Leg mij uitgebreid het volgende onderwerp uit: Grammaire D: Het delend lidwoord
Als je in het Nederlands gn lidwoord gebruikt, gebruik je in het Frans een delend lidwoord. De delende lidwoorden zijn du, de la, de l en des.
Voorbeelden:
- Je mange du fromage = Ik eet kaas.
- Le fromage est delicieux= De kaas is heerlijk.
- Tu veux aussi du fromage?= Wil jij ook kaas?
Zie je bij bovenstaande zinnen de verschillen? Wanneer er in het Nederlands een lidwoord (de,het, een) gebruik wordt, gebruiken we ook in het Frans de lidwoorden (le, la, les, l, un, une).
Maar wanneer er geen lidwoord gebruikt wordt, maken we gebruik van het delend lidwoord (du, de la, de l en des).
MAAR LET OP!
- Na een woord van hoeveelheid gebruiken we ALTIJD de of d (voor een klinker of een stomme h).
Woorden van hoeveelheid zijn bijvoorbeeld: beaucoup, trop, peu, un verre, une bouteille, un paquet, une tasse .
- Na de woorden aimer, adorer, prferer en dtester volgt er altijd een lidwoord, namelijk: le, la, l of les.
Voorbeelden delend lidwoord
1. Je vais faire beaucoup __________ courses.
Stap 1:
Woord van hoeveelheid? Ja!
Stap 2:
Na een woord van hoeveelheid gebruiken we altijd de of d.
Antwoord: Je vais faire beaucoup de courses.
2. Je prends aussi __________ oranges.
Stap 1:
Woord van hoeveelheid? Nee
De woorden adorer, aimer, prferer, dtester? Nee
Stap 2:
Dan krijg je het delend lidwoord: du, de la, de l of des.
Antwoord: Je prends aussi des oranges.
3. Alors, je prends __________ orangina.
Stap 1:
Woord van hoeveelheid? Nee
De woorden adorer, aimer, prferer, dtester? Nee
Stap 2:
Dan krijg je het delend lidwoord: du, de la, de l of des.
Antwoord: Alors, je prends de lorangina.
4. On mange du pain. Jadore _________ pain.
Stap 1:
Woord van hoeveelheid? Nee.
De woorden adorer, aimer, prferer, dtester? Ja! adorer
Stap 2:
Na het woord adorer gebruiken we altijd le, la, l of les.
Stap 3:
Hoe weet ik of pain mannelijk of vrouwelijk is? Je kijkt iets terug naar de zin en dan zie je du pain staan. Du = mannelijk, dat betekent dus dat he het lidwoord le moet noteren.
Antwoord: On mange du pain. Jadore le pain.
Grammaire H: Het werkwoord venir
Het werkwoord venir (komen) is onregelmatig. Die moet je dus uit je hoofd leren!
Grammaire D: Het delend lidwoord
Als je in het Nederlands gn lidwoord gebruikt, gebruik je in het Frans een delend lidwoord. De delende lidwoorden zijn du, de la, de l en des.
Voorbeelden:
- Je mange du fromage = Ik eet kaas.
- Le fromage est delicieux= De kaas is heerlijk.
- Tu veux aussi du fromage?= Wil jij ook kaas?
Zie je bij bovenstaande zinnen de verschillen? Wanneer er in het Nederlands een lidwoord (de,het, een) gebruik wordt, gebruiken we ook in het Frans de lidwoorden (le, la, les, l, un, une).
Maar wanneer er geen lidwoord gebruikt wordt, maken we gebruik van het delend lidwoord (du, de la, de l en des).
MAAR LET OP!
- Na een woord van hoeveelheid gebruiken we ALTIJD de of d (voor een klinker of een stomme h).
Woorden van hoeveelheid zijn bijvoorbeeld: beaucoup, trop, peu, un verre, une bouteille, un paquet, une tasse .
- Na de woorden aimer, adorer, prferer en dtester volgt er altijd een lidwoord, namelijk: le, la, l of les.
Voorbeelden delend lidwoord
1. Je vais faire beaucoup __________ courses.
Stap 1:
Woord van hoeveelheid? Ja!
Stap 2:
Na een woord van hoeveelheid gebruiken we altijd de of d.
Antwoord: Je vais faire beaucoup de courses.
2. Je prends aussi __________ oranges.
Stap 1:
Woord van hoeveelheid? Nee
De woorden adorer, aimer, prferer, dtester? Nee
Stap 2:
Dan krijg je het delend lidwoord: du, de la, de l of des.
Antwoord: Je prends aussi des oranges.
3. Alors, je prends __________ orangina.
Stap 1:
Woord van hoeveelheid? Nee
De woorden adorer, aimer, prferer, dtester? Nee
Stap 2:
Dan krijg je het delend lidwoord: du, de la, de l of des.
Antwoord: Alors, je prends de lorangina.
4. On mange du pain. Jadore _________ pain.
Stap 1:
Woord van hoeveelheid? Nee.
De woorden adorer, aimer, prferer, dtester? Ja! adorer
Stap 2:
Na het woord adorer gebruiken we altijd le, la, l of les.
Stap 3:
Hoe weet ik of pain mannelijk of vrouwelijk is? Je kijkt iets terug naar de zin en dan zie je du pain staan. Du = mannelijk, dat betekent dus dat he het lidwoord le moet noteren.
Antwoord: On mange du pain. Jadore le pain.
Grammaire H: Het werkwoord venir
Het werkwoord venir (komen) is onregelmatig. Die moet je dus uit je hoofd leren!
De uitleg moet geschreven zijn op het niveau van de Middelbare school.
Stel een studievraag en wij proberen hem zo goed mogelijk te beantwoorden.
Stel een vraagStel een studievraag en wij proberen hem zo goed mogelijk te beantwoorden.
Stel een vraag