetweefsel zitten.Q5: Wat is polyfarmacie en waarom is het een probleem bij ouderen?A5: Polyfarmacie is het gedurende langere tijd gebruiken van vijf of meer verschillende soorten geneesmiddelen tegelijk. Het is een probleem bij ouderen omdat het risico op interacties en bijwerkingen groter is, en omdat ouderen extra gevoelig zijn voor de schadelijke effecten van medicijnen.**COPD**Q6: Wat zijn de oorzaken en symptomen van COPD?A6: Oorzaken van COPD zijn schadelijke stoffen zoals roken en genetische afwijkingen. Symptomen zijn hypersecretie van mucus, littekenvorming luchtwegen, dilatie en destructie van alveoli, en ontstekingsreacties in de longslagaders. Dit leidt tot hoesten, moeite met uitademen, benauwdheid, en hypertensie in de longcirculatie.Q7: Wat is het verschil tussen COPD en Astma?A7: COPD wordt voornamelijk veroorzaakt door roken en hogere leeftijd, heeft een per definitie irreversibele luchtwegobstructie, en is relatief ongevoelig voor corticosteroïden. Astma daarentegen wordt vaak veroorzaakt door atopie, heeft een wisselende en in de regel reversibele luchtwegobstructie, en is meestal gevoelig voor corticosteroïden.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q8: Wat is de definitie van een verstandelijke beperking?A8: Een verstandelijke beperking is een aangeboren of in de prille jeugd verkregen stoornis van de geestelijke functies en hun ontwikkelingsmogelijkheid, waarbij het verstandelijk tekort het meest opvallend is en de sociale aanpassing bemoeilijkt of onmogelijk maakt.Q9: Wat zijn de vier indelingen van verstandelijke beperkingen?A9: De vier indelingen zijn licht (ontwikkelingsleeftijd van 7 tot 12 jaar), matig (ontwikkelingsleeftijd 4-7 jaar), ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 2-4 jaar), en zeer ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 0-2 jaar).**Psychotische aandoeningen**Q10: Wat zijn hallucinaties en welke vormen bestaan er?A10: Hallucinaties zijn het waarnemen van iets dat andere personen in de omgeving niet waarnemen. Vormen zijn akoestische hallucinaties (stemmen/geluiden horen), gezichtshallucinaties (dingen of personen zien), olfactorische/reukhallucinaties (geuren ruiken), gustatoire/smaakhallucinaties (dingen proeven), en somatische/tactiele hallucinaties (iets voelen in het lichaam of op de huid).Q11: Wat is schizofrenie en welke vormen bestaan er?A11: Schizofrenie is een chronische psychotische stoornis die wordt gekenmerkt door verstoringen van gedrag, denken, emoties en waarnemingen. Vormen zijn schizoaffectieve stoornis, schizofreniforme stoornis, gedesorganiseerde schizofrenie, katatone schizofrenie, en paranoïde schizofrenie.**MS**Q12: Wat zijn de oorzaken en vormen van MS?A12: De precieze oorzaak van MS is niet helemaal duidelijk, maar het wordt gedacht dat het een auto-immuunreactie is, mogelijk uitgelokt door een virus. Vormen van MS zijn relapsing-remitting MS (RRMS), secundair progressieve MS (SPMS), milde of benigne MS, en primair progressieve MS (PPMS).Q13: Wat is de behandeling voor MS?A13: Behandeling voor MS omvat immuunmodulerende behandeling zoals interferonen en glatirameeracetaat, nieuwere medicatie zoals natalizumab of fingolimod, corticosteroïden bij exacerbaties, stoppen met roken, en niet-medicamenteuze en medicamenteuze behandelingen voor symptomen zoals depressie, spasticiteit, vermoeidheid, pijn, mictiestoornissen en obstipatie.**Urologie en Incontinentie**Q14: Wat zijn de verschillende vormen van incontinentie?A14: De verschillende vormen van incontinentie zijn urge-incontinentie, stress-incontinentie, gemengde incontinentie, overloopincontinentie/retentieblaas, reflexincontinentie, en functionele incontinentie.Q15: Wat zijn de oorzaken en symptomen van prostaathypertrofie en prostaatcarcinoom?A15: Prostaathypertrofie is goedaardig en veroorzaakt door een vergrote prostaat die de urinebuis blokkeert. Prostaatcarcinoom is kwaadaardig en kan leiden tot symptomen zoals moeite met urineren, zwakke urinestraal, en bloed in de urine.**Voeding**Q16: Wat zijn de functies van koolhydraten?A16: Koolhydraten geven het lichaam energie, vooral voor de hersenen en rode bloedcellen. Ze geven ook een zoete smaak aan voeding en bevatten voedingsvezels die nodig zijn voor een goede darmwerking.Q17: Wat zijn de functies van eiwitten?A17: Eiwitten zijn nodig voor de opbouw van cellen, vernieuwen van bestaande cellen, regelprocessen zoals enzymen en hormonen, en transport van stoffen in het bloed zoals hemoglobine.**Oncologie**Q18: Wat is de TNM-classificatie voor kanker?A18: De TNM-classificatie voor kanker bestaat uit T (Tumor, grootte en mate van doorgroei), N (Nodus, lymfeklieruitzaaiingen), en M (Metastasen, uitzaaiingen op afstand). Scores lopen van T1 tot T4, N0 tot N3, en M0 tot M1.Q19: Wat zijn de behandelopties voor kanker?A19: Behandelopties voor kanker zijn chirurgie, radiotherapie, chemotherapie, hormonale therapie, en immunotherapie. Behandeldoelen kunnen curatief, symptomatisch of palliatief zijn.**CVA en hartfalen**Q20: Wat zijn de symptomen van een CVA?A20: Symptomen van een CVA zijn plotselinge verlamming of zwakte aan één kant van het lichaam, spraakproblemen, slikstoornissen, evenwichtsproblemen, visusproblemen, verwardheid, agnosie, apraxie, afasie, neglect, bewustzijnsdaling of -verlies, en hemianopsie.Q21: Wat is het verschil tussen een herseninfarct, hersenbloeding en een TIA?A21: Een herseninfarct wordt veroorzaakt door een afsluiting van een hersenarterie, een hersenbloeding door een scheur in een hersenarterie, en een TIA is een kortdurend zuurstoftekort in een deel van de hersenen door een tijdelijke afsluiting zonder dat hersenweefsel afsterft.**Verpleegkunde**Q22: Wat is de definitie van langdurige zorg?A22: Langdurige zorg is zorg voor mensen die blijvend intensieve zorg of toezicht nodig hebben. Het is geregeld in de Wet langdurige zorg (Wlz) en wordt uitgevoerd door zorgkantoren.Q23: Wat is het Chronic Care Model van Wagner?A23: Het Chronic Care Model van Wagner propageert geïntegreerde zorg en stelt verandering voor op zes terreinen: zelfmanagementondersteuning, herontwerp van het zorgproces, besluitvorming ondersteuning, klinisch informatiesysteem, organisatie, en community of gemeenschap.**Bronchusverwijdende therapie**Q24: Wat zijn de werkingsmechanismen van SABA en LABA?A24: SABA (Short Acting Beta-receptor Agonist) zoals salbutamol stimuleert selectief de β-2-receptoren van het sympathische zenuwstelsel, waardoor het bronchiale gladde spierweefsel ontspant. LABA (Long Acting Beta-2-agonist) zoals Serevent® stimuleert de β-2-receptoren en heeft een langwerkend effect.Q25: Wat zijn de bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide®?A25: Bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide® zijn orofaryngeale candidiase, heesheid, kneuzingen, pneumonie, bronchitis, huiduitslag, hyperglykemie, dyspepsie, cataract, en verhoogde intraoculaire druk.**Geriatrie/gerontologie**Q26: Wat is het verschil tussen geriatrie en gerontologie?A26: Geriatrie is een medisch specialisme dat zich richt op ouderen met een combinatie van aandoeningen, terwijl gerontologie de wetenschap van het ouder worden is, inclusief sociale, psychologische, cognitieve en biologische aspecten.Q27: Wat zijn frailty markers bij kwetsbare ouderen?A27: Frailty markers bij kwetsbare ouderen zijn gewichtsverlies, uitputting, lage loopsnelheid, weinig fysieke activiteit, en lage knijpkracht. De aanwezigheid van drie of meer criteria indiceert kwetsbaarheid.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q28: Wat zijn de VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking?A28: De VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking zijn zeggenschap, inclusie, respect en veiligheid, persoonlijke ondersteuning, eigen keuze, behoud van relaties, ontplooiing, respect en eigenwaarde, en leven in en met de samenleving.Q29: Wat is het LACCS-principe?A29: Het LACCS-principe is gebaseerd op lichamelijk welzijn, alertheid, contact, communicatie, en stimulerende tijdsbesteding. Het doel is een goed leven voor iedereen van de EVMB doelgroep.**FACT team**Q30: Wat zijn de taken van een verpleegkundige in een FACT-team?A30: Taken van een verpleegkundige in een FACT-team zijn flexibele en assertieve behandeling en begeleiding, contact leggen met het systeem/netwerk van de patiënt, samenwerken met ketenpartners, draaien van de medicatiepoli en/of somatische poli, en werken met een shared caseload.Q31: Wat zijn de 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team?A31: De 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team zijn Cure, Care, Crisisinterventie, Community support, Cliëntdeskundigheid ondersteunen, Controle, en Check.**Psychiatrie**Q32: Wat zijn gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen?A32: Gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen zijn familiegesprekken, psycho-educatie, therapie voor familie en/of naasten, en interventies gericht op terugvalpreventie en het versterken van sociale steun.Q33: Wat zijn aandachtspunten in het contact met zorgvragers met psychotische aandoeningen?A33: Aandachtspunten zijn ondersteunen bij activiteiten, vertrouwen opbouwen, helpen oriënteren, voorzichtig zijn met aanraking, duidelijk en luid praten, tekenen van hallucinaties herkennen, wanen niet ontkennen, competitie-element vermijden, waardering uitspreken, lage EE (expressed emotion) behouden, en doelen op korte termijn stellen.**Incontinentie**Q34: Wat zijn de verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie?A34: Verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie zijn signalering, bespreekbaar maken, katheter inbrengen, goede plashouding, blaastraining, bekkenbodemspieroefeningen, medicatie toedienen, en eventueel chirurgische behandelingen zoals netjes of implantaten.**Voeding**Q35: Wat zijn de functies van vetten?A35: Vetten leveren energie, beschermen organen, bevorderen de werking van ogen, hersenen en spieren, leveren vitamines (E, A, D), en bevatten essentiële vetzuren zoals linolzuur en alfalinoleenzuur.Q36: Wat zijn niet verteerbare polysachariden en hun functies?A36: Niet verteerbare polysachariden zijn voedingsvezels die niet door het maag-darmkanaal worden verteerd. Ze bevorderen een goede spijsvertering, zorgen voor een verzadigd gevoel, verminderen het risico op hart- en vaatziekten, diabetes type 2 en darmkanker, en worden door bacteriën in de dikke darm gefermenteerd.**Cultuur**Q37: Wat is het Sunrise Model van Leininger?A37: Het Sunrise Model van Leininger richt zich op de verschillen en overeenkomsten in overtuigingen, waarden en levenspatronen tussen culturen. Het doel is het verlenen van cultureel congruente, betekenisvolle en heilzame zorgverlening.Q38: Wat zijn de cultuurdimensies van Hofstede?A38: De cultuurdimensies van Hofstede zijn machtsafstand, masculiniteit-femininiteit, individualisme-collectivisme, onzekerheidsvermijding, langetermijngerichtheid-kortetermijngerichtheid, en hedonisme-soberheid.**Palliatieve zorg**Q39: Wat zijn de vier fasen van palliatieve zorg?A39: De vier fasen van palliatieve zorg zijn ziektegerichte palliatie, symptoomgerichte palliatie, palliatie in de stervensfase, en nazorg.Q40: Wat is proactieve zorgplanning?A40: Proactieve zorgplanning is het proces van vooruit denken, plannen en organiseren van zorgwensen en -behoeften, zodat de zorg afgestemd kan worden op persoonlijke wensen, waarden en behoeften. Het omvat gesprekken over huidige en toekomstige levensdoelen en keuzes.**OMAHA**Q41: Wat zijn de zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha?A41: De zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha zijn gegevens verzamelen en onderzoeken, aandachtsgebieden vaststellen, stand van zaken per gebied meten, actie plannen en uitvoeren, stand van zaken tussentijds/einde zorg meten, en evalueren op elk gebied.Q42: Wat zijn de vier domeinen van Omaha System?A42: De vier domeinen van Omaha System zijn omgevingsdomein, psychosociaal domein, fysiologisch domein, en gezondheidsgerelateerd gedragsdomein.**NSM**Q43: Wat zijn de vijf variabelen van het NSM?A43: De vijf variabelen van het NSM zijn psychologisch, sociaal-cultureel, ontwikkelingsbepaald, spiritueel, en fysiologisch.Q44: Wat is een PES in het NSM?A44: Een PES in het NSM is een probleemstelling bestaande uit Probleem, Ethiologie (oorzaak), en Symptomen.**Revalidatie**Q45: Wat zijn de verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA?A45: Verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA zijn vroege diagnose, preventie en vroegsignalering van complicaties, controle van vitale functies en neurologische symptomen, bijhouden van een bloedglucosedagcurve, sliktest uitvoeren, multidisciplinaire samenwerking, en voorlichting en hulp bij het aanpakken van risicofactoren.**Klinisch redeneren**Q46: Wat is de EWS-score?A46: De EWS-score (Early Warning Score) gebeurt aan de hand van de ABCDE-methode. Hoe hoger de patiënt scoort op de vitale functies, hoe groter de bedreiging. Bij een score van meer dan 3 moet de arts worden gewaarschuwd.Q47: Wat is de SBARR-methode?A47: De SBARR-methode staat voor Situation, Background, Assessment, Recommendation, en Response. Het is een gestructureerde manier van communiceren in de gezondheidszorg.**DM en technologie**Q48: Wat is een continu glucose meter?A48: Een continu glucose meter (glucosesensor) meet om de paar minuten de bloedsuiker via een naaldje dat de bloedsuiker meet in het vocht onder de huid. Het geeft een seintje bij te hoge of te lage bloedsuikerwaarden.Q49: Wat is de Freestyle Libre sensor?A49: De Freestyle Libre sensor meet de glucosewaarden zonder vingerprik. De sensor wordt op de achterkant van de bovenarm geplaatst en meet automatisch de glucosewaarde in het interstitiële vocht. De waarde wordt zichtbaar op een reader en app.**Mantelzorg**Q50: Wat is de Caregiver Strain Index?A50: De Caregiver Strain Index is een vragenlijst waarmee overbelasting door mantelzorg gemeten kan worden. Scores worden ingedeeld in rood (11-13 keer “ja”, zeer zwaar belast), oranje (7-10 keer “ja”, overbelast), en groen (0-6 keer “ja”,
%1 Oefenvragen en Antwoorden over Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg Verpleegkunde Viaa %2%3 Deze set van 64 oefenvragen en antwoorden is ontworpen om je te helpen bij het bestuderen van de Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg voor Verpleegkunde aan Viaa. De vragen beslaan verschillende onderwerpen zoals medisch, voeding, ethiek, en verpleegtechnische vaardigheden. Elke vraag begint met Q[cijfer] en elk antwoord met A[cijfer]. %4**Medisch**Q1: Wat zijn de symptomen van Diabetes Mellitus?A1: De symptomen van Diabetes Mellitus zijn veel plassen, onlesbare dorst, onverklaarbaar gewichtsverlies, algehele zwakte en vermoeidheid, tintelingen en gevoelloosheid in handen, benen of voeten, en andere mogelijke symptomen zoals oogklachten, slecht genezende wondjes, kortademigheid, droge huid, doorlopend honger, seksuele problemen, smaakstoornissen, en soms splinterbloedingen onder de nagel.Q2: Wat zijn de oorzaken van Diabetes Mellitus type 2?A2: De oorzaken van Diabetes Mellitus type 2 zijn erfelijke aanleg, (ernstig) overgewicht, te weinig bewegen, roken, en voeding. Een gezonde leefstijl kan helpen om diabetes type 2 te voorkomen.Q3: Hoe wordt de diagnose Diabetes Mellitus type 2 gesteld?A3: De diagnose Diabetes Mellitus type 2 wordt gesteld door het bepalen van het glucosegehalte in het bloedplasma. Dit gebeurt meestal met een vingerprik en een draagbare glucosemeter. Criteria zijn twee nuchtere plasmaglucosewaarden gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger op twee verschillende dagen, een nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger in combinatie met hyperglykemische klachten, of een niet-nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 11,1 mmol/l of hoger in combinatie met genoemde symptomen.**Ouderen**Q4: Wat zijn de veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen die consequenties hebben voor de farmacokinetiek en -dynamiek?A4: Veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen zijn verminderde lever- en niercapaciteit, verhoogd vetpercentage en verminderde spiermassa. Deze veranderingen beïnvloeden de afbraak en afscheiding van medicatie, en medicijnen blijven langer in het vetweefsel zitten.Q5: Wat is polyfarmacie en waarom is het een probleem bij ouderen?A5: Polyfarmacie is het gedurende langere tijd gebruiken van vijf of meer verschillende soorten geneesmiddelen tegelijk. Het is een probleem bij ouderen omdat het risico op interacties en bijwerkingen groter is, en omdat ouderen extra gevoelig zijn voor de schadelijke effecten van medicijnen.**COPD**Q6: Wat zijn de oorzaken en symptomen van COPD?A6: Oorzaken van COPD zijn schadelijke stoffen zoals roken en genetische afwijkingen. Symptomen zijn hypersecretie van mucus, littekenvorming luchtwegen, dilatie en destructie van alveoli, en ontstekingsreacties in de longslagaders. Dit leidt tot hoesten, moeite met uitademen, benauwdheid, en hypertensie in de longcirculatie.Q7: Wat is het verschil tussen COPD en Astma?A7: COPD wordt voornamelijk veroorzaakt door roken en hogere leeftijd, heeft een per definitie irreversibele luchtwegobstructie, en is relatief ongevoelig voor corticosteroïden. Astma daarentegen wordt vaak veroorzaakt door atopie, heeft een wisselende en in de regel reversibele luchtwegobstructie, en is meestal gevoelig voor corticosteroïden.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q8: Wat is de definitie van een verstandelijke beperking?A8: Een verstandelijke beperking is een aangeboren of in de prille jeugd verkregen stoornis van de geestelijke functies en hun ontwikkelingsmogelijkheid, waarbij het verstandelijk tekort het meest opvallend is en de sociale aanpassing bemoeilijkt of onmogelijk maakt.Q9: Wat zijn de vier indelingen van verstandelijke beperkingen?A9: De vier indelingen zijn licht (ontwikkelingsleeftijd van 7 tot 12 jaar), matig (ontwikkelingsleeftijd 4-7 jaar), ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 2-4 jaar), en zeer ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 0-2 jaar).**Psychotische aandoeningen**Q10: Wat zijn hallucinaties en welke vormen bestaan er?A10: Hallucinaties zijn het waarnemen van iets dat andere personen in de omgeving niet waarnemen. Vormen zijn akoestische hallucinaties (stemmen/geluiden horen), gezichtshallucinaties (dingen of personen zien), olfactorische/reukhallucinaties (geuren ruiken), gustatoire/smaakhallucinaties (dingen proeven), en somatische/tactiele hallucinaties (iets voelen in het lichaam of op de huid).Q11: Wat is schizofrenie en welke vormen bestaan er?A11: Schizofrenie is een chronische psychotische stoornis die wordt gekenmerkt door verstoringen van gedrag, denken, emoties en waarnemingen. Vormen zijn schizoaffectieve stoornis, schizofreniforme stoornis, gedesorganiseerde schizofrenie, katatone schizofrenie, en paranoïde schizofrenie.**MS**Q12: Wat zijn de oorzaken en vormen van MS?A12: De precieze oorzaak van MS is niet helemaal duidelijk, maar het wordt gedacht dat het een auto-immuunreactie is, mogelijk uitgelokt door een virus. Vormen van MS zijn relapsing-remitting MS (RRMS), secundair progressieve MS (SPMS), milde of benigne MS, en primair progressieve MS (PPMS).Q13: Wat is de behandeling voor MS?A13: Behandeling voor MS omvat immuunmodulerende behandeling zoals interferonen en glatirameeracetaat, nieuwere medicatie zoals natalizumab of fingolimod, corticosteroïden bij exacerbaties, stoppen met roken, en niet-medicamenteuze en medicamenteuze behandelingen voor symptomen zoals depressie, spasticiteit, vermoeidheid, pijn, mictiestoornissen en obstipatie.**Urologie en Incontinentie**Q14: Wat zijn de verschillende vormen van incontinentie?A14: De verschillende vormen van incontinentie zijn urge-incontinentie, stress-incontinentie, gemengde incontinentie, overloopincontinentie/retentieblaas, reflexincontinentie, en functionele incontinentie.Q15: Wat zijn de oorzaken en symptomen van prostaathypertrofie en prostaatcarcinoom?A15: Prostaathypertrofie is goedaardig en veroorzaakt door een vergrote prostaat die de urinebuis blokkeert. Prostaatcarcinoom is kwaadaardig en kan leiden tot symptomen zoals moeite met urineren, zwakke urinestraal, en bloed in de urine.**Voeding**Q16: Wat zijn de functies van koolhydraten?A16: Koolhydraten geven het lichaam energie, vooral voor de hersenen en rode bloedcellen. Ze geven ook een zoete smaak aan voeding en bevatten voedingsvezels die nodig zijn voor een goede darmwerking.Q17: Wat zijn de functies van eiwitten?A17: Eiwitten zijn nodig voor de opbouw van cellen, vernieuwen van bestaande cellen, regelprocessen zoals enzymen en hormonen, en transport van stoffen in het bloed zoals hemoglobine.**Oncologie**Q18: Wat is de TNM-classificatie voor kanker?A18: De TNM-classificatie voor kanker bestaat uit T (Tumor, grootte en mate van doorgroei), N (Nodus, lymfeklieruitzaaiingen), en M (Metastasen, uitzaaiingen op afstand). Scores lopen van T1 tot T4, N0 tot N3, en M0 tot M1.Q19: Wat zijn de behandelopties voor kanker?A19: Behandelopties voor kanker zijn chirurgie, radiotherapie, chemotherapie, hormonale therapie, en immunotherapie. Behandeldoelen kunnen curatief, symptomatisch of palliatief zijn.**CVA en hartfalen**Q20: Wat zijn de symptomen van een CVA?A20: Symptomen van een CVA zijn plotselinge verlamming of zwakte aan één kant van het lichaam, spraakproblemen, slikstoornissen, evenwichtsproblemen, visusproblemen, verwardheid, agnosie, apraxie, afasie, neglect, bewustzijnsdaling of -verlies, en hemianopsie.Q21: Wat is het verschil tussen een herseninfarct, hersenbloeding en een TIA?A21: Een herseninfarct wordt veroorzaakt door een afsluiting van een hersenarterie, een hersenbloeding door een scheur in een hersenarterie, en een TIA is een kortdurend zuurstoftekort in een deel van de hersenen door een tijdelijke afsluiting zonder dat hersenweefsel afsterft.**Verpleegkunde**Q22: Wat is de definitie van langdurige zorg?A22: Langdurige zorg is zorg voor mensen die blijvend intensieve zorg of toezicht nodig hebben. Het is geregeld in de Wet langdurige zorg (Wlz) en wordt uitgevoerd door zorgkantoren.Q23: Wat is het Chronic Care Model van Wagner?A23: Het Chronic Care Model van Wagner propageert geïntegreerde zorg en stelt verandering voor op zes terreinen: zelfmanagementondersteuning, herontwerp van het zorgproces, besluitvorming ondersteuning, klinisch informatiesysteem, organisatie, en community of gemeenschap.**Bronchusverwijdende therapie**Q24: Wat zijn de werkingsmechanismen van SABA en LABA?A24: SABA (Short Acting Beta-receptor Agonist) zoals salbutamol stimuleert selectief de β-2-receptoren van het sympathische zenuwstelsel, waardoor het bronchiale gladde spierweefsel ontspant. LABA (Long Acting Beta-2-agonist) zoals Serevent® stimuleert de β-2-receptoren en heeft een langwerkend effect.Q25: Wat zijn de bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide®?A25: Bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide® zijn orofaryngeale candidiase, heesheid, kneuzingen, pneumonie, bronchitis, huiduitslag, hyperglykemie, dyspepsie, cataract, en verhoogde intraoculaire druk.**Geriatrie/gerontologie**Q26: Wat is het verschil tussen geriatrie en gerontologie?A26: Geriatrie is een medisch specialisme dat zich richt op ouderen met een combinatie van aandoeningen, terwijl gerontologie de wetenschap van het ouder worden is, inclusief sociale, psychologische, cognitieve en biologische aspecten.Q27: Wat zijn frailty markers bij kwetsbare ouderen?A27: Frailty markers bij kwetsbare ouderen zijn gewichtsverlies, uitputting, lage loopsnelheid, weinig fysieke activiteit, en lage knijpkracht. De aanwezigheid van drie of meer criteria indiceert kwetsbaarheid.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q28: Wat zijn de VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking?A28: De VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking zijn zeggenschap, inclusie, respect en veiligheid, persoonlijke ondersteuning, eigen keuze, behoud van relaties, ontplooiing, respect en eigenwaarde, en leven in en met de samenleving.Q29: Wat is het LACCS-principe?A29: Het LACCS-principe is gebaseerd op lichamelijk welzijn, alertheid, contact, communicatie, en stimulerende tijdsbesteding. Het doel is een goed leven voor iedereen van de EVMB doelgroep.**FACT team**Q30: Wat zijn de taken van een verpleegkundige in een FACT-team?A30: Taken van een verpleegkundige in een FACT-team zijn flexibele en assertieve behandeling en begeleiding, contact leggen met het systeem/netwerk van de patiënt, samenwerken met ketenpartners, draaien van de medicatiepoli en/of somatische poli, en werken met een shared caseload.Q31: Wat zijn de 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team?A31: De 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team zijn Cure, Care, Crisisinterventie, Community support, Cliëntdeskundigheid ondersteunen, Controle, en Check.**Psychiatrie**Q32: Wat zijn gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen?A32: Gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen zijn familiegesprekken, psycho-educatie, therapie voor familie en/of naasten, en interventies gericht op terugvalpreventie en het versterken van sociale steun.Q33: Wat zijn aandachtspunten in het contact met zorgvragers met psychotische aandoeningen?A33: Aandachtspunten zijn ondersteunen bij activiteiten, vertrouwen opbouwen, helpen oriënteren, voorzichtig zijn met aanraking, duidelijk en luid praten, tekenen van hallucinaties herkennen, wanen niet ontkennen, competitie-element vermijden, waardering uitspreken, lage EE (expressed emotion) behouden, en doelen op korte termijn stellen.**Incontinentie**Q34: Wat zijn de verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie?A34: Verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie zijn signalering, bespreekbaar maken, katheter inbrengen, goede plashouding, blaastraining, bekkenbodemspieroefeningen, medicatie toedienen, en eventueel chirurgische behandelingen zoals netjes of implantaten.**Voeding**Q35: Wat zijn de functies van vetten?A35: Vetten leveren energie, beschermen organen, bevorderen de werking van ogen, hersenen en spieren, leveren vitamines (E, A, D), en bevatten essentiële vetzuren zoals linolzuur en alfalinoleenzuur.Q36: Wat zijn niet verteerbare polysachariden en hun functies?A36: Niet verteerbare polysachariden zijn voedingsvezels die niet door het maag-darmkanaal worden verteerd. Ze bevorderen een goede spijsvertering, zorgen voor een verzadigd gevoel, verminderen het risico op hart- en vaatziekten, diabetes type 2 en darmkanker, en worden door bacteriën in de dikke darm gefermenteerd.**Cultuur**Q37: Wat is het Sunrise Model van Leininger?A37: Het Sunrise Model van Leininger richt zich op de verschillen en overeenkomsten in overtuigingen, waarden en levenspatronen tussen culturen. Het doel is het verlenen van cultureel congruente, betekenisvolle en heilzame zorgverlening.Q38: Wat zijn de cultuurdimensies van Hofstede?A38: De cultuurdimensies van Hofstede zijn machtsafstand, masculiniteit-femininiteit, individualisme-collectivisme, onzekerheidsvermijding, langetermijngerichtheid-kortetermijngerichtheid, en hedonisme-soberheid.**Palliatieve zorg**Q39: Wat zijn de vier fasen van palliatieve zorg?A39: De vier fasen van palliatieve zorg zijn ziektegerichte palliatie, symptoomgerichte palliatie, palliatie in de stervensfase, en nazorg.Q40: Wat is proactieve zorgplanning?A40: Proactieve zorgplanning is het proces van vooruit denken, plannen en organiseren van zorgwensen en -behoeften, zodat de zorg afgestemd kan worden op persoonlijke wensen, waarden en behoeften. Het omvat gesprekken over huidige en toekomstige levensdoelen en keuzes.**OMAHA**Q41: Wat zijn de zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha?A41: De zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha zijn gegevens verzamelen en onderzoeken, aandachtsgebieden vaststellen, stand van zaken per gebied meten, actie plannen en uitvoeren, stand van zaken tussentijds/einde zorg meten, en evalueren op elk gebied.Q42: Wat zijn de vier domeinen van Omaha System?A42: De vier domeinen van Omaha System zijn omgevingsdomein, psychosociaal domein, fysiologisch domein, en gezondheidsgerelateerd gedragsdomein.**NSM**Q43: Wat zijn de vijf variabelen van het NSM?A43: De vijf variabelen van het NSM zijn psychologisch, sociaal-cultureel, ontwikkelingsbepaald, spiritueel, en fysiologisch.Q44: Wat is een PES in het NSM?A44: Een PES in het NSM is een probleemstelling bestaande uit Probleem, Ethiologie (oorzaak), en Symptomen.**Revalidatie**Q45: Wat zijn de verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA?A45: Verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA zijn vroege diagnose, preventie en vroegsignalering van complicaties, controle van vitale functies en neurologische symptomen, bijhouden van een bloedglucosedagcurve, sliktest uitvoeren, multidisciplinaire samenwerking, en voorlichting en hulp bij het aanpakken van risicofactoren.**Klinisch redeneren**Q46: Wat is de EWS-score?A46: De EWS-score (Early Warning Score) gebeurt aan de hand van de ABCDE-methode. Hoe hoger de patiënt scoort op de vitale functies, hoe groter de bedreiging. Bij een score van meer dan 3 moet de arts worden gewaarschuwd.Q47: Wat is de SBARR-methode?A47: De SBARR-methode staat voor Situation, Background, Assessment, Recommendation, en Response. Het is een gestructureerde manier van communiceren in de gezondheidszorg.**DM en technologie**Q48: Wat is een continu glucose meter?A48: Een continu glucose meter (glucosesensor) meet om de paar minuten de bloedsuiker via een naaldje dat de bloedsuiker meet in het vocht onder de huid. Het geeft een seintje bij te hoge of te lage bloedsuikerwaarden.Q49: Wat is de Freestyle Libre sensor?A49: De Freestyle Libre sensor meet de glucosewaarden zonder vingerprik. De sensor wordt op de achterkant van de bovenarm geplaatst en meet automatisch de glucosewaarde in het interstitiële vocht. De waarde wordt zichtbaar op een reader en app.**Mantelzorg**Q50: Wat is de Caregiver Strain Index?A50: De Caregiver Strain Index is een vragenlijst waarmee overbelasting door mantelzorg gemeten kan worden. Scores worden ingedeeld in rood (11-13 keer “ja”, zeer zwaar belast), oranje (7-10 keer “ja”, overbelast), en groen (0-6 keer “ja”,
%1 Oefenvragen en Antwoorden over Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg Verpleegkunde Viaa %2%3 Deze set van 64 oefenvragen en antwoorden is ontworpen om je te helpen bij het bestuderen van de Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg voor Verpleegkunde aan Viaa. De vragen beslaan verschillende onderwerpen zoals medisch, voeding, ethiek, en verpleegtechnische vaardigheden. Elke vraag begint met Q[cijfer] en elk antwoord met A[cijfer]. %4**Medisch**Q1: Wat zijn de symptomen van Diabetes Mellitus?A1: De symptomen van Diabetes Mellitus zijn veel plassen, onlesbare dorst, onverklaarbaar gewichtsverlies, algehele zwakte en vermoeidheid, tintelingen en gevoelloosheid in handen, benen of voeten, en andere mogelijke symptomen zoals oogklachten, slecht genezende wondjes, kortademigheid, droge huid, doorlopend honger, seksuele problemen, smaakstoornissen, en soms splinterbloedingen onder de nagel.Q2: Wat zijn de oorzaken van Diabetes Mellitus type 2?A2: De oorzaken van Diabetes Mellitus type 2 zijn erfelijke aanleg, (ernstig) overgewicht, te weinig bewegen, roken, en voeding. Een gezonde leefstijl kan helpen om diabetes type 2 te voorkomen.Q3: Hoe wordt de diagnose Diabetes Mellitus type 2 gesteld?A3: De diagnose Diabetes Mellitus type 2 wordt gesteld door het bepalen van het glucosegehalte in het bloedplasma. Dit gebeurt meestal met een vingerprik en een draagbare glucosemeter. Criteria zijn twee nuchtere plasmaglucosewaarden gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger op twee verschillende dagen, een nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger in combinatie met hyperglykemische klachten, of een niet-nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 11,1 mmol/l of hoger in combinatie met genoemde symptomen.**Ouderen**Q4: Wat zijn de veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen die consequenties hebben voor de farmacokinetiek en -dynamiek?A4: Veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen zijn verminderde lever- en niercapaciteit, verhoogd vetpercentage en verminderde spiermassa. Deze veranderingen beïnvloeden de afbraak en afscheiding van medicatie, en medicijnen blijven langer in het vetweefsel zitten.Q5: Wat is polyfarmacie en waarom is het een probleem bij ouderen?A5: Polyfarmacie is het gedurende langere tijd gebruiken van vijf of meer verschillende soorten geneesmiddelen tegelijk. Het is een probleem bij ouderen omdat het risico op interacties en bijwerkingen groter is, en omdat ouderen extra gevoelig zijn voor de schadelijke effecten van medicijnen.**COPD**Q6: Wat zijn de oorzaken en symptomen van COPD?A6: Oorzaken van COPD zijn schadelijke stoffen zoals roken en genetische afwijkingen. Symptomen zijn hypersecretie van mucus, littekenvorming luchtwegen, dilatie en destructie van alveoli, en ontstekingsreacties in de longslagaders. Dit leidt tot hoesten, moeite met uitademen, benauwdheid, en hypertensie in de longcirculatie.Q7: Wat is het verschil tussen COPD en Astma?A7: COPD wordt voornamelijk veroorzaakt door roken en hogere leeftijd, heeft een per definitie irreversibele luchtwegobstructie, en is relatief ongevoelig voor corticosteroïden. Astma daarentegen wordt vaak veroorzaakt door atopie, heeft een wisselende en in de regel reversibele luchtwegobstructie, en is meestal gevoelig voor corticosteroïden.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q8: Wat is de definitie van een verstandelijke beperking?A8: Een verstandelijke beperking is een aangeboren of in de prille jeugd verkregen stoornis van de geestelijke functies en hun ontwikkelingsmogelijkheid, waarbij het verstandelijk tekort het meest opvallend is en de sociale aanpassing bemoeilijkt of onmogelijk maakt.Q9: Wat zijn de vier indelingen van verstandelijke beperkingen?A9: De vier indelingen zijn licht (ontwikkelingsleeftijd van 7 tot 12 jaar), matig (ontwikkelingsleeftijd 4-7 jaar), ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 2-4 jaar), en zeer ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 0-2 jaar).**Psychotische aandoeningen**Q10: Wat zijn hallucinaties en welke vormen bestaan er?A10: Hallucinaties zijn het waarnemen van iets dat andere personen in de omgeving niet waarnemen. Vormen zijn akoestische hallucinaties (stemmen/geluiden horen), gezichtshallucinaties (dingen of personen zien), olfactorische/reukhallucinaties (geuren ruiken), gustatoire/smaakhallucinaties (dingen proeven), en somatische/tactiele hallucinaties (iets voelen in het lichaam of op de huid).Q11: Wat is schizofrenie en welke vormen bestaan er?A11: Schizofrenie is een chronische psychotische stoornis die wordt gekenmerkt door verstoringen van gedrag, denken, emoties en waarnemingen. Vormen zijn schizoaffectieve stoornis, schizofreniforme stoornis, gedesorganiseerde schizofrenie, katatone schizofrenie, en paranoïde schizofrenie.**MS**Q12: Wat zijn de oorzaken en vormen van MS?A12: De precieze oorzaak van MS is niet helemaal duidelijk, maar het wordt gedacht dat het een auto-immuunreactie is, mogelijk uitgelokt door een virus. Vormen van MS zijn relapsing-remitting MS (RRMS), secundair progressieve MS (SPMS), milde of benigne MS, en primair progressieve MS (PPMS).Q13: Wat is de behandeling voor MS?A13: Behandeling voor MS omvat immuunmodulerende behandeling zoals interferonen en glatirameeracetaat, nieuwere medicatie zoals natalizumab of fingolimod, corticosteroïden bij exacerbaties, stoppen met roken, en niet-medicamenteuze en medicamenteuze behandelingen voor symptomen zoals depressie, spasticiteit, vermoeidheid, pijn, mictiestoornissen en obstipatie.**Urologie en Incontinentie**Q14: Wat zijn de verschillende vormen van incontinentie?A14: De verschillende vormen van incontinentie zijn urge-incontinentie, stress-incontinentie, gemengde incontinentie, overloopincontinentie/retentieblaas, reflexincontinentie, en functionele incontinentie.Q15: Wat zijn de oorzaken en symptomen van prostaathypertrofie en prostaatcarcinoom?A15: Prostaathypertrofie is goedaardig en veroorzaakt door een vergrote prostaat die de urinebuis blokkeert. Prostaatcarcinoom is kwaadaardig en kan leiden tot symptomen zoals moeite met urineren, zwakke urinestraal, en bloed in de urine.**Voeding**Q16: Wat zijn de functies van koolhydraten?A16: Koolhydraten geven het lichaam energie, vooral voor de hersenen en rode bloedcellen. Ze geven ook een zoete smaak aan voeding en bevatten voedingsvezels die nodig zijn voor een goede darmwerking.Q17: Wat zijn de functies van eiwitten?A17: Eiwitten zijn nodig voor de opbouw van cellen, vernieuwen van bestaande cellen, regelprocessen zoals enzymen en hormonen, en transport van stoffen in het bloed zoals hemoglobine.**Oncologie**Q18: Wat is de TNM-classificatie voor kanker?A18: De TNM-classificatie voor kanker bestaat uit T (Tumor, grootte en mate van doorgroei), N (Nodus, lymfeklieruitzaaiingen), en M (Metastasen, uitzaaiingen op afstand). Scores lopen van T1 tot T4, N0 tot N3, en M0 tot M1.Q19: Wat zijn de behandelopties voor kanker?A19: Behandelopties voor kanker zijn chirurgie, radiotherapie, chemotherapie, hormonale therapie, en immunotherapie. Behandeldoelen kunnen curatief, symptomatisch of palliatief zijn.**CVA en hartfalen**Q20: Wat zijn de symptomen van een CVA?A20: Symptomen van een CVA zijn plotselinge verlamming of zwakte aan één kant van het lichaam, spraakproblemen, slikstoornissen, evenwichtsproblemen, visusproblemen, verwardheid, agnosie, apraxie, afasie, neglect, bewustzijnsdaling of -verlies, en hemianopsie.Q21: Wat is het verschil tussen een herseninfarct, hersenbloeding en een TIA?A21: Een herseninfarct wordt veroorzaakt door een afsluiting van een hersenarterie, een hersenbloeding door een scheur in een hersenarterie, en een TIA is een kortdurend zuurstoftekort in een deel van de hersenen door een tijdelijke afsluiting zonder dat hersenweefsel afsterft.**Verpleegkunde**Q22: Wat is de definitie van langdurige zorg?A22: Langdurige zorg is zorg voor mensen die blijvend intensieve zorg of toezicht nodig hebben. Het is geregeld in de Wet langdurige zorg (Wlz) en wordt uitgevoerd door zorgkantoren.Q23: Wat is het Chronic Care Model van Wagner?A23: Het Chronic Care Model van Wagner propageert geïntegreerde zorg en stelt verandering voor op zes terreinen: zelfmanagementondersteuning, herontwerp van het zorgproces, besluitvorming ondersteuning, klinisch informatiesysteem, organisatie, en community of gemeenschap.**Bronchusverwijdende therapie**Q24: Wat zijn de werkingsmechanismen van SABA en LABA?A24: SABA (Short Acting Beta-receptor Agonist) zoals salbutamol stimuleert selectief de β-2-receptoren van het sympathische zenuwstelsel, waardoor het bronchiale gladde spierweefsel ontspant. LABA (Long Acting Beta-2-agonist) zoals Serevent® stimuleert de β-2-receptoren en heeft een langwerkend effect.Q25: Wat zijn de bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide®?A25: Bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide® zijn orofaryngeale candidiase, heesheid, kneuzingen, pneumonie, bronchitis, huiduitslag, hyperglykemie, dyspepsie, cataract, en verhoogde intraoculaire druk.**Geriatrie/gerontologie**Q26: Wat is het verschil tussen geriatrie en gerontologie?A26: Geriatrie is een medisch specialisme dat zich richt op ouderen met een combinatie van aandoeningen, terwijl gerontologie de wetenschap van het ouder worden is, inclusief sociale, psychologische, cognitieve en biologische aspecten.Q27: Wat zijn frailty markers bij kwetsbare ouderen?A27: Frailty markers bij kwetsbare ouderen zijn gewichtsverlies, uitputting, lage loopsnelheid, weinig fysieke activiteit, en lage knijpkracht. De aanwezigheid van drie of meer criteria indiceert kwetsbaarheid.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q28: Wat zijn de VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking?A28: De VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking zijn zeggenschap, inclusie, respect en veiligheid, persoonlijke ondersteuning, eigen keuze, behoud van relaties, ontplooiing, respect en eigenwaarde, en leven in en met de samenleving.Q29: Wat is het LACCS-principe?A29: Het LACCS-principe is gebaseerd op lichamelijk welzijn, alertheid, contact, communicatie, en stimulerende tijdsbesteding. Het doel is een goed leven voor iedereen van de EVMB doelgroep.**FACT team**Q30: Wat zijn de taken van een verpleegkundige in een FACT-team?A30: Taken van een verpleegkundige in een FACT-team zijn flexibele en assertieve behandeling en begeleiding, contact leggen met het systeem/netwerk van de patiënt, samenwerken met ketenpartners, draaien van de medicatiepoli en/of somatische poli, en werken met een shared caseload.Q31: Wat zijn de 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team?A31: De 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team zijn Cure, Care, Crisisinterventie, Community support, Cliëntdeskundigheid ondersteunen, Controle, en Check.**Psychiatrie**Q32: Wat zijn gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen?A32: Gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen zijn familiegesprekken, psycho-educatie, therapie voor familie en/of naasten, en interventies gericht op terugvalpreventie en het versterken van sociale steun.Q33: Wat zijn aandachtspunten in het contact met zorgvragers met psychotische aandoeningen?A33: Aandachtspunten zijn ondersteunen bij activiteiten, vertrouwen opbouwen, helpen oriënteren, voorzichtig zijn met aanraking, duidelijk en luid praten, tekenen van hallucinaties herkennen, wanen niet ontkennen, competitie-element vermijden, waardering uitspreken, lage EE (expressed emotion) behouden, en doelen op korte termijn stellen.**Incontinentie**Q34: Wat zijn de verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie?A34: Verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie zijn signalering, bespreekbaar maken, katheter inbrengen, goede plashouding, blaastraining, bekkenbodemspieroefeningen, medicatie toedienen, en eventueel chirurgische behandelingen zoals netjes of implantaten.**Voeding**Q35: Wat zijn de functies van vetten?A35: Vetten leveren energie, beschermen organen, bevorderen de werking van ogen, hersenen en spieren, leveren vitamines (E, A, D), en bevatten essentiële vetzuren zoals linolzuur en alfalinoleenzuur.Q36: Wat zijn niet verteerbare polysachariden en hun functies?A36: Niet verteerbare polysachariden zijn voedingsvezels die niet door het maag-darmkanaal worden verteerd. Ze bevorderen een goede spijsvertering, zorgen voor een verzadigd gevoel, verminderen het risico op hart- en vaatziekten, diabetes type 2 en darmkanker, en worden door bacteriën in de dikke darm gefermenteerd.**Cultuur**Q37: Wat is het Sunrise Model van Leininger?A37: Het Sunrise Model van Leininger richt zich op de verschillen en overeenkomsten in overtuigingen, waarden en levenspatronen tussen culturen. Het doel is het verlenen van cultureel congruente, betekenisvolle en heilzame zorgverlening.Q38: Wat zijn de cultuurdimensies van Hofstede?A38: De cultuurdimensies van Hofstede zijn machtsafstand, masculiniteit-femininiteit, individualisme-collectivisme, onzekerheidsvermijding, langetermijngerichtheid-kortetermijngerichtheid, en hedonisme-soberheid.**Palliatieve zorg**Q39: Wat zijn de vier fasen van palliatieve zorg?A39: De vier fasen van palliatieve zorg zijn ziektegerichte palliatie, symptoomgerichte palliatie, palliatie in de stervensfase, en nazorg.Q40: Wat is proactieve zorgplanning?A40: Proactieve zorgplanning is het proces van vooruit denken, plannen en organiseren van zorgwensen en -behoeften, zodat de zorg afgestemd kan worden op persoonlijke wensen, waarden en behoeften. Het omvat gesprekken over huidige en toekomstige levensdoelen en keuzes.**OMAHA**Q41: Wat zijn de zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha?A41: De zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha zijn gegevens verzamelen en onderzoeken, aandachtsgebieden vaststellen, stand van zaken per gebied meten, actie plannen en uitvoeren, stand van zaken tussentijds/einde zorg meten, en evalueren op elk gebied.Q42: Wat zijn de vier domeinen van Omaha System?A42: De vier domeinen van Omaha System zijn omgevingsdomein, psychosociaal domein, fysiologisch domein, en gezondheidsgerelateerd gedragsdomein.**NSM**Q43: Wat zijn de vijf variabelen van het NSM?A43: De vijf variabelen van het NSM zijn psychologisch, sociaal-cultureel, ontwikkelingsbepaald, spiritueel, en fysiologisch.Q44: Wat is een PES in het NSM?A44: Een PES in het NSM is een probleemstelling bestaande uit Probleem, Ethiologie (oorzaak), en Symptomen.**Revalidatie**Q45: Wat zijn de verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA?A45: Verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA zijn vroege diagnose, preventie en vroegsignalering van complicaties, controle van vitale functies en neurologische symptomen, bijhouden van een bloedglucosedagcurve, sliktest uitvoeren, multidisciplinaire samenwerking, en voorlichting en hulp bij het aanpakken van risicofactoren.**Klinisch redeneren**Q46: Wat is de EWS-score?A46: De EWS-score (Early Warning Score) gebeurt aan de hand van de ABCDE-methode. Hoe hoger de patiënt scoort op de vitale functies, hoe groter de bedreiging. Bij een score van meer dan 3 moet de arts worden gewaarschuwd.Q47: Wat is de SBARR-methode?A47: De SBARR-methode staat voor Situation, Background, Assessment, Recommendation, en Response. Het is een gestructureerde manier van communiceren in de gezondheidszorg.**DM en technologie**Q48: Wat is een continu glucose meter?A48: Een continu glucose meter (glucosesensor) meet om de paar minuten de bloedsuiker via een naaldje dat de bloedsuiker meet in het vocht onder de huid. Het geeft een seintje bij te hoge of te lage bloedsuikerwaarden.Q49: Wat is de Freestyle Libre sensor?A49: De Freestyle Libre sensor meet de glucosewaarden zonder vingerprik. De sensor wordt op de achterkant van de bovenarm geplaatst en meet automatisch de glucosewaarde in het interstitiële vocht. De waarde wordt zichtbaar op een reader en app.**Mantelzorg**Q50: Wat is de Caregiver Strain Index?A50: De Caregiver Strain Index is een vragenlijst waarmee overbelasting door mantelzorg gemeten kan worden. Scores worden ingedeeld in rood (11-13 keer “ja”, zeer zwaar belast), oranje (7-10 keer “ja”, overbelast), en groen (0-6 keer “ja”,
%1 Oefenvragen en Antwoorden over Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg Verpleegkunde Viaa %2%3 Deze set van 64 oefenvragen en antwoorden is ontworpen om je te helpen bij het bestuderen van de Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg voor Verpleegkunde aan Viaa. De vragen beslaan verschillende onderwerpen zoals medisch, voeding, ethiek, en verpleegtechnische vaardigheden. Elke vraag begint met Q[cijfer] en elk antwoord met A[cijfer]. %4**Medisch**Q1: Wat zijn de symptomen van Diabetes Mellitus?A1: De symptomen van Diabetes Mellitus zijn veel plassen, onlesbare dorst, onverklaarbaar gewichtsverlies, algehele zwakte en vermoeidheid, tintelingen en gevoelloosheid in handen, benen of voeten, en andere mogelijke symptomen zoals oogklachten, slecht genezende wondjes, kortademigheid, droge huid, doorlopend honger, seksuele problemen, smaakstoornissen, en soms splinterbloedingen onder de nagel.Q2: Wat zijn de oorzaken van Diabetes Mellitus type 2?A2: De oorzaken van Diabetes Mellitus type 2 zijn erfelijke aanleg, (ernstig) overgewicht, te weinig bewegen, roken, en voeding. Een gezonde leefstijl kan helpen om diabetes type 2 te voorkomen.Q3: Hoe wordt de diagnose Diabetes Mellitus type 2 gesteld?A3: De diagnose Diabetes Mellitus type 2 wordt gesteld door het bepalen van het glucosegehalte in het bloedplasma. Dit gebeurt meestal met een vingerprik en een draagbare glucosemeter. Criteria zijn twee nuchtere plasmaglucosewaarden gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger op twee verschillende dagen, een nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger in combinatie met hyperglykemische klachten, of een niet-nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 11,1 mmol/l of hoger in combinatie met genoemde symptomen.**Ouderen**Q4: Wat zijn de veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen die consequenties hebben voor de farmacokinetiek en -dynamiek?A4: Veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen zijn verminderde lever- en niercapaciteit, verhoogd vetpercentage en verminderde spiermassa. Deze veranderingen beïnvloeden de afbraak en afscheiding van medicatie, en medicijnen blijven langer in het vetweefsel zitten.Q5: Wat is polyfarmacie en waarom is het een probleem bij ouderen?A5: Polyfarmacie is het gedurende langere tijd gebruiken van vijf of meer verschillende soorten geneesmiddelen tegelijk. Het is een probleem bij ouderen omdat het risico op interacties en bijwerkingen groter is, en omdat ouderen extra gevoelig zijn voor de schadelijke effecten van medicijnen.**COPD**Q6: Wat zijn de oorzaken en symptomen van COPD?A6: Oorzaken van COPD zijn schadelijke stoffen zoals roken en genetische afwijkingen. Symptomen zijn hypersecretie van mucus, littekenvorming luchtwegen, dilatie en destructie van alveoli, en ontstekingsreacties in de longslagaders. Dit leidt tot hoesten, moeite met uitademen, benauwdheid, en hypertensie in de longcirculatie.Q7: Wat is het verschil tussen COPD en Astma?A7: COPD wordt voornamelijk veroorzaakt door roken en hogere leeftijd, heeft een per definitie irreversibele luchtwegobstructie, en is relatief ongevoelig voor corticosteroïden. Astma daarentegen wordt vaak veroorzaakt door atopie, heeft een wisselende en in de regel reversibele luchtwegobstructie, en is meestal gevoelig voor corticosteroïden.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q8: Wat is de definitie van een verstandelijke beperking?A8: Een verstandelijke beperking is een aangeboren of in de prille jeugd verkregen stoornis van de geestelijke functies en hun ontwikkelingsmogelijkheid, waarbij het verstandelijk tekort het meest opvallend is en de sociale aanpassing bemoeilijkt of onmogelijk maakt.Q9: Wat zijn de vier indelingen van verstandelijke beperkingen?A9: De vier indelingen zijn licht (ontwikkelingsleeftijd van 7 tot 12 jaar), matig (ontwikkelingsleeftijd 4-7 jaar), ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 2-4 jaar), en zeer ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 0-2 jaar).**Psychotische aandoeningen**Q10: Wat zijn hallucinaties en welke vormen bestaan er?A10: Hallucinaties zijn het waarnemen van iets dat andere personen in de omgeving niet waarnemen. Vormen zijn akoestische hallucinaties (stemmen/geluiden horen), gezichtshallucinaties (dingen of personen zien), olfactorische/reukhallucinaties (geuren ruiken), gustatoire/smaakhallucinaties (dingen proeven), en somatische/tactiele hallucinaties (iets voelen in het lichaam of op de huid).Q11: Wat is schizofrenie en welke vormen bestaan er?A11: Schizofrenie is een chronische psychotische stoornis die wordt gekenmerkt door verstoringen van gedrag, denken, emoties en waarnemingen. Vormen zijn schizoaffectieve stoornis, schizofreniforme stoornis, gedesorganiseerde schizofrenie, katatone schizofrenie, en paranoïde schizofrenie.**MS**Q12: Wat zijn de oorzaken en vormen van MS?A12: De precieze oorzaak van MS is niet helemaal duidelijk, maar het wordt gedacht dat het een auto-immuunreactie is, mogelijk uitgelokt door een virus. Vormen van MS zijn relapsing-remitting MS (RRMS), secundair progressieve MS (SPMS), milde of benigne MS, en primair progressieve MS (PPMS).Q13: Wat is de behandeling voor MS?A13: Behandeling voor MS omvat immuunmodulerende behandeling zoals interferonen en glatirameeracetaat, nieuwere medicatie zoals natalizumab of fingolimod, corticosteroïden bij exacerbaties, stoppen met roken, en niet-medicamenteuze en medicamenteuze behandelingen voor symptomen zoals depressie, spasticiteit, vermoeidheid, pijn, mictiestoornissen en obstipatie.**Urologie en Incontinentie**Q14: Wat zijn de verschillende vormen van incontinentie?A14: De verschillende vormen van incontinentie zijn urge-incontinentie, stress-incontinentie, gemengde incontinentie, overloopincontinentie/retentieblaas, reflexincontinentie, en functionele incontinentie.Q15: Wat zijn de oorzaken en symptomen van prostaathypertrofie en prostaatcarcinoom?A15: Prostaathypertrofie is goedaardig en veroorzaakt door een vergrote prostaat die de urinebuis blokkeert. Prostaatcarcinoom is kwaadaardig en kan leiden tot symptomen zoals moeite met urineren, zwakke urinestraal, en bloed in de urine.**Voeding**Q16: Wat zijn de functies van koolhydraten?A16: Koolhydraten geven het lichaam energie, vooral voor de hersenen en rode bloedcellen. Ze geven ook een zoete smaak aan voeding en bevatten voedingsvezels die nodig zijn voor een goede darmwerking.Q17: Wat zijn de functies van eiwitten?A17: Eiwitten zijn nodig voor de opbouw van cellen, vernieuwen van bestaande cellen, regelprocessen zoals enzymen en hormonen, en transport van stoffen in het bloed zoals hemoglobine.**Oncologie**Q18: Wat is de TNM-classificatie voor kanker?A18: De TNM-classificatie voor kanker bestaat uit T (Tumor, grootte en mate van doorgroei), N (Nodus, lymfeklieruitzaaiingen), en M (Metastasen, uitzaaiingen op afstand). Scores lopen van T1 tot T4, N0 tot N3, en M0 tot M1.Q19: Wat zijn de behandelopties voor kanker?A19: Behandelopties voor kanker zijn chirurgie, radiotherapie, chemotherapie, hormonale therapie, en immunotherapie. Behandeldoelen kunnen curatief, symptomatisch of palliatief zijn.**CVA en hartfalen**Q20: Wat zijn de symptomen van een CVA?A20: Symptomen van een CVA zijn plotselinge verlamming of zwakte aan één kant van het lichaam, spraakproblemen, slikstoornissen, evenwichtsproblemen, visusproblemen, verwardheid, agnosie, apraxie, afasie, neglect, bewustzijnsdaling of -verlies, en hemianopsie.Q21: Wat is het verschil tussen een herseninfarct, hersenbloeding en een TIA?A21: Een herseninfarct wordt veroorzaakt door een afsluiting van een hersenarterie, een hersenbloeding door een scheur in een hersenarterie, en een TIA is een kortdurend zuurstoftekort in een deel van de hersenen door een tijdelijke afsluiting zonder dat hersenweefsel afsterft.**Verpleegkunde**Q22: Wat is de definitie van langdurige zorg?A22: Langdurige zorg is zorg voor mensen die blijvend intensieve zorg of toezicht nodig hebben. Het is geregeld in de Wet langdurige zorg (Wlz) en wordt uitgevoerd door zorgkantoren.Q23: Wat is het Chronic Care Model van Wagner?A23: Het Chronic Care Model van Wagner propageert geïntegreerde zorg en stelt verandering voor op zes terreinen: zelfmanagementondersteuning, herontwerp van het zorgproces, besluitvorming ondersteuning, klinisch informatiesysteem, organisatie, en community of gemeenschap.**Bronchusverwijdende therapie**Q24: Wat zijn de werkingsmechanismen van SABA en LABA?A24: SABA (Short Acting Beta-receptor Agonist) zoals salbutamol stimuleert selectief de β-2-receptoren van het sympathische zenuwstelsel, waardoor het bronchiale gladde spierweefsel ontspant. LABA (Long Acting Beta-2-agonist) zoals Serevent® stimuleert de β-2-receptoren en heeft een langwerkend effect.Q25: Wat zijn de bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide®?A25: Bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide® zijn orofaryngeale candidiase, heesheid, kneuzingen, pneumonie, bronchitis, huiduitslag, hyperglykemie, dyspepsie, cataract, en verhoogde intraoculaire druk.**Geriatrie/gerontologie**Q26: Wat is het verschil tussen geriatrie en gerontologie?A26: Geriatrie is een medisch specialisme dat zich richt op ouderen met een combinatie van aandoeningen, terwijl gerontologie de wetenschap van het ouder worden is, inclusief sociale, psychologische, cognitieve en biologische aspecten.Q27: Wat zijn frailty markers bij kwetsbare ouderen?A27: Frailty markers bij kwetsbare ouderen zijn gewichtsverlies, uitputting, lage loopsnelheid, weinig fysieke activiteit, en lage knijpkracht. De aanwezigheid van drie of meer criteria indiceert kwetsbaarheid.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q28: Wat zijn de VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking?A28: De VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking zijn zeggenschap, inclusie, respect en veiligheid, persoonlijke ondersteuning, eigen keuze, behoud van relaties, ontplooiing, respect en eigenwaarde, en leven in en met de samenleving.Q29: Wat is het LACCS-principe?A29: Het LACCS-principe is gebaseerd op lichamelijk welzijn, alertheid, contact, communicatie, en stimulerende tijdsbesteding. Het doel is een goed leven voor iedereen van de EVMB doelgroep.**FACT team**Q30: Wat zijn de taken van een verpleegkundige in een FACT-team?A30: Taken van een verpleegkundige in een FACT-team zijn flexibele en assertieve behandeling en begeleiding, contact leggen met het systeem/netwerk van de patiënt, samenwerken met ketenpartners, draaien van de medicatiepoli en/of somatische poli, en werken met een shared caseload.Q31: Wat zijn de 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team?A31: De 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team zijn Cure, Care, Crisisinterventie, Community support, Cliëntdeskundigheid ondersteunen, Controle, en Check.**Psychiatrie**Q32: Wat zijn gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen?A32: Gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen zijn familiegesprekken, psycho-educatie, therapie voor familie en/of naasten, en interventies gericht op terugvalpreventie en het versterken van sociale steun.Q33: Wat zijn aandachtspunten in het contact met zorgvragers met psychotische aandoeningen?A33: Aandachtspunten zijn ondersteunen bij activiteiten, vertrouwen opbouwen, helpen oriënteren, voorzichtig zijn met aanraking, duidelijk en luid praten, tekenen van hallucinaties herkennen, wanen niet ontkennen, competitie-element vermijden, waardering uitspreken, lage EE (expressed emotion) behouden, en doelen op korte termijn stellen.**Incontinentie**Q34: Wat zijn de verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie?A34: Verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie zijn signalering, bespreekbaar maken, katheter inbrengen, goede plashouding, blaastraining, bekkenbodemspieroefeningen, medicatie toedienen, en eventueel chirurgische behandelingen zoals netjes of implantaten.**Voeding**Q35: Wat zijn de functies van vetten?A35: Vetten leveren energie, beschermen organen, bevorderen de werking van ogen, hersenen en spieren, leveren vitamines (E, A, D), en bevatten essentiële vetzuren zoals linolzuur en alfalinoleenzuur.Q36: Wat zijn niet verteerbare polysachariden en hun functies?A36: Niet verteerbare polysachariden zijn voedingsvezels die niet door het maag-darmkanaal worden verteerd. Ze bevorderen een goede spijsvertering, zorgen voor een verzadigd gevoel, verminderen het risico op hart- en vaatziekten, diabetes type 2 en darmkanker, en worden door bacteriën in de dikke darm gefermenteerd.**Cultuur**Q37: Wat is het Sunrise Model van Leininger?A37: Het Sunrise Model van Leininger richt zich op de verschillen en overeenkomsten in overtuigingen, waarden en levenspatronen tussen culturen. Het doel is het verlenen van cultureel congruente, betekenisvolle en heilzame zorgverlening.Q38: Wat zijn de cultuurdimensies van Hofstede?A38: De cultuurdimensies van Hofstede zijn machtsafstand, masculiniteit-femininiteit, individualisme-collectivisme, onzekerheidsvermijding, langetermijngerichtheid-kortetermijngerichtheid, en hedonisme-soberheid.**Palliatieve zorg**Q39: Wat zijn de vier fasen van palliatieve zorg?A39: De vier fasen van palliatieve zorg zijn ziektegerichte palliatie, symptoomgerichte palliatie, palliatie in de stervensfase, en nazorg.Q40: Wat is proactieve zorgplanning?A40: Proactieve zorgplanning is het proces van vooruit denken, plannen en organiseren van zorgwensen en -behoeften, zodat de zorg afgestemd kan worden op persoonlijke wensen, waarden en behoeften. Het omvat gesprekken over huidige en toekomstige levensdoelen en keuzes.**OMAHA**Q41: Wat zijn de zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha?A41: De zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha zijn gegevens verzamelen en onderzoeken, aandachtsgebieden vaststellen, stand van zaken per gebied meten, actie plannen en uitvoeren, stand van zaken tussentijds/einde zorg meten, en evalueren op elk gebied.Q42: Wat zijn de vier domeinen van Omaha System?A42: De vier domeinen van Omaha System zijn omgevingsdomein, psychosociaal domein, fysiologisch domein, en gezondheidsgerelateerd gedragsdomein.**NSM**Q43: Wat zijn de vijf variabelen van het NSM?A43: De vijf variabelen van het NSM zijn psychologisch, sociaal-cultureel, ontwikkelingsbepaald, spiritueel, en fysiologisch.Q44: Wat is een PES in het NSM?A44: Een PES in het NSM is een probleemstelling bestaande uit Probleem, Ethiologie (oorzaak), en Symptomen.**Revalidatie**Q45: Wat zijn de verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA?A45: Verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA zijn vroege diagnose, preventie en vroegsignalering van complicaties, controle van vitale functies en neurologische symptomen, bijhouden van een bloedglucosedagcurve, sliktest uitvoeren, multidisciplinaire samenwerking, en voorlichting en hulp bij het aanpakken van risicofactoren.**Klinisch redeneren**Q46: Wat is de EWS-score?A46: De EWS-score (Early Warning Score) gebeurt aan de hand van de ABCDE-methode. Hoe hoger de patiënt scoort op de vitale functies, hoe groter de bedreiging. Bij een score van meer dan 3 moet de arts worden gewaarschuwd.Q47: Wat is de SBARR-methode?A47: De SBARR-methode staat voor Situation, Background, Assessment, Recommendation, en Response. Het is een gestructureerde manier van communiceren in de gezondheidszorg.**DM en technologie**Q48: Wat is een continu glucose meter?A48: Een continu glucose meter (glucosesensor) meet om de paar minuten de bloedsuiker via een naaldje dat de bloedsuiker meet in het vocht onder de huid. Het geeft een seintje bij te hoge of te lage bloedsuikerwaarden.Q49: Wat is de Freestyle Libre sensor?A49: De Freestyle Libre sensor meet de glucosewaarden zonder vingerprik. De sensor wordt op de achterkant van de bovenarm geplaatst en meet automatisch de glucosewaarde in het interstitiële vocht. De waarde wordt zichtbaar op een reader en app.**Mantelzorg**Q50: Wat is de Caregiver Strain Index?A50: De Caregiver Strain Index is een vragenlijst waarmee overbelasting door mantelzorg gemeten kan worden. Scores worden ingedeeld in rood (11-13 keer “ja”, zeer zwaar belast), oranje (7-10 keer “ja”, overbelast), en groen (0-6 keer “ja”,
%1 Oefenvragen en Antwoorden over Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg Verpleegkunde Viaa %2%3 Deze set van 64 oefenvragen en antwoorden is ontworpen om je te helpen bij het bestuderen van de Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg voor Verpleegkunde aan Viaa. De vragen beslaan verschillende onderwerpen zoals medisch, voeding, ethiek, en verpleegtechnische vaardigheden. Elke vraag begint met Q[cijfer] en elk antwoord met A[cijfer]. %4**Medisch**Q1: Wat zijn de symptomen van Diabetes Mellitus?A1: De symptomen van Diabetes Mellitus zijn veel plassen, onlesbare dorst, onverklaarbaar gewichtsverlies, algehele zwakte en vermoeidheid, tintelingen en gevoelloosheid in handen, benen of voeten, en andere mogelijke symptomen zoals oogklachten, slecht genezende wondjes, kortademigheid, droge huid, doorlopend honger, seksuele problemen, smaakstoornissen, en soms splinterbloedingen onder de nagel.Q2: Wat zijn de oorzaken van Diabetes Mellitus type 2?A2: De oorzaken van Diabetes Mellitus type 2 zijn erfelijke aanleg, (ernstig) overgewicht, te weinig bewegen, roken, en voeding. Een gezonde leefstijl kan helpen om diabetes type 2 te voorkomen.Q3: Hoe wordt de diagnose Diabetes Mellitus type 2 gesteld?A3: De diagnose Diabetes Mellitus type 2 wordt gesteld door het bepalen van het glucosegehalte in het bloedplasma. Dit gebeurt meestal met een vingerprik en een draagbare glucosemeter. Criteria zijn twee nuchtere plasmaglucosewaarden gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger op twee verschillende dagen, een nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger in combinatie met hyperglykemische klachten, of een niet-nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 11,1 mmol/l of hoger in combinatie met genoemde symptomen.**Ouderen**Q4: Wat zijn de veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen die consequenties hebben voor de farmacokinetiek en -dynamiek?A4: Veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen zijn verminderde lever- en niercapaciteit, verhoogd vetpercentage en verminderde spiermassa. Deze veranderingen beïnvloeden de afbraak en afscheiding van medicatie, en medicijnen blijven langer in het vetweefsel zitten.Q5: Wat is polyfarmacie en waarom is het een probleem bij ouderen?A5: Polyfarmacie is het gedurende langere tijd gebruiken van vijf of meer verschillende soorten geneesmiddelen tegelijk. Het is een probleem bij ouderen omdat het risico op interacties en bijwerkingen groter is, en omdat ouderen extra gevoelig zijn voor de schadelijke effecten van medicijnen.**COPD**Q6: Wat zijn de oorzaken en symptomen van COPD?A6: Oorzaken van COPD zijn schadelijke stoffen zoals roken en genetische afwijkingen. Symptomen zijn hypersecretie van mucus, littekenvorming luchtwegen, dilatie en destructie van alveoli, en ontstekingsreacties in de longslagaders. Dit leidt tot hoesten, moeite met uitademen, benauwdheid, en hypertensie in de longcirculatie.Q7: Wat is het verschil tussen COPD en Astma?A7: COPD wordt voornamelijk veroorzaakt door roken en hogere leeftijd, heeft een per definitie irreversibele luchtwegobstructie, en is relatief ongevoelig voor corticosteroïden. Astma daarentegen wordt vaak veroorzaakt door atopie, heeft een wisselende en in de regel reversibele luchtwegobstructie, en is meestal gevoelig voor corticosteroïden.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q8: Wat is de definitie van een verstandelijke beperking?A8: Een verstandelijke beperking is een aangeboren of in de prille jeugd verkregen stoornis van de geestelijke functies en hun ontwikkelingsmogelijkheid, waarbij het verstandelijk tekort het meest opvallend is en de sociale aanpassing bemoeilijkt of onmogelijk maakt.Q9: Wat zijn de vier indelingen van verstandelijke beperkingen?A9: De vier indelingen zijn licht (ontwikkelingsleeftijd van 7 tot 12 jaar), matig (ontwikkelingsleeftijd 4-7 jaar), ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 2-4 jaar), en zeer ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 0-2 jaar).**Psychotische aandoeningen**Q10: Wat zijn hallucinaties en welke vormen bestaan er?A10: Hallucinaties zijn het waarnemen van iets dat andere personen in de omgeving niet waarnemen. Vormen zijn akoestische hallucinaties (stemmen/geluiden horen), gezichtshallucinaties (dingen of personen zien), olfactorische/reukhallucinaties (geuren ruiken), gustatoire/smaakhallucinaties (dingen proeven), en somatische/tactiele hallucinaties (iets voelen in het lichaam of op de huid).Q11: Wat is schizofrenie en welke vormen bestaan er?A11: Schizofrenie is een chronische psychotische stoornis die wordt gekenmerkt door verstoringen van gedrag, denken, emoties en waarnemingen. Vormen zijn schizoaffectieve stoornis, schizofreniforme stoornis, gedesorganiseerde schizofrenie, katatone schizofrenie, en paranoïde schizofrenie.**MS**Q12: Wat zijn de oorzaken en vormen van MS?A12: De precieze oorzaak van MS is niet helemaal duidelijk, maar het wordt gedacht dat het een auto-immuunreactie is, mogelijk uitgelokt door een virus. Vormen van MS zijn relapsing-remitting MS (RRMS), secundair progressieve MS (SPMS), milde of benigne MS, en primair progressieve MS (PPMS).Q13: Wat is de behandeling voor MS?A13: Behandeling voor MS omvat immuunmodulerende behandeling zoals interferonen en glatirameeracetaat, nieuwere medicatie zoals natalizumab of fingolimod, corticosteroïden bij exacerbaties, stoppen met roken, en niet-medicamenteuze en medicamenteuze behandelingen voor symptomen zoals depressie, spasticiteit, vermoeidheid, pijn, mictiestoornissen en obstipatie.**Urologie en Incontinentie**Q14: Wat zijn de verschillende vormen van incontinentie?A14: De verschillende vormen van incontinentie zijn urge-incontinentie, stress-incontinentie, gemengde incontinentie, overloopincontinentie/retentieblaas, reflexincontinentie, en functionele incontinentie.Q15: Wat zijn de oorzaken en symptomen van prostaathypertrofie en prostaatcarcinoom?A15: Prostaathypertrofie is goedaardig en veroorzaakt door een vergrote prostaat die de urinebuis blokkeert. Prostaatcarcinoom is kwaadaardig en kan leiden tot symptomen zoals moeite met urineren, zwakke urinestraal, en bloed in de urine.**Voeding**Q16: Wat zijn de functies van koolhydraten?A16: Koolhydraten geven het lichaam energie, vooral voor de hersenen en rode bloedcellen. Ze geven ook een zoete smaak aan voeding en bevatten voedingsvezels die nodig zijn voor een goede darmwerking.Q17: Wat zijn de functies van eiwitten?A17: Eiwitten zijn nodig voor de opbouw van cellen, vernieuwen van bestaande cellen, regelprocessen zoals enzymen en hormonen, en transport van stoffen in het bloed zoals hemoglobine.**Oncologie**Q18: Wat is de TNM-classificatie voor kanker?A18: De TNM-classificatie voor kanker bestaat uit T (Tumor, grootte en mate van doorgroei), N (Nodus, lymfeklieruitzaaiingen), en M (Metastasen, uitzaaiingen op afstand). Scores lopen van T1 tot T4, N0 tot N3, en M0 tot M1.Q19: Wat zijn de behandelopties voor kanker?A19: Behandelopties voor kanker zijn chirurgie, radiotherapie, chemotherapie, hormonale therapie, en immunotherapie. Behandeldoelen kunnen curatief, symptomatisch of palliatief zijn.**CVA en hartfalen**Q20: Wat zijn de symptomen van een CVA?A20: Symptomen van een CVA zijn plotselinge verlamming of zwakte aan één kant van het lichaam, spraakproblemen, slikstoornissen, evenwichtsproblemen, visusproblemen, verwardheid, agnosie, apraxie, afasie, neglect, bewustzijnsdaling of -verlies, en hemianopsie.Q21: Wat is het verschil tussen een herseninfarct, hersenbloeding en een TIA?A21: Een herseninfarct wordt veroorzaakt door een afsluiting van een hersenarterie, een hersenbloeding door een scheur in een hersenarterie, en een TIA is een kortdurend zuurstoftekort in een deel van de hersenen door een tijdelijke afsluiting zonder dat hersenweefsel afsterft.**Verpleegkunde**Q22: Wat is de definitie van langdurige zorg?A22: Langdurige zorg is zorg voor mensen die blijvend intensieve zorg of toezicht nodig hebben. Het is geregeld in de Wet langdurige zorg (Wlz) en wordt uitgevoerd door zorgkantoren.Q23: Wat is het Chronic Care Model van Wagner?A23: Het Chronic Care Model van Wagner propageert geïntegreerde zorg en stelt verandering voor op zes terreinen: zelfmanagementondersteuning, herontwerp van het zorgproces, besluitvorming ondersteuning, klinisch informatiesysteem, organisatie, en community of gemeenschap.**Bronchusverwijdende therapie**Q24: Wat zijn de werkingsmechanismen van SABA en LABA?A24: SABA (Short Acting Beta-receptor Agonist) zoals salbutamol stimuleert selectief de β-2-receptoren van het sympathische zenuwstelsel, waardoor het bronchiale gladde spierweefsel ontspant. LABA (Long Acting Beta-2-agonist) zoals Serevent® stimuleert de β-2-receptoren en heeft een langwerkend effect.Q25: Wat zijn de bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide®?A25: Bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide® zijn orofaryngeale candidiase, heesheid, kneuzingen, pneumonie, bronchitis, huiduitslag, hyperglykemie, dyspepsie, cataract, en verhoogde intraoculaire druk.**Geriatrie/gerontologie**Q26: Wat is het verschil tussen geriatrie en gerontologie?A26: Geriatrie is een medisch specialisme dat zich richt op ouderen met een combinatie van aandoeningen, terwijl gerontologie de wetenschap van het ouder worden is, inclusief sociale, psychologische, cognitieve en biologische aspecten.Q27: Wat zijn frailty markers bij kwetsbare ouderen?A27: Frailty markers bij kwetsbare ouderen zijn gewichtsverlies, uitputting, lage loopsnelheid, weinig fysieke activiteit, en lage knijpkracht. De aanwezigheid van drie of meer criteria indiceert kwetsbaarheid.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q28: Wat zijn de VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking?A28: De VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking zijn zeggenschap, inclusie, respect en veiligheid, persoonlijke ondersteuning, eigen keuze, behoud van relaties, ontplooiing, respect en eigenwaarde, en leven in en met de samenleving.Q29: Wat is het LACCS-principe?A29: Het LACCS-principe is gebaseerd op lichamelijk welzijn, alertheid, contact, communicatie, en stimulerende tijdsbesteding. Het doel is een goed leven voor iedereen van de EVMB doelgroep.**FACT team**Q30: Wat zijn de taken van een verpleegkundige in een FACT-team?A30: Taken van een verpleegkundige in een FACT-team zijn flexibele en assertieve behandeling en begeleiding, contact leggen met het systeem/netwerk van de patiënt, samenwerken met ketenpartners, draaien van de medicatiepoli en/of somatische poli, en werken met een shared caseload.Q31: Wat zijn de 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team?A31: De 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team zijn Cure, Care, Crisisinterventie, Community support, Cliëntdeskundigheid ondersteunen, Controle, en Check.**Psychiatrie**Q32: Wat zijn gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen?A32: Gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen zijn familiegesprekken, psycho-educatie, therapie voor familie en/of naasten, en interventies gericht op terugvalpreventie en het versterken van sociale steun.Q33: Wat zijn aandachtspunten in het contact met zorgvragers met psychotische aandoeningen?A33: Aandachtspunten zijn ondersteunen bij activiteiten, vertrouwen opbouwen, helpen oriënteren, voorzichtig zijn met aanraking, duidelijk en luid praten, tekenen van hallucinaties herkennen, wanen niet ontkennen, competitie-element vermijden, waardering uitspreken, lage EE (expressed emotion) behouden, en doelen op korte termijn stellen.**Incontinentie**Q34: Wat zijn de verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie?A34: Verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie zijn signalering, bespreekbaar maken, katheter inbrengen, goede plashouding, blaastraining, bekkenbodemspieroefeningen, medicatie toedienen, en eventueel chirurgische behandelingen zoals netjes of implantaten.**Voeding**Q35: Wat zijn de functies van vetten?A35: Vetten leveren energie, beschermen organen, bevorderen de werking van ogen, hersenen en spieren, leveren vitamines (E, A, D), en bevatten essentiële vetzuren zoals linolzuur en alfalinoleenzuur.Q36: Wat zijn niet verteerbare polysachariden en hun functies?A36: Niet verteerbare polysachariden zijn voedingsvezels die niet door het maag-darmkanaal worden verteerd. Ze bevorderen een goede spijsvertering, zorgen voor een verzadigd gevoel, verminderen het risico op hart- en vaatziekten, diabetes type 2 en darmkanker, en worden door bacteriën in de dikke darm gefermenteerd.**Cultuur**Q37: Wat is het Sunrise Model van Leininger?A37: Het Sunrise Model van Leininger richt zich op de verschillen en overeenkomsten in overtuigingen, waarden en levenspatronen tussen culturen. Het doel is het verlenen van cultureel congruente, betekenisvolle en heilzame zorgverlening.Q38: Wat zijn de cultuurdimensies van Hofstede?A38: De cultuurdimensies van Hofstede zijn machtsafstand, masculiniteit-femininiteit, individualisme-collectivisme, onzekerheidsvermijding, langetermijngerichtheid-kortetermijngerichtheid, en hedonisme-soberheid.**Palliatieve zorg**Q39: Wat zijn de vier fasen van palliatieve zorg?A39: De vier fasen van palliatieve zorg zijn ziektegerichte palliatie, symptoomgerichte palliatie, palliatie in de stervensfase, en nazorg.Q40: Wat is proactieve zorgplanning?A40: Proactieve zorgplanning is het proces van vooruit denken, plannen en organiseren van zorgwensen en -behoeften, zodat de zorg afgestemd kan worden op persoonlijke wensen, waarden en behoeften. Het omvat gesprekken over huidige en toekomstige levensdoelen en keuzes.**OMAHA**Q41: Wat zijn de zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha?A41: De zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha zijn gegevens verzamelen en onderzoeken, aandachtsgebieden vaststellen, stand van zaken per gebied meten, actie plannen en uitvoeren, stand van zaken tussentijds/einde zorg meten, en evalueren op elk gebied.Q42: Wat zijn de vier domeinen van Omaha System?A42: De vier domeinen van Omaha System zijn omgevingsdomein, psychosociaal domein, fysiologisch domein, en gezondheidsgerelateerd gedragsdomein.**NSM**Q43: Wat zijn de vijf variabelen van het NSM?A43: De vijf variabelen van het NSM zijn psychologisch, sociaal-cultureel, ontwikkelingsbepaald, spiritueel, en fysiologisch.Q44: Wat is een PES in het NSM?A44: Een PES in het NSM is een probleemstelling bestaande uit Probleem, Ethiologie (oorzaak), en Symptomen.**Revalidatie**Q45: Wat zijn de verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA?A45: Verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA zijn vroege diagnose, preventie en vroegsignalering van complicaties, controle van vitale functies en neurologische symptomen, bijhouden van een bloedglucosedagcurve, sliktest uitvoeren, multidisciplinaire samenwerking, en voorlichting en hulp bij het aanpakken van risicofactoren.**Klinisch redeneren**Q46: Wat is de EWS-score?A46: De EWS-score (Early Warning Score) gebeurt aan de hand van de ABCDE-methode. Hoe hoger de patiënt scoort op de vitale functies, hoe groter de bedreiging. Bij een score van meer dan 3 moet de arts worden gewaarschuwd.Q47: Wat is de SBARR-methode?A47: De SBARR-methode staat voor Situation, Background, Assessment, Recommendation, en Response. Het is een gestructureerde manier van communiceren in de gezondheidszorg.**DM en technologie**Q48: Wat is een continu glucose meter?A48: Een continu glucose meter (glucosesensor) meet om de paar minuten de bloedsuiker via een naaldje dat de bloedsuiker meet in het vocht onder de huid. Het geeft een seintje bij te hoge of te lage bloedsuikerwaarden.Q49: Wat is de Freestyle Libre sensor?A49: De Freestyle Libre sensor meet de glucosewaarden zonder vingerprik. De sensor wordt op de achterkant van de bovenarm geplaatst en meet automatisch de glucosewaarde in het interstitiële vocht. De waarde wordt zichtbaar op een reader en app.**Mantelzorg**Q50: Wat is de Caregiver Strain Index?A50: De Caregiver Strain Index is een vragenlijst waarmee overbelasting door mantelzorg gemeten kan worden. Scores worden ingedeeld in rood (11-13 keer “ja”, zeer zwaar belast), oranje (7-10 keer “ja”, overbelast), en groen (0-6 keer “ja”,
%1 Oefenvragen en Antwoorden over Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg Verpleegkunde Viaa %2%3 Deze set van 64 oefenvragen en antwoorden is ontworpen om je te helpen bij het bestuderen van de Uitwerking Toetsmatrijs Langdurige Zorg voor Verpleegkunde aan Viaa. De vragen beslaan verschillende onderwerpen zoals medisch, voeding, ethiek, en verpleegtechnische vaardigheden. Elke vraag begint met Q[cijfer] en elk antwoord met A[cijfer]. %4**Medisch**Q1: Wat zijn de symptomen van Diabetes Mellitus?A1: De symptomen van Diabetes Mellitus zijn veel plassen, onlesbare dorst, onverklaarbaar gewichtsverlies, algehele zwakte en vermoeidheid, tintelingen en gevoelloosheid in handen, benen of voeten, en andere mogelijke symptomen zoals oogklachten, slecht genezende wondjes, kortademigheid, droge huid, doorlopend honger, seksuele problemen, smaakstoornissen, en soms splinterbloedingen onder de nagel.Q2: Wat zijn de oorzaken van Diabetes Mellitus type 2?A2: De oorzaken van Diabetes Mellitus type 2 zijn erfelijke aanleg, (ernstig) overgewicht, te weinig bewegen, roken, en voeding. Een gezonde leefstijl kan helpen om diabetes type 2 te voorkomen.Q3: Hoe wordt de diagnose Diabetes Mellitus type 2 gesteld?A3: De diagnose Diabetes Mellitus type 2 wordt gesteld door het bepalen van het glucosegehalte in het bloedplasma. Dit gebeurt meestal met een vingerprik en een draagbare glucosemeter. Criteria zijn twee nuchtere plasmaglucosewaarden gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger op twee verschillende dagen, een nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 7,0 mmol/l of hoger in combinatie met hyperglykemische klachten, of een niet-nuchtere plasmaglucosewaarde gelijk aan 11,1 mmol/l of hoger in combinatie met genoemde symptomen.**Ouderen**Q4: Wat zijn de veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen die consequenties hebben voor de farmacokinetiek en -dynamiek?A4: Veranderingen in de lichaamssamenstelling bij ouderen zijn verminderde lever- en niercapaciteit, verhoogd vetpercentage en verminderde spiermassa. Deze veranderingen beïnvloeden de afbraak en afscheiding van medicatie, en medicijnen blijven langer in het vetweefsel zitten.Q5: Wat is polyfarmacie en waarom is het een probleem bij ouderen?A5: Polyfarmacie is het gedurende langere tijd gebruiken van vijf of meer verschillende soorten geneesmiddelen tegelijk. Het is een probleem bij ouderen omdat het risico op interacties en bijwerkingen groter is, en omdat ouderen extra gevoelig zijn voor de schadelijke effecten van medicijnen.**COPD**Q6: Wat zijn de oorzaken en symptomen van COPD?A6: Oorzaken van COPD zijn schadelijke stoffen zoals roken en genetische afwijkingen. Symptomen zijn hypersecretie van mucus, littekenvorming luchtwegen, dilatie en destructie van alveoli, en ontstekingsreacties in de longslagaders. Dit leidt tot hoesten, moeite met uitademen, benauwdheid, en hypertensie in de longcirculatie.Q7: Wat is het verschil tussen COPD en Astma?A7: COPD wordt voornamelijk veroorzaakt door roken en hogere leeftijd, heeft een per definitie irreversibele luchtwegobstructie, en is relatief ongevoelig voor corticosteroïden. Astma daarentegen wordt vaak veroorzaakt door atopie, heeft een wisselende en in de regel reversibele luchtwegobstructie, en is meestal gevoelig voor corticosteroïden.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q8: Wat is de definitie van een verstandelijke beperking?A8: Een verstandelijke beperking is een aangeboren of in de prille jeugd verkregen stoornis van de geestelijke functies en hun ontwikkelingsmogelijkheid, waarbij het verstandelijk tekort het meest opvallend is en de sociale aanpassing bemoeilijkt of onmogelijk maakt.Q9: Wat zijn de vier indelingen van verstandelijke beperkingen?A9: De vier indelingen zijn licht (ontwikkelingsleeftijd van 7 tot 12 jaar), matig (ontwikkelingsleeftijd 4-7 jaar), ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 2-4 jaar), en zeer ernstig (ontwikkelingsleeftijd van 0-2 jaar).**Psychotische aandoeningen**Q10: Wat zijn hallucinaties en welke vormen bestaan er?A10: Hallucinaties zijn het waarnemen van iets dat andere personen in de omgeving niet waarnemen. Vormen zijn akoestische hallucinaties (stemmen/geluiden horen), gezichtshallucinaties (dingen of personen zien), olfactorische/reukhallucinaties (geuren ruiken), gustatoire/smaakhallucinaties (dingen proeven), en somatische/tactiele hallucinaties (iets voelen in het lichaam of op de huid).Q11: Wat is schizofrenie en welke vormen bestaan er?A11: Schizofrenie is een chronische psychotische stoornis die wordt gekenmerkt door verstoringen van gedrag, denken, emoties en waarnemingen. Vormen zijn schizoaffectieve stoornis, schizofreniforme stoornis, gedesorganiseerde schizofrenie, katatone schizofrenie, en paranoïde schizofrenie.**MS**Q12: Wat zijn de oorzaken en vormen van MS?A12: De precieze oorzaak van MS is niet helemaal duidelijk, maar het wordt gedacht dat het een auto-immuunreactie is, mogelijk uitgelokt door een virus. Vormen van MS zijn relapsing-remitting MS (RRMS), secundair progressieve MS (SPMS), milde of benigne MS, en primair progressieve MS (PPMS).Q13: Wat is de behandeling voor MS?A13: Behandeling voor MS omvat immuunmodulerende behandeling zoals interferonen en glatirameeracetaat, nieuwere medicatie zoals natalizumab of fingolimod, corticosteroïden bij exacerbaties, stoppen met roken, en niet-medicamenteuze en medicamenteuze behandelingen voor symptomen zoals depressie, spasticiteit, vermoeidheid, pijn, mictiestoornissen en obstipatie.**Urologie en Incontinentie**Q14: Wat zijn de verschillende vormen van incontinentie?A14: De verschillende vormen van incontinentie zijn urge-incontinentie, stress-incontinentie, gemengde incontinentie, overloopincontinentie/retentieblaas, reflexincontinentie, en functionele incontinentie.Q15: Wat zijn de oorzaken en symptomen van prostaathypertrofie en prostaatcarcinoom?A15: Prostaathypertrofie is goedaardig en veroorzaakt door een vergrote prostaat die de urinebuis blokkeert. Prostaatcarcinoom is kwaadaardig en kan leiden tot symptomen zoals moeite met urineren, zwakke urinestraal, en bloed in de urine.**Voeding**Q16: Wat zijn de functies van koolhydraten?A16: Koolhydraten geven het lichaam energie, vooral voor de hersenen en rode bloedcellen. Ze geven ook een zoete smaak aan voeding en bevatten voedingsvezels die nodig zijn voor een goede darmwerking.Q17: Wat zijn de functies van eiwitten?A17: Eiwitten zijn nodig voor de opbouw van cellen, vernieuwen van bestaande cellen, regelprocessen zoals enzymen en hormonen, en transport van stoffen in het bloed zoals hemoglobine.**Oncologie**Q18: Wat is de TNM-classificatie voor kanker?A18: De TNM-classificatie voor kanker bestaat uit T (Tumor, grootte en mate van doorgroei), N (Nodus, lymfeklieruitzaaiingen), en M (Metastasen, uitzaaiingen op afstand). Scores lopen van T1 tot T4, N0 tot N3, en M0 tot M1.Q19: Wat zijn de behandelopties voor kanker?A19: Behandelopties voor kanker zijn chirurgie, radiotherapie, chemotherapie, hormonale therapie, en immunotherapie. Behandeldoelen kunnen curatief, symptomatisch of palliatief zijn.**CVA en hartfalen**Q20: Wat zijn de symptomen van een CVA?A20: Symptomen van een CVA zijn plotselinge verlamming of zwakte aan één kant van het lichaam, spraakproblemen, slikstoornissen, evenwichtsproblemen, visusproblemen, verwardheid, agnosie, apraxie, afasie, neglect, bewustzijnsdaling of -verlies, en hemianopsie.Q21: Wat is het verschil tussen een herseninfarct, hersenbloeding en een TIA?A21: Een herseninfarct wordt veroorzaakt door een afsluiting van een hersenarterie, een hersenbloeding door een scheur in een hersenarterie, en een TIA is een kortdurend zuurstoftekort in een deel van de hersenen door een tijdelijke afsluiting zonder dat hersenweefsel afsterft.**Verpleegkunde**Q22: Wat is de definitie van langdurige zorg?A22: Langdurige zorg is zorg voor mensen die blijvend intensieve zorg of toezicht nodig hebben. Het is geregeld in de Wet langdurige zorg (Wlz) en wordt uitgevoerd door zorgkantoren.Q23: Wat is het Chronic Care Model van Wagner?A23: Het Chronic Care Model van Wagner propageert geïntegreerde zorg en stelt verandering voor op zes terreinen: zelfmanagementondersteuning, herontwerp van het zorgproces, besluitvorming ondersteuning, klinisch informatiesysteem, organisatie, en community of gemeenschap.**Bronchusverwijdende therapie**Q24: Wat zijn de werkingsmechanismen van SABA en LABA?A24: SABA (Short Acting Beta-receptor Agonist) zoals salbutamol stimuleert selectief de β-2-receptoren van het sympathische zenuwstelsel, waardoor het bronchiale gladde spierweefsel ontspant. LABA (Long Acting Beta-2-agonist) zoals Serevent® stimuleert de β-2-receptoren en heeft een langwerkend effect.Q25: Wat zijn de bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide®?A25: Bijwerkingen van inhalatiecorticosteroïden zoals Flixotide® zijn orofaryngeale candidiase, heesheid, kneuzingen, pneumonie, bronchitis, huiduitslag, hyperglykemie, dyspepsie, cataract, en verhoogde intraoculaire druk.**Geriatrie/gerontologie**Q26: Wat is het verschil tussen geriatrie en gerontologie?A26: Geriatrie is een medisch specialisme dat zich richt op ouderen met een combinatie van aandoeningen, terwijl gerontologie de wetenschap van het ouder worden is, inclusief sociale, psychologische, cognitieve en biologische aspecten.Q27: Wat zijn frailty markers bij kwetsbare ouderen?A27: Frailty markers bij kwetsbare ouderen zijn gewichtsverlies, uitputting, lage loopsnelheid, weinig fysieke activiteit, en lage knijpkracht. De aanwezigheid van drie of meer criteria indiceert kwetsbaarheid.**Mensen met een verstandelijke beperking**Q28: Wat zijn de VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking?A28: De VN-waarden/rechten voor mensen met een verstandelijke beperking zijn zeggenschap, inclusie, respect en veiligheid, persoonlijke ondersteuning, eigen keuze, behoud van relaties, ontplooiing, respect en eigenwaarde, en leven in en met de samenleving.Q29: Wat is het LACCS-principe?A29: Het LACCS-principe is gebaseerd op lichamelijk welzijn, alertheid, contact, communicatie, en stimulerende tijdsbesteding. Het doel is een goed leven voor iedereen van de EVMB doelgroep.**FACT team**Q30: Wat zijn de taken van een verpleegkundige in een FACT-team?A30: Taken van een verpleegkundige in een FACT-team zijn flexibele en assertieve behandeling en begeleiding, contact leggen met het systeem/netwerk van de patiënt, samenwerken met ketenpartners, draaien van de medicatiepoli en/of somatische poli, en werken met een shared caseload.Q31: Wat zijn de 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team?A31: De 7 C’s voor de verpleegkundige in een FACT-team zijn Cure, Care, Crisisinterventie, Community support, Cliëntdeskundigheid ondersteunen, Controle, en Check.**Psychiatrie**Q32: Wat zijn gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen?A32: Gezinsinterventies bij psychotische aandoeningen zijn familiegesprekken, psycho-educatie, therapie voor familie en/of naasten, en interventies gericht op terugvalpreventie en het versterken van sociale steun.Q33: Wat zijn aandachtspunten in het contact met zorgvragers met psychotische aandoeningen?A33: Aandachtspunten zijn ondersteunen bij activiteiten, vertrouwen opbouwen, helpen oriënteren, voorzichtig zijn met aanraking, duidelijk en luid praten, tekenen van hallucinaties herkennen, wanen niet ontkennen, competitie-element vermijden, waardering uitspreken, lage EE (expressed emotion) behouden, en doelen op korte termijn stellen.**Incontinentie**Q34: Wat zijn de verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie?A34: Verpleegkundige aandachtspunten bij incontinentie zijn signalering, bespreekbaar maken, katheter inbrengen, goede plashouding, blaastraining, bekkenbodemspieroefeningen, medicatie toedienen, en eventueel chirurgische behandelingen zoals netjes of implantaten.**Voeding**Q35: Wat zijn de functies van vetten?A35: Vetten leveren energie, beschermen organen, bevorderen de werking van ogen, hersenen en spieren, leveren vitamines (E, A, D), en bevatten essentiële vetzuren zoals linolzuur en alfalinoleenzuur.Q36: Wat zijn niet verteerbare polysachariden en hun functies?A36: Niet verteerbare polysachariden zijn voedingsvezels die niet door het maag-darmkanaal worden verteerd. Ze bevorderen een goede spijsvertering, zorgen voor een verzadigd gevoel, verminderen het risico op hart- en vaatziekten, diabetes type 2 en darmkanker, en worden door bacteriën in de dikke darm gefermenteerd.**Cultuur**Q37: Wat is het Sunrise Model van Leininger?A37: Het Sunrise Model van Leininger richt zich op de verschillen en overeenkomsten in overtuigingen, waarden en levenspatronen tussen culturen. Het doel is het verlenen van cultureel congruente, betekenisvolle en heilzame zorgverlening.Q38: Wat zijn de cultuurdimensies van Hofstede?A38: De cultuurdimensies van Hofstede zijn machtsafstand, masculiniteit-femininiteit, individualisme-collectivisme, onzekerheidsvermijding, langetermijngerichtheid-kortetermijngerichtheid, en hedonisme-soberheid.**Palliatieve zorg**Q39: Wat zijn de vier fasen van palliatieve zorg?A39: De vier fasen van palliatieve zorg zijn ziektegerichte palliatie, symptoomgerichte palliatie, palliatie in de stervensfase, en nazorg.Q40: Wat is proactieve zorgplanning?A40: Proactieve zorgplanning is het proces van vooruit denken, plannen en organiseren van zorgwensen en -behoeften, zodat de zorg afgestemd kan worden op persoonlijke wensen, waarden en behoeften. Het omvat gesprekken over huidige en toekomstige levensdoelen en keuzes.**OMAHA**Q41: Wat zijn de zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha?A41: De zes stappen van het verpleegproces volgens Omaha zijn gegevens verzamelen en onderzoeken, aandachtsgebieden vaststellen, stand van zaken per gebied meten, actie plannen en uitvoeren, stand van zaken tussentijds/einde zorg meten, en evalueren op elk gebied.Q42: Wat zijn de vier domeinen van Omaha System?A42: De vier domeinen van Omaha System zijn omgevingsdomein, psychosociaal domein, fysiologisch domein, en gezondheidsgerelateerd gedragsdomein.**NSM**Q43: Wat zijn de vijf variabelen van het NSM?A43: De vijf variabelen van het NSM zijn psychologisch, sociaal-cultureel, ontwikkelingsbepaald, spiritueel, en fysiologisch.Q44: Wat is een PES in het NSM?A44: Een PES in het NSM is een probleemstelling bestaande uit Probleem, Ethiologie (oorzaak), en Symptomen.**Revalidatie**Q45: Wat zijn de verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA?A45: Verpleegkundige aspecten bij revalidatie na een CVA zijn vroege diagnose, preventie en vroegsignalering van complicaties, controle van vitale functies en neurologische symptomen, bijhouden van een bloedglucosedagcurve, sliktest uitvoeren, multidisciplinaire samenwerking, en voorlichting en hulp bij het aanpakken van risicofactoren.**Klinisch redeneren**Q46: Wat is de EWS-score?A46: De EWS-score (Early Warning Score) gebeurt aan de hand van de ABCDE-methode. Hoe hoger de patiënt scoort op de vitale functies, hoe groter de bedreiging. Bij een score van meer dan 3 moet de arts worden gewaarschuwd.Q47: Wat is de SBARR-methode?A47: De SBARR-methode staat voor Situation, Background, Assessment, Recommendation, en Response. Het is een gestructureerde manier van communiceren in de gezondheidszorg.**DM en technologie**Q48: Wat is een continu glucose meter?A48: Een continu glucose meter (glucosesensor) meet om de paar minuten de bloedsuiker via een naaldje dat de bloedsuiker meet in het vocht onder de huid. Het geeft een seintje bij te hoge of te lage bloedsuikerwaarden.Q49: Wat is de Freestyle Libre sensor?A49: De Freestyle Libre sensor meet de glucosewaarden zonder vingerprik. De sensor wordt op de achterkant van de bovenarm geplaatst en meet automatisch de glucosewaarde in het interstitiële vocht. De waarde wordt zichtbaar op een reader en app.**Mantelzorg**Q50: Wat is de Caregiver Strain Index?A50: De Caregiver Strain Index is een vragenlijst waarmee overbelasting door mantelzorg gemeten kan worden. Scores worden ingedeeld in rood (11-13 keer “ja”, zeer zwaar belast), oranje (7-10 keer “ja”, overbelast), en groen (0-6 keer “ja”,
Handige bron om samenvattingen te vinden, vorige beoordelingen helpen hier zeker bij!
Een handige site voor het aankopen van samenvattingen voor examens.
Knoowy is een goede website. Het heeft veel aanbod en het werkt fijn.
Betrouwbare website. Ik zet er zelf ook samenvattingen op en ik koop er ook.
Gebruiksvriendelijke, overzichtelijke site. Makkelijk te raadplegen en goede zoekfunctie.
Snel, betrouwbaar, veel aanbod van samenvattingen. Goed en duidelijk weergegeven.
Goede site voor studenten die extra hulpje nodig hebben. Zeker een aanrader!
Ik heb Knoowy voor het eerste keer gebruikt. Het heeft me geholpen en ik raad het aan om eens uit te proberen.