Maak een oefenexamen van de volgende tekst: 11 De werking van de wereld: op zoek naar wetenschappelijke kennis (1500-1750)
VMT geleerden konden terugvallen op kennis uit de KOH en de ME, maar correct? wetenschappers 1500-1750 aan de slag met oude kennis en eigen, nieuwe inzichten
OV1 Hoe evolueerde de kennis in de 16de eeuw?
invloed humanisme:
inspiratie KOH
belang eigen waarnemingen en kritische ingesteldheid
ANDREAS VESALIUS:
Andries van Wesel
Brussel
anatoom, arts vader moderne anatomie
1514-1564
onvolledige of onjuiste vertalingen van Griekse en
Arabische werken corrigeren + deed zelf aan onderzoek
(vroegere geschriften volstonden niet)
wetenschappelijke kennis moet gebaseerd worden op eigen onderzoek, waarneming
zelf lijken opensnijden (vroeger strafbaar, nu vanzelfsprekend)
zorgde voor twijfel: kon dat de kennis die ze hadden in de vereerde oudheid niet overeenkwam met wat Vesalius zelf dacht
professor lichamen tonen aan studenten
boek Humani corporis fabrica libri septem (over de bouw van het menselijk lichaam in zeven boeken): bekritiseerde Galenus want nooit zelf lijken bestudeerd)
belangrijke stap anatomie en geneeskunde!
echte humanist:
kritisch eigen onderzoek + teksten corrigeren
Galenus: KOH
antropocentrisme mens onderzoeken
NICOLAAS COPERNICUS
1473-1543
Polen
inspiratie Griek Ptolemaeus 2de eeuw (KOH) kritisch want volgens Ptolemaeus stond aarde stil en bewogen alle andere hemellichamen eromheen
Copernicus waarnemingen theorie van het heliocentrisme: zon staat stil in het centrum van het heelal, daar rond draaien alle planeten (ook de aarde)
heliocentrismegeocentrisme
boek: revolutionibus orbium coelestium = de omwentelingen van de hemellichamen (1543)
Copernicaanse revolutie
OV2 Welke nieuwe methodes en hulpmiddelen gebruikten wetenschappers in de 17de eeuw om kennis te verwerven?
twijfel als beginpunt de wil om tot kennis te komen
FRANCIS BACON
Engelse filosoof
1561-1626
grondlegger empirisme waarnemen, niet aangeboren kennis (maar wel verstand gebruiken)
maar niet alles wat je ziet is waar
nieuwe filosofische stroming
1ste methode wetenschappelijke kennis
REN DESCARTES
1596-1650
Franse filosoof
rationalisme: verstand is belangrijker dan waarnemingen
vertrouwen op eigen verstand, logisch redeneren
4 regels van logica nooit iets voor waar aan te nemen waarvan ik niet zelf de waarheid op evidente wijze zou inzien (zelf een oordeel vormen)
Ik denk, dus ik ben twijfelen denken bestaan (denken = basis van kennis)
( 17de eeuw: wetenschappelijke praktijk rationalisme + empirisme experimenten)
ISAAC NEWTON
1643-1727
wetenschapper die in zijn onderzoek elementen uit het empirisme en rationalisme combineerde
Engeland (studies Cambridge University interesse ontwikkeld in nw)
experimenten opzetten binnen wetenschap vernieuwend, nieuw
hypothese vormen
waarnemen
verder nadenken
ook inspiratie tuin (appel uit de boom waarom valt de appel
recht naar beneden en niet naar de zijkant?)
mensen hadden nog niet echt nagedacht over wat
zwaartekracht precies was, maar zagen wel dat dingen naar
beneden vielen, wisten niet waarom
vallende appel zwaartekracht = dezelfde als die die de maan
rond de aarde doet cirkelen en planeten in een ellipsvormige
baan rond de zon
Philosophiae Naturalis Principia Mathematica meesterwerk,
zwaartekracht wiskundig berekenen (waarnemingsgegevens
wetmatigheden in zoeken cijfers)
nieuwe hulpmiddelen voor wetenschap:
ANTONI VAN LEEUWENHOEK
1632-1723
Nederland
niet eerste uitvinder microscoop:
Zacharias Janssen
Robert Hooke: Micrographia tekeningen allerlei objecten waaronder onder de microscoop, gebruikte samengestelde microscoop (meerdere lenzen), bestond al voor hem maar nu verbeterd
grondlegger van microbiologie + wetenschappelijke revolutie mede in gang gezet
ontwikkelde zelf microscopische lenzen met extreem hoge kwaliteit (veel beter dan die van Hooke) + gebruikte eenvoudige microscoop (met n lens)
ontdekte als eerste bacterin, zaadcellen, rode bloedcellen, eencelligen, andere micro-organismen
eigen sperma: beweeglijkheid menselijk leven komt enkel voort uit mannelijk zaad
onderzoek op zichzelf: patriarchaat, pas in 1827 eerste eicel zien in microscoop
CHRISTIAAN HUYGENS
1629-1695
astronoom
Nederlands
grote bijdragen geleverd aan de wetenschap bv. door
telescoop meer kennis over het heelal
verbeterde de telescoop van Galileo Galilei
telescoop= instrument om heel ver weg te kijken (sterren, planeten)
verschillen met Galileo Galilei:
Galileo: eerste stap, eenvoudige telescoop, nog een beetje wazig
Huygens: veel betere lenzen, scherper en krachtiger beeld, ontdekkingen zoals Titan = maan bij Saturnus
1650-1660
OV3 Welke effecten hadden de wetenschappelijke ontwikkelingen van de 16de en 17de eeuw op de bredere samenleving?
nieuw mens- en wereldbeeld:
humanisme (niet meer theocentrisme)
verhouding met geloof en kerk veranderde
nieuwe ideen conflicten wetenschap en religie (net zoals Lof der Zotheid Erasmus)
GALILEO GALILEI
1564-1642
Itali
verdedigde theorie van Copernicus
Dialoog over de twee voornaamste wereldstelsels
Aristoteles, Ptolemaeus, Copernicus
1632
simplicio = dom persoon, gelooft alles verdedigen antieke leer van Aristoteles en Ptolemaeus die door de kerk als absolute waarheid werd aangenomen
in tegenspraak met Gods woord
paus + kerk boos moest in 1633 voor de kerkelijke rechtbank in Rome verschijnen om de leer van Copernicus af te zweren
THE ROYAL SOCIETY OF LONDON FOR IMPROVEMENT OF NATURAL KNOWLEDGE
wetenschappelijke academie (1660)
groep wetenschappers: fellows
Isaac Newton (voorzitter)
Robert Hooke
Charles Darwin
oudste nog bestaande wetenschappelijke genootschap ter wereld
oorsprong: universiteiten: belangrijk nieuw fenomeen wetenschappelijke academies
begon als informele bijeenkomsten natuurfilosofen
wetenschappelijke kennis bevorderen
Wetenschappers als geniale voorlopers
Welke betekenis geven we aan wetenschappers uit het verleden?:
helden, genien, rechtstreekse verantwoordelijkheden voor allerlei hedendaagse wetenschappelijke prestaties
is het beeld van hen dat werd geschetst uit collectieve herinneringen niet te eenzijdig?
GERARD MERCATOR
1512-1594
cartograaf
Belgi
Mercatorprojectie: (1569)
extreem nauwkeurige kaarten (ondanks de beperkte kennis)
wereld veel overzichtelijker ontdekkingsreizigers en zeelieden
koerslijnen : rechte lijnen essentieel voor navigatie op zee
onmisbare stap naar de moderne wereldkaarten en GPS-systemen, zeevaart, luchtvaart
uiteindelijke doel + moeilijkheid = bolvormig aarde: plat maken
vervormt de oppervlaktes van landen (maar de koerslijnen blijven correct)
. De oefenexamen moet geschreven zijn in de Nederlandse taal. Onderin staan de antwoorden. Het aantal vragen dat het oefenexamen moet bevatten is 30.
Stel een studievraag en wij proberen hem zo goed mogelijk te beantwoorden.
Stel een vraagStel een studievraag en wij proberen hem zo goed mogelijk te beantwoorden.
Stel een vraag