Maak een oefenexamen over het onderwerp: Grafisch onderzoek
Je brengt met behulp van de grafiek, kenmerken van een functie in verband met de
betekenisvolle situatie die ze beschrijft.
Je doet dit in opgaven met context.
voorstellingswijzen van een functie en de onderlinge samenhang ervan:
verwoording, tabel, grafiek en voorschrift
functiekenmerken: domein, praktisch domein, bereik, praktisch bereik,
nulwaarden, nulpunten, snijpunten met de assen, tekenverloop,
stijgen/dalen/constant, maximum/minimum (extrema),
constante/toenemende/afnemende stijging/daling, symmetrie, even en oneven,
periode, verticale/horizontale asymptoten, gedrag op oneindig
Je schetst de grafiek van een functie zonder ICT.
Je tekent de grafiek van een functie met ICT.
6
Je bepaalt de functiekenmerken aan de hand van een grafiek.
Je legt het verband tussen de functiekenmerken en de gegeven betekenisvolle situatie.
Je lost vraagstukken op.. De oefenexamen moet geschreven zijn op het niveau van het Secundair onderwijs. De oefenexamen moet geschreven zijn in de Nederlandse taal. Onderin staan de antwoorden. Het aantal vragen dat het oefenexamen moet bevatten is 10.
Stel een studievraag en wij proberen hem zo goed mogelijk te beantwoorden.
Stel een vraagStel een studievraag en wij proberen hem zo goed mogelijk te beantwoorden.
Stel een vraag