Maak een oefenexamen van de volgende tekst: Begrippen Uitleg
Behoeften De goederen/diensten die we nodig hebben of graag
zouden willen.
- Primaire behoeften = levensnoodzakelijk ->
voedsel, kleding, onderdak.
- Secundaire behoeften = niet-levensnoodzakelijk ->
sociale behoeften, onderwijs, cultuur, vermaak.
- Tertiaire behoeften = luxebehoeften -> paard,
yacht, exotische reizen.
Goederen (Meestal) stoffelijke zaken die je kan bezitten, opbergen,
verplaatsen, weggeven,..
- Vrije goederen = beschikbaar voor iedereen zoals
zuurstof en zonlicht.
- Economische goederen = iemand heeft hiervoor
een inspanning geleverd en wil vergoed worden
(geld).
- Levensnoodzakelijke goederen = kledij, onderdak.
- Luxegoederen = leven wordt hierdoor aangenamer,
maar niet noodzakelijk.
- Consumptiegoederen = worden gekocht om
onmiddellijk te gebruiken (brandstof, kleren,
handdoeken,..)
- Industrile goederen = producten die met behulp
van machines gemaakt zijn.
- Productiegoederen = goederen die gebruikt worden
om andere goederen te produceren.
- Verbruiksgoederen = goederen die opraken bij
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
gebruik -> niet-duurzaam.
- Gebruiksgoederen = goederen die je langer kan
gebruiken -> duurzaam.
- Materile goederen = goederen die je kan aanraken
en verplaatsen.
- Niet-materile goederen = goederen die je kan
bezitten maar niet kunt aanraken.
Diensten Arbeidsprestaties gepresteerd tegen betalingen.
Consumeren Bepaalde goederen/diensten nuttigen of gebruiken door
het besteden van inkomsten/geld.
- Vroeger bestond er geen geld en werden producten
en diensten geruild = directe ruil. Om dit probleem
op te lossen werd geld ingevoerd = indirecte ruil.
Produceren Goederen en diensten voor consumptie beschikbaar
maken.
Productiefactoren - Natuurlijke hulpbronnen = grondstoffen.
- Arbeid = mankracht om productie mogelijk te
maken.
- Kapitaal = het nodige geld en andere
productiemiddelen zoals fabrieken en machines.
- Ondernemerschap = een initiatiefnemer/persoon
die het bedrijf start.
Economie Wetenschap die zich bezighoudt met de keuzes die
mensen maken bij productie, distributie, consumptie van
goederen/diensten.
Welzijn Kwaliteit van het leven, de mate van het menselijk geluk
zonder hiervoor goederen of diensten nodig te hebben.
Welvaart De mate waarin mensen hun behoeften kunnen voorzien
van schaarse middelen -> kledij, water, voldoende vrije
tijd, gezond milieu.
Vrijetijdsbesteding Bezigheden, tijdverdrijf die door mensen worden
ondernomen met als doel ontspanning en amusement.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
Economische kringloop:
1) Gezinnen kopen goederen en
diensten van bedrijven.
2) Bedrijven kopen arbeid van
gezinnen.
3) Bedrijven leveren goederen en
diensten aan gezinnen.
4) Gezinnen leveren arbeid aan
bedrijven.
5) Gezinnen geven geld aan de bank.
6) De bank geeft geld aan de
gezinnen.
7) De bank geeft geld aan de
bedrijven.
8) Bedrijven geven geld aan de bank.
9) Opgepot sparen: gezinnen houden
hun spaargeld thuis in een
spaarpot. Dit geld verdwijnt
(tijdelijk) uit de kringloop.
10) Bedrijven kopen goederen en
diensten van andere bedrijven.
11) Bedrijven leveren goederen en
diensten aan andere bedrijven.
Gezinnen:
Dienstverband: hierbij stel je arbeidsovereenkomsten op met afspraken waar je tegen
een financile vergoeding (loon of salaris) arbeid verricht met je werkgever.
- Handenarbeid = arbeiders
- Geestelijke arbeid = bediende
Zelfstandige: werkt onder eigen gezag dus niet voor een baas.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
Zelfstandigen Dienstverband
Eigen baas Gezag werkgever
Geen vast loon Gewaarborgd loon
Eigen risico Geen risico
Zelf sociale bijdrage en belastingen
regelen
Controle
Vrijheid Opleiding, begeleiding, instructies
Vergoeding van arbeid (loon):
- Loon = inkomen van een arbeider.
- Salaris of wedde = inkomen van een bediende.
- Ereloon of honorarium = inkomen van dokters, notarissen, advocaten.
- Winst = inkomen van een zelfstandige.
Vergoeding van een zelfstandige:
- Nettoloon = nettowinst (inkomsten - alle kosten) -> inkomsten - sociale lasten -
belastingen.
Brutoloon/brutowedde: de totale vergoeding die de werknemer krijgt voor zijn arbeid. Dit
bedrag wat de werknemer effectief krijgt. Om van brutoloon tot nettoloon te komen,
worden er allerlei bijdragen in mindering gebracht:
Nettoloon = brutoloon - RSZ - bedrijfsvoorheffing.
- RSZ: Rijksdienst voor sociale zekerheid = sociale bijdragen die elke werknemer
betaalt. Men kan hier beroep op doen wanneer men (tijdelijk) niet meer in staat is
om te werken wegens ziekte, pensioen, werkloosheid,..
-> Bij bedienden is dit 13,07% van het brutoloon.
-> Bij arbeiders is dit 13,07% op 108% van het brutoloon.
- Belastbaar loon: bedrijfsvoorheffing = een voorschot op de definitieve
inkomstenbelasting die aan het brutoloon ingehouden wordt. Dit is geen vast
percentage, het bedrag varieert volgens hoogte van loon en gezinssituatie
(gehuwd, kinderen ten laste,..)
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
Nominaal en reel loon:
- Nominaal loon = het inkomen uitgedrukt in geld en in lopende prijzen. Het
geldbedrag dat je iedere maand effectief krijgt.
- Reel loon = wat je effectief kan kopen met het bedrag dat je krijgt. Het wordt
ook uitgedrukt als koopkracht (= geeft aan hoeveel goederen een huishouden
kan kopen met het besteedbaar inkomen). Bij gelijkblijvend inkomen en stijgende
prijzen/belastingen, daalt de koopkracht.
Inkomen uit kapitaal:
- Kapitaal: alle bezittingen waaruit inkomsten uit voortvloeien.
- Roerende goederen: alle zaken die zichzelf verplaatsen of verplaatst kunnen
worden.
- Roerende inkomsten: inkomsten afkomstig uit bankrekeningen, leningen,
obligaties en aandelen.
- Onroerende goederen: woningen, (bedrijfs)panden, fabrieken en alle
bijbehorende grond.
- Onroerende inkomsten: inkomsten die voortkomen uit onroerende goederen.
Goederenkapitaal Geldkapitaal
Goederen leveren kapitaal Geld levert kapitaal
Inkomsten uit onroerende goederen ->
onroerende inkomsten
Inkomsten uit roerende goederen ->
roerende inkomsten
Verhuur gebouw = huur Beleggen geld = interest
Verhuur grond = pacht Sparen
Gezinsbudget: wat een gezin per maand kan spenderen voor onderdak, voeding, kledij.
Belang gezinsbudget: een huishouden heeft een aantal inkomsten en uitgaven die elke
maand en elk jaar terugkomen. Het is belangrijk om te weten welke deze zijn en
wanneer ze komen.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
Soorten inkomsten:
Mogelijke inkomsten Beroepsinkomsten, huuropbrengsten,
uitkeringen, kindergeld,..
Vaste uitgaven Woninghuur,
verwarming/gas/elektriciteit/water,
verzekering, belastingen,..
Variabele en huishoudelijke uitgaven Telefonie, onderhoud wagen, kledij,
kinderen, geneeskundelijke verzorging,..
Uitzonderlijke uitgaven Onderhoud en herstellingen, vakantie,
meubels,..
Inkomensbesteding:
Consumptie Aankopen van goederen en diensten.
Sparen Een manier van omgaan met bezittingen
waarbij er iets apart wordt gehouden.
Belastingen Een gedwongen betaling aan de
overheid.
Beleggen Vorm van investering waarbij geld wordt
vastgelegd voor langere of kortere tijd
met als doel om in de toekomst financieel
voordeel te behalen.
Verandering consumptiepatroon van gezinnen onder invloed van:
- Opleiding: hoger opgeleide mensen hebben behoefte om betekenisvolle
ervaringen op te doen zoals reizen.
- Leeftijd: Naarmate het ouder worden zullen onze interesses en behoeften
veranderen.
- Inkomen: Als ons inkomen verandert zal ook ons consumptiepatroon veranderen.
Factoren bij de keuze van beleggen:
- Hoeveel brengt het op? Wat hou je na belasting nog over?
- Hoeveel risico houdt de belegging in? Ben je zeker dat je al je geld terugkrijgt?
- Liquiditeit - Hoe snel kan je aan je geld komen indien nodig?
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
Ethisch beleggen: duurzaam beleggen, je investeert in zaken die op een milieu- en
mensvriendelijke manier hun goederen en diensten vervaardigen en aanbieden.
Soorten spaar- en beleggingsvormen:
Spaarrekening - Afhalen kan elk moment
- Lage interestvoet
- Belastingen vanaf 1660
Termijnrekening - Vaste periode
- Iets hogere interestvoet
- 15% belastingen op interest
Kasbon (je leent geld aan de bank) - Vaste periode
- Je krijgt interest
- 30% belastingen op interest
Staatsbon (je leent geld aan de overheid) - Vaste periode
- Je krijgt interest
- 15% belastingen op interest
- Veilig: overheid geeft garantie dat
je je geld terugkrijgt
Obligatie (je leent geld aan een bedrijf) - Je ontvangt interest
- 15% belastingen op interest
- Minder veilig: mogelijk dat het
bedrijf je geld niet kan terugbetalen
Dividend (aandelen) - Grootte van bedrag hangt af van
de winst van een onderneming
- Variabel
- 25% roerende voorheffing
- Aandelen verkopen als je je
kapitaal terug wilt
- Zeer risicovol: geen winst = geen
dividend.
Noodzaak belastingen: we leven in een welvaart en die is enkel ontstaan doordat we er
allemaal aan bijdragen. Belastingen gaan uit naar: goede ziekenhuizen, werkloze
mensen, uitkeringen naar ziekte of pensioen,..
Indirecte belastingen: belastingen die door overheden op indirecte wijze worden
geheven. Deze belastingen zijn indirect in de zin dat ze door een tussenpersoon
worden gend.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
Verbruiksbelastingen:
- Invoerrechten = wat er betaald moet worden om iets te mogen invoeren.
- Douanerechten = wat er betaald moet worden als je iets invoert.
- Accijnzen = op het verbruik van luxeproducten.
Belastingen op de juridische omloop van goederen:
- BTW.
- Taken op beursverrichtingen, verzekeringscontracten.
- Schenkingsrechten en successierechten.
- Registratierechten bij notaris.
Directe belastingen: belastingen die door overheden op directe wijze worden geheven.
Op inkomsten van:
- Personen: personenbelasting of bedrijfsvoorheffing.
- Bedrijven: vennootschapsbelasting.
- Rechtspersonen: rechtspersonenbelasting.
- Vastgoed: onroerende voorheffing.
- Kapitaal: roerende voorheffing.
Ze worden gend via:
- Bij elke uitbetaling van het loon.
- Per kwartaal: voorafbetalingen verplicht voor zelfstandigen en ondernemingen.
- 1x per jaar: aanslagbiljet.
Personenbelasting: de inkomstenbelasting die geheven wordt op het wereldwijde
inkomen van particulieren.
Kenmerken:
- Berekend op basis van het totale netto-inkomen.
- Progressief aanslagtarief, variabel naarmate het inkomen.
- Benvloed door de samenlevingsvorm, de belastingvrije som en het aantal
personen ten laste.
- Jaarlijks betalen alle rijksinwoners.
-> Rijksinwoners = personen die hun fiscale woonplaats of zetel van fortuin in Belgi
hebben.
Fiscale woonplaats = de woning waar een persoon werkelijk woont.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
Zetel van fortuin = de plaats waaruit de belastingplichtige zijn vermogen beheert.
Belastingaangifte: een schriftelijke verklaring waarin het inkomen en vermogen wordt
meegedeeld aan de inspectie van belastingen. Dit stelt de belastingdienst in staat uit te
rekenen wat de belastingschuld is van het betreffende aanslagjaar.
Inkomstenjaar = het jaar waarin de inkomsten verworven zijn.
Aanslagjaar = het jaar waarin de aangifte gebeurt. Dit is altijd het jaar na het
inkomstenjaar.
Wat staat er op een belastingaangifte?
- Loon
- Afbetaling hypothecair krediet
- Energiebesparende investeringen
- Pensioensparen
- Giften
- Kinderopvang
- Onderhoudsgeld
- Aankoop dienstencheques
- Personen ten laste
Aanslagbiljet: nadat de belastingdienst uw gegevens ontvangen heeft, wordt deze
gecontroleerd en wordt er berekend wat u dient te betalen of terugkrijgt. De
samenvatting van de berekening en het te betalen of terug te vorderen bedrag kan u
hierop aflezen.
Bedoeling belastingen:
Belastbare inkomens Inkomsten van roerende en onroerende
goederen, kapitalen, beroepsinkomsten,
diverse inkomens.
Progressieve belasting Een vorm van inkomstenbelastingen
waarbij het gemiddelde basistarief hoger
wordt naarmate het inkomen stijgt.
Bedrijfsvoorheffing Werkgevers storten de bedrijfsvoorheffing
die ze inhouden van het loon van de
werknemers door aan de overheid. Dit is
voorschot op de jaarbelasting.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
Onroerende voorheffing Heeft als doel de eigenaar van elk pand
te identificeren.
Roerende voorheffing Belasting op roerende goederen zoals
spaarboekjes. Deze dient als voorschot
op de jaarbelasting.
Betaling:
Rechtstreekse betaling: betalen zonder tussenkomst van een bank.
Kwitantie: Bewijs van betaling op een afzonderlijk document. De
schuldeiser ondertekent dit bewijs en verklaart hiermee dat de
schuldenaar zijn schuld voldaan heeft.
Kwijting: Een schriftelijke verklaring dat een schuld is afgelost.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
Ontvangstbewijs: Een ontvangstbevestiging van een bepaalde geldsom of
goederen. De bon dient als overeenkomst tussen de verkoper
enerzijds en de koper anderzijds.
Onrechtstreekse betaling: betalen met tussenkomst van een bank.
Rol van de financile instellingen bij onrechtstreekse betalingen = deze dient als
tussenpersoon tussen schuldeiser en schuldenaar, geld wordt gestort.
Storting = wanneer je geld op een bankrekening wil plaatsen.
Routeschema storting:
1) De schuldenaar brengt geld naar
de bank.
2) De schuldenaar krijgt van de bank
een bewijsstuk.
3) De bank van schuldenaar stuurt
alle gegevens over de storting naar
UCV (Uitwisselingscentrum en
Verrekening - voor kleine
betalingen tussen particulieren,
bedrijven en overheden).
4) UCV stuurt alle gegevens door
naar de bank van de schuldeiser.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
5) De bank van de schuldeiser
crediteert de rekening van de
schuldeiser.
Overschrijving = wanneer er de opdracht wordt gegeven om geld over te zetten
van de rekening van de opdrachtgever naar rekening begunstigde. Hiervoor vul
je een overschrijvingsformulier in.
Routeschema overschrijving:
1) De schuldenaar geeft opdracht
aan zijn bank.
2) De bank debiteert de rekening
van de opdrachtgever.
3) De bank van de schuldenaar
stuurt alle gegevens door over
de betaling naar UCV.
4) UCV stuurt alle gegevens door
naar de bank van schuldeiser.
5) De bank van de schuldeiser
crediteert de rekening van de
schuldeiser.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
Domiciliring = je geeft eerst een toestemming (mandaat) aan de schuldeiser en
de bank om automatisch je rekening te debiteren met het verschuldigde bedrag
wanneer de schuldeiser de schuld aanbiedt.
- Gasrekeningen
- Elektriciteitsrekeningen
- Abonnementen
Permanente of doorlopende opdracht = je geeft de bank de opdracht om elke
maand een vast bedrag van uw rekening over te maken op een andere rekening.
- Huur
- Zakgeld van de kinderen
- Spaarrekening
Debetkaart = een betaalkaart waarmee een betaling of geldafhaling onmiddellijk
van je zichtrekening gaat of 'gedebiteerd' wordt.
- Uitgaven gaan onmiddellijk van je rekening
- Gekoppeld aan zichtrekening
- Enkel in Europa geld afhalen en betalen
- Maestro of Bancontact
- Geld opnemen in Belgi en de rest van Europa goedkoper dan met
kredietkaart
Routeschema debetkaart:
1) Koper biedt kaart aan bij de betaalterminal.
2) De betaalterminal maakt contact met banksys.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
3) Banksys controleert de kaart -> code en geldigheid.
4) Banksys maakt contact met bankschuldenaar (koper) en 'vraagt' of er
voldoende geld op de rekening staat om de betaling te laten gebeuren.
5) De bank van de koper laat weten aan Banksys dat er voldoende geld is.
6) Banksys geeft de betalingsgegevens door aan UCV.
7) UCV stuurt de informatie door naar de bank van schuldenaar en schuldeiser
(koper en verkoper).
8) De bank van de koper debiteert de rekening van de koper.
9) UCV laat aan Banksys weten dat de betaling in orde is.
10)Banksys stuurt een ok naar de betaalterminal
Banksys: merknaam van Atos Worldline dat het elektronisch betaalverkeer regelt.
- Geld afhalen aan de bankautomaten
- Aankopen betalen bij de meeste handelen
- Bankverrichtingen aan de bankautomaat: stortingen, overschrijvingen,
rekeninguittreksels,
Kredietkaart = een 'bankkaart' waarmee betalingen kunnen worden uitgevoerd.
- Geld gaat niet onmiddellijk van je rekening
- 1x per maand afgerekend
- Wereldwijd aanvaardbaar
- Betalingen op afstand (online)
- VISA, EuroCard - MasterCard, Diners Club, American Express
Routeschema kredietkaart:
Routeschema kredietkaart is gelijk aan die van de debetkaart, met het verschil dat de
koper (schuldenaar) niet onmiddellijk gedebiteerd wordt, maar dat hij schuldenaar
wordt bij de uitgever van de kredietkaart. Hier wordt ook nog een domiciliring aan
gekoppeld zodat de uitgever van de kredietkaart op het einde van de maand de
schuld kan vorderen van de schuldenaar.
Vergelijking krediet- en debetkaart: de debetkaart dient om vanaf uw zichtrekening het
nodige geld te transfereren voor uw dagelijkse uitgaven. De kredietkaart heeft de
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
gepaste naam, want ze laat toe met geleend geld te betalen dat u niet bezit op het
moment van de aankoop.
Debetkaart Kredietkaart
Naam In Belgi: bancontact/Mister cash
Elders: Maestro
VISA, MasterCard, Diners Club,
American Express
Uitgever - Banken
- Financile instellingen
- Banken
- Financile instellingen
- Grote bedrijven
Gebruik - Betalingen bij handelaars
en dienstverleners
- Geldafhalingen uit
geldautomaten
- Online betalingen met
kaartlezer
- Bankverrichtingen aan
bankautomaten
- Betalingen bij handelaars
en dienstverleners
- Geldafhalingen uit
bankautomaten
- Online betalingen
Betaling Het bedrag wordt onmiddellijk
overgemaakt
Je betaalt pas op het einde van
een periode
Limieten - Het beschikbare geld op
je rekening, tenzij je onder
0 kan gaan
- Een maximum bedrag aan
transactie per dag en per
week
- De toegestane
kredietlimiet: het bedrag
dat je maximaal kan
gebruiken in een
bepaalde periode
Identificatie Pincode Meestal pincode, soms
handtekening en identiteitskaart
Beveiliging - Zonder PIN is de kaart
onbruikbaar
- Kaart wordt automatisch
geblokkeerd na 3 foute
pincodes
- Bij fraude, meestal
maximum verlies van
150
- Kaart kan zonder PIN
gebruikt worden
- Kaart wordt automatisch
geblokkeerd na 3 foute
pincodes
- Bij fraude, meestal
maximum verlies van
150
- Kaart wordt geblokkeerd
bij vermoeden van fraude
Internationaal - Met Maestro zijn
betalingen en afhalingen
mogelijk in Europa
- Betalingen en afhalingen
over de hele wereld
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
Kosten - Jaarlijkse bijdrage
- Eventuele kost per
transactie hetzelfde als in
eigen land
- Buiten de eurozone
wisselkosten en
commissie
- Jaarlijkse bijdrage
- Kosten en geldafhaling
aan de geldautomaat
- Wisselkosten en
commissie voor
transactie in andere
munten
Internetbankieren of PC-banking = bankieren via het internet. Je vraagt bij de
bank toegang tot je zichtrekening via PC-banking. Hiervoor heb je een kaartlezer
nodig die samenwerkt met de chip op je bankkaart.
- Spaarrekening openen
- Overschrijvingen doen
- Permanente opdracht ingeven
- Uittreksels raadplegen
Zelfbankieren of self-banking = je kan allerlei bankverrichtingen doen via een
bankautomaat. Deze zijn ook toegankelijk buiten de openingsuren van de bank.
- Geld afhalen
- Geld storten
- Rekeningsaldo controleren
- Rekeningafschriften afdrukken
- Overschrijvingen
- Pincode aanpassen
- Blokkering opheffen
- Domiciliringen en permanente opdrachten beheren
- Kredietkaarttransacties
Andere betaalvormen:
- Maaltijdcheques = deze verdien je boven op je loon. Hiermee betaal je
voor voedingsmiddelen in supermarkten, restaurants,
- Opleidingscheques = cheques met verbonden voorwaarden waarmee
werknemers in bepaalde categorien (zonder diploma) die willen studeren
een deel van hun opleiding kunnen betalen in erkende scholen en
instellingen. Je betaalt 250 en de overheid geeft de helft terug.
- Sport- en cultuurcheques = werkgevers kunnen hun werknemers als
bonus deze cheques geven, waarmee zij bij erkende deelnemers kunnen
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
betalen voor sportieve en culturele activiteiten (geen materile dingen en
maximum 100).
- Betalen met GSM =
a. Contactloos -> je houd je smartphone tussen 4-9 cm van de
betaalterminal. Je hoeft voor kleine bedragen geen pincode meer in
te geven.
b. Via GSM -> wordt vaak gebruikt voor parkeren. Je stuurt een sms
naar een bepaald nummer om de parkeersessie op te starten en af
te sluiten. Je betaalt dan uiteindelijk aan je provider.
Nieuwe tendensen (trends/ontwikkelingen):
- Payconcic
- QR
- Contactloos
Rekeninguittreksel = een officieel document/bewijsstuk met een opsomming van
alle bankverrichtingen die met je rekening gebeurd zijn over een bepaalde
periode. Bewaartermijn voor rekeninguittreksels en andere bankdocumenten = 5
jaar. Loopt er een schuld op 5 jaar, bewaartermijn = 10 jaar.
Wat staat er op het rekeninguittreksel?
- Datum en volgnummer van het rekeninguittreksel
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
- De naam van de rekeninghouder
- De munt
- Het rekeningnummer
- 1ste pagina: vorige stand
- Chronologische volgorde van de verrichtingen. Bij elke verrichting wordt
vermeld:
- De datum van de verrichting
- De datum waarop er effectief gecrediteerd of gedebiteerd werd
- Welk type verrichting: storting/overschrijving/betaling met bankkaart
- Op de laatste pagina staat de stand van de rekening op de dag dat het
rekeninguittreksel gedrukt werd
Krediet:
Krediet: een kapitaal (meestal geld) dat aan iemand is versterkt, maar waar op zekere
termijn een dienst of terugbetaling voor verschuldigd is. Economische term voor lening.
Belang kredieten: voor uitgaven waar we niet onmiddellijk geld voor hebben kunnen we
naar de bank of een kredietinstelling stappen en indien mogelijk zullen zij het tekort
voorschieten. Dit wordt op termijn in schijven terugbetaald met interest.
Krediet op korte termijn: kredieten die vereffend moeten worden tussen 1 maand en
2 jaar.
Kredietopening: een vorm van consumentenkrediet, waarvoor de regels bij wet
zijn vastgelegd. De kredietgever geeft je de mogelijkheid om over een bepaald
bedrag te beschikken, je 'kredietlijn', waar je naargelang je noden geld mag uit
gebruiken. Dit komt met gevaren zoals onbeperkt gebruik en je kiest in grote
mate de termijn. Meeste kredietopeningen zijn contracten van onbepaalde duur,
met slecht 3 verplichtingen:
- Je moet je houden aan het maximum van de kredietlijn.
- Je moet doorgaans elke maand een klein bedrag betalen.
- Af en toe moet je je krediet op 0 brengen = nulstelling. Dit is niet het einde
van je kredietlijn. Nadat je alles voorlopig hebt terugbetaald, mag je
opnieuw gebruikmaken van de kredietlijn.
Kasfaciliteit: een kredietlijn gekoppeld aan een zichtrekening waarmee u tijdelijke
en onverwachte tekorten kan dekken. Je spreekt een max. bedrag af, het biedt
permanente zekerheid. Je kan ook niet constant onder nul staan, je moet
afhankelijk van je contract minstens 3 maanden positief staan.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
Verkoop op termijn: je koopt goederen of diensten aan en betaalt op later tijdstip,
als een soort uitstel van betaling. Je hebt een bepaalde termijn waarin je je
aangekochte goederen/diensten moet betalen. Dit is meestal kosteloos, tenzij je
de max. termijn overschrijdt, dan komen er wel interesten bij.
Verkoop op afbetaling: je kan onmiddellijk beschikken over goederen/diensten
die je nu aankoopt, maar betaalt deze in schijven. Dit zijn vaste bedragen die je
op vaste data dient te betalen. Vaak wordt er interest berekend, niet altijd. Zolang
je geen 40% afbetaalt van wat je gekocht hebt, kan de verkoper wanneer je niet
(tijdig) betaalt, dat wat je gekocht hebt terugnemen.
- Concrete toepassing: aankoopwagen -> de verkoper biedt mogelijkheid
aan om deze in schijven te betalen, deze zal meestal interest aanrekenen.
Krediet op lange termijn: kredieten die vereffend moeten worden tussen 2 jaar - jaar.
Persoonlijke lening: een vorm van geld lenen waarbij u het volledige bedrag in
n keer ontvangt om een grote aankoop mee te financieren. Deze lening betaalt
u vervolgens in delen af over afgesproken termijnen. -> zwembad, wereldreis,..
Hypothecaire lening: een lening specifiek bedoeld voor de aankoop van
onroerende goederen of renovaties op lange termijn (gemiddeld 30 jaar). Bij het
afsluiten van de lening worden er 2 contracten afgesloten:
- De lening: er wordt door de bank (= schuldeiser) een bepaald bedrag
geleend aan iemand voor de aankoop van een onroerend goed. Er wordt
afgesproken hoe de persoon deze lening zal terugbetalen en over welke
termijn.
- Hypotheekgeving: de bank zal een hypotheek op uw woning laten
vestigen. Dat wil zeggen dat uw woning dient als onderpand voor de
lening. De persoon die geld wil lenen voor een onroerend goed geeft aan
de bank een zakelijk recht. Door dit zakelijk recht is de bank gemachtigd
om het onroerend goed te verkopen wanneer de schuldenaar zijn lening
niet meer kan betalen.
Valkuilen voor de kredietnemer:
- Terugbetalingsplicht: de kredietnemer moet de geleende som terugbetalen en
betaalt hier interest op. Dit moet ook gebeuren voor de vastgelegde datum.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
- Financile draagkracht: het vermogen om lasten te dragen. Een algemene
richtlijn is het bedrag dat je maandelijks zou kunnen sparen of reeds spaart. Als
er maandelijks niets overblijft, is er ook geen ruimte voor betalingen, tenzij er een
andere kost door wegvalt.
- Risico's: er kunnen onvoorziene omstandigheden ontstaan, waardoor je de
lening niet meer kan afbetalen; werkloosheid, faillissementen, verandering van
gezinssituatie.
- Waarborgen: bij een hypothecaire lening is de waarborg het onroerend goed
waarvoor het krediet is aangegaan. Als je de lening niet meer kunt afbetalen,
heeft de bank het recht het onroerend goed te verkopen.
Wet op consumentenkrediet: dit legt wettelijk vast wat wel en niet kan bij het afsluiten
van een consumentenkrediet bij een professionele kredietverstrekker. De wet
beschermt de consument tegen overmatig krediet.
De wet is van toepassing op:
- Lening op afbetaling
- Verkoop op afbetaling
- Leasing of financierings huur
- Kredietopening
- Kasfaciliteit
Recht:
Nut van recht: rechtsregels dragen bij aan de rechtsorde en harmonie in een
samenleving. Er is een systeem van regels die door iedereen gevolgd moet worden ->
wetsorde. De overtredingen zijn door iedereen bekend. Zorgt er ook voor dat de
sterkere de zwakkere niet uitbuit.
Bronnen van het recht:
Wetten: regels geformuleerd en opgelegd door de federale wetgevende macht,
geldend voor heel het land, ondertekend door de koning.
Decreten: regels geformuleerd en opgelegd door de gemeenschappen en
geldend voor hun gewesten.
- Gemeenschappen: Vlaamse gemeenschap, Franse gemeenschap, ...
- Gewesten: Vlaams gewest, Waals gewest,
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
Verordeningen: een regeling die geldt voor iedereen binnen de gemeente, en die
vaak tot doel heeft de gemeente netjes en leefbaar te houden voor iedereen.
Rechtsleer: het resultaat van denkwerk van rechtsgeleerden. Ze volgen nieuwe
situaties op en schrijven hierover in vakbladen. Zo kunnen nieuwe
wetsvoorstellen ontstaan.
Gewoonterecht: het door generaties lang op dezelfde manier beoefenen van een
bepaalde praktijk, wordt een ongeschreven rechtsregel omdat het op basis van
de lange traditie algemeen aanvaard is.
Rechtspraak: staat voor wat rechters doen -> rechtspreken, een beslissing
nemen in een rechtszaak.
Soorten rechtbanken en gerechtshoven:
Vredegerecht Houdt zich bezig met alle problemen in
verband met het gezinsleven,
buurtbewoners,..
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
Politierechtbank Het laagste vonnisgerecht voor
strafzaken. (nachtlawaai, )
Rechtbank van eerste aanleg Is ingericht voor alle burgerlijke geschillen
en strafzaken, die niet tot de bevoegdheid
van een andere rechtbank horen.
(burgerlijk/familie/jeugd)
Arbeidsrechtbank Oordeelt over tewerkstelling- en
arbeidsgeschillen.
Rechtbank van koophandel Bevoegd voor alle geschillen tussen
ondernemingen, ongeacht de waarde van
het geschil.
Hoven van beroep Wie het niet eens is met de uitspraak van
de rechtbank van eerste aanleg of de
rechtbank van koophandel, kan in hoger
beroep gaan.
Arbeidshoven Mensen die in beroep gaan tegen
beslissingen van de arbeidsrechtbank.
Hoven van Assisen Houdt zich bezig met misdaden zoals
moord, politieke misdaden, diefstal met
inbraak en geweld, brandstichting en heel
zware zedenfeiten.
Hoven van Cassatie De hoogste rechtbank in Belgi. Het
onderzoekt alleen of de wet correct werd
toegepast en of er procedurefouten
werden gemaakt.
Actoren in rechtszaken:
- Rechter: zijn wettelijk verplicht een oordeel uit te spreken over een geschil dat
hen voorgelegd wordt.
- Onderzoeksrechter: deze leiden een gerechtelijk onderzoek met behulp van de
politie/rechercheurs. Ze verzamelen zowel bewijzen tegen, als voor de
verdachte. De voornaamste onderzoeksverrichting is de aanhouding van een
verdachte.
- Openbaar Ministerie/parket: hoogste hoeder van de openbare orde en
vertegenwoordigt de samenleving in de rechtbank. Haar voornaamste taak is het
opsporen en vervolgen van misdrijven. Verleent ook advies in burgerlijke zaken.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
Rechtelijke procedure: een reeks instructies die op volgorde moeten uitgevoerd worden.
Personenrecht:
Natuurlijke personen: een persoon die deelneemt aan het rechtsverkeer en daarbij
rechten en verplichtingen heeft.
- Ze hebben voor- en familienaam, geslacht, nationaliteit, ...
Rechtspersonen: een organisatie die deelneemt aan het rechtsverkeer en daarbij
rechten en verplichtingen heeft.
- De staat, gemeenten, stichting, kerkgemeenschappen,
De staat van een persoon:
Individu (heeft mensenrechten)
- Fysieke elementen -> het in leven zijn (geslacht, leeftijd, ...)
- Psychische elementen -> psychisch welzijn
- Civielrechtelijke elementen -> identiteit (naam, woonplaats, )
In een familie
- Op basis van het huwelijk -> vrijgezel, gehuwd, gescheiden,
weduwe(naar)
- Op basis van afstamming -> verwantschap met andere personen
In de maatschappij
- Vluchteling of staatloos: het niet hebben van een nationaliteit/politiek.
- Aangifte van de geboorte van een kind moeten binnen de 15 dagen
aangegeven worden bij de Burgerlijke Stand van de gemeente waar het
geboren is.
Verwantschap: de juridische band tussen personen waarbij de n van de ander
afstamt.
- 1ste graad: ouders en kind
- 2de graad: broers en zussen
- 3de graad: tante, oom, neef, nicht
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
Bloedverwantschap:
- Verwantschap in rechte lijn: de ene persoon stamt af van de andere.
- Verwantschap in zijlijn: bij de zijlijn gaat het om de afstand tot broer of zus,
oom of tante, nichtjes en neven. Er wordt teruggerekend naar de
gemeenschappelijke voorouder.
Aanverwantschap: ontstaat door huwelijk of geregistreerd partnerschap ->
schoonfamilie. Aanverwanten erven niet van je. Je partner erft wel van je en als
je partner vervolgens overlijdt, gaat er wel een deel van de erfenis naar je
aanverwanten.
Zakenrecht:
Goed Alle zaken en vermogensrechten waarop iemand recht
kan laten gelden, dus niet alleen stoffelijke objecten,
maar ook eisen.
Vermogensrecht Deel van het recht dat te maken heeft met zaken en
goederen.
Vervreemdbaar Iets dat het bezit kan worden van iemand anders.
Onvervreemdbaar Iets dat nooit het bezit kan worden van iemand anders.
Lichamelijke goederen Tastbaar, je kan het met je zintuigen waarnemen.
-> huis, wagen, aarde,
Onlichamelijke goederen Ontastbaar, je kan het niet met je zintuigen waarnemen.
-> zakelijk recht zoals vruchtgebruik of erfdienstbaarheid
- Vruchtgebruik = je mag voor een bepaalde tijd een onroerend goed gebruiken
van iemand anders alsof het van jou is.
- Erfdienstbaarheid = je mag een stukje grond van iemand anders gebruiken
omdat dit een oplossing vormt voor een praktisch probleem.
Je hebt iets in eigendom:
Gebruiksrecht = je mag een zaak gebruiken en er het genot van hebben.
-> Ik mag een fiets gebruiken.
Genotsrecht = recht op genot van de zaak.
-> Ik mag de fiets verhuren en het huurgeld vrij besteden.
Beschikkingsrecht = het recht om veranderingen aan te brengen.
-> Ik mag er veranderingen aanbrengen.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
Je hebt iets in bezit: je hebt een zaak zonder de 3 eigendomsrechten. Je hebt dit in
bezit totdat de eigenaar het terug wil.
-> Een museum heeft objecten in zijn bezit, die eigendom zijn van de kunstenaar.
Definitie eigendom volgens artikel 3.50 van Boek 3 Het goederenrecht van het BW:
Het eigendomsrecht verleent aan de eigenaar rechtstreeks het recht om het voorwerp
ervan te gebruiken, hiervan het genot te hebben en erover te beschikken. De eigenaar
heeft de volheid van bevoegdheden, behoudens de beperkingen die door wetten,
verordeningen of door de rechten van derden worden opgelegd.
Eigendomsrecht: alle regels met betrekking tot de eigendom van een bepaalde zaak.
Wijze van eigendomsrecht:
Toe-eigening = wanneer iemand zich in het bezit stelt van een zaak die aan
niemand toebehoort. Een goed dat nooit een eigenaar heeft gehad of dat door
een eigenaar vrijwillig werd achtergelaten. (dieren)
Vinding = een getroffen goed dat geen eigenaar heeft. (schat)
Natrekking = een kleinere zaak gaat deel uitmaken van een grotere zaak, de
eigendom van de kleinere zaak verdwijnt.
Verjaring = iemand die gedurende lange tijd het bezit van een zakelijk recht heeft
gehad, wordt automatisch de eigenaar van het bezit.
Voorwaarden:
- Bezit over 30 jaar.
- Een onafgebroken bezit.
Levering = eigendomsverkrijging aan de hand van een overhandiging.
(geschenk)
Erfenis = het totaal aan bezittingen en schulden dat iemand na zijn overlijden
nalaat.
- Erflater: de persoon die overleden is.
- Erfgenaam: de persoon waaraan de erfenis wordt nagelaten.
Verbintenissen = huwelijk, koop, ruil, lening,
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
Goederen die geen eigenaar hebben, behoren tot de staat.
Vruchtgebruik: je mag voor een bepaalde tijd een onroerend goed gebruiken van
iemand anders alsof het van jou is.
Naakte eigenaar: men is eigenaar van een (on)roerend goed, maar heeft het recht niet
om er gebruik van te maken.
Erfstdienbaarheden: een last waarmee een onroerende zaak ten behoeve van een
andere onroerende zaak is bezwaard.
Wettelijke: door de wet opgelegd -> een gemeenschappelijke muur, deze behoort
tot beide eigenaars.
Natuurlijke: de waterafloop -> de eigenaar van het lager liggende perceel mag er
niet voor zorgen dat ze geblokkeerd raakt.
Conventionele: erfdienstbaarheid die door mensen onderling zijn
overeengekomen -> recht van overpad (men mag over een erf van een ander
gaan).
Verbintenissen:
Verbintenissen: afspraak tussen partijen op juridisch gebied. De ene partij
(schuldenaar) is verplicht een prestatie te leveren aan de andere partij (schuldeiser).
- Partij 1 (verkoper/schuldeiser) -> verbindt er zich toe een auto te geven in ruil
voor geld.
- Partij 2 (koper/schuldenaar) -> verbindt er zich toe geld te geven in ruil voor een
auto.
Bronnen:
De wet Verbintenis die ontstaat tussen 2 partijen na een
bepaalde gebeurtenis/handeling (= rechtsfeit).
Contract of overeenkomst Dubbele verbintenis -> beide partijen willen iets van
elkaar en worden dus beide schuldenaar en
schuldeiser.
Oneigenlijk contract Verbintenis die ontstaat wanneer iemand, zonder eerst
toestemming te vragen aan de ander, iets vrijwillig doet,
waardoor de andere partij verplicht wordt een
verbintenis aan te gaan.
Zaakwaarneming Het vrijwillig op zich nemen van het behartigen van
iemand anders belang (buurman repareert het
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
gebroken raam van zijn buur).
Onverschuldigde betalingen Wanneer iemand een betaling doet aan iemand zonder
dat dit deze persoon toekwam (je stort per ongeluk geld
op iemands rekening zonder dat je deze persoon iets
verschuldigd bent).
Verrijking Wanneer iemand onrechtvaardig het vermogen krijgt
van een ander zonder dat hier een verbintenis voor was
opgemaakt, zoals de afwezigheid van wil (Jan sterft en
Mieke erft zijn huis -> Mieke verkoopt dit huis aan Joris
-> Achteraf blijkt dat Bart de erfgenaam was).
Onrechtmatige daad Als je iets fout doet en iemand anders lijdt hierdoor
schade, ben je verplicht deze te vergoeden, mogelijk
met hulp van de verzekering.
Eenzijdige rechtshandeling Verbintenis waar de handeling gericht wordt naar de
ene partij, maar de andere partij moet niet meewerken.
Voornaamste gevolgen van verbintenissen:
Overmacht: een partij komt volledig buiten haar wil de belofte niet na, er is dus
geen contractuele fout.
Voorbeeldsituatie: je hebt een vliegtuigticket gekocht, maar het vliegtuig kan niet
vertrekken vanwege een vulkaanuitbarsting.
Contractuele fout: afhankelijk waar het om gaat, kiest de rechtbank een van de
twee oplossingen:
- Het contract ontbinden wegens schuldige niet-uitvoering.
- Gedwongen uitvoering.
Voorbeeldsituatie 1: bedrijf gaat een contract aan met een fotograaf, op de dag
van het evenement komt de fotograaf niet opdagen. -> het is niet mogelijk om de
dienst te verzetten dus kiest de rechtbank voor het ontbinden wegens schuldige
niet-uitvoering.
Voorbeeldsituatie 2: Peter verkoopt een auto aan Jan en ondertekenen allebei
het verkoopcontract. Paar dagen later wil Jan de auto niet meer kopen. Na het
ondertekenen van het contract is hij verplicht de auto te kopen. De rechtbank
kiest voor de gedwongen uitvoering.
Problemen bij de gedwongen uitvoering: bij tegenspraak van een gedwongen
uitvoering kan de rechter een extra geldsom/dwangsom veroordelen. De
schuldenaar moet dan voor elke dag dat hij weigert zijn verplichting na te komen,
een vaste som betalen tot het eind.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
De ingebrekestelling: de schuldeiser moet op papier verklaren dat de
schuldenaar zijn verbintenis niet nakomt en eisen dat hij zijn verplichtingen moet
nakomen of dat er anders een rechtszaak volgt. Zolang de vaststelling niet is
gebeurd, is de schuldenaar niet verantwoordelijk voor de gevolgen van de nietuitvoering.
In twee gevallen is er geen ingebrekestelling nodig:
- Wanneer de verbintenis voortvloeit uit een misdrijf/onrechtmatige daad.
- Als in het contract vermeld staat dat de schuldenaar bij het aanbreken van
de vervaldag automatisch in gebreke wordt gesteld.
Wettelijke gevolgen van de ingebrekestelling:
- De schuldenaar wordt verantwoordelijk voor het verlies van de zaak vanaf
de datum van ingebrekestelling.
- Als de schuldeiser door de niet-uitvoering schade lijdt, dan is de
schuldenaar verantwoordelijk voor die schade vanaf de datum van de
ingebrekestelling.
Verbintenissen uit onrechtmatige daden: een onrechtmatige daad brengt een
verbintenis tot stand. Door je fout wordt je verplicht de schade te vergoeden die de
ander geleden heeft.
Rechtshandeling: een handeling die het doel heeft tot juridische gevolgen te komen.
-> Wanneer je iets koopt is het juridische gevolg dat je de eigenaar wordt.
Rechtsfeit: een handeling die juridische gevolgen heeft zonder dat dit de bedoeling was.
-> Per ongeluk een schilderij beschadigen tijdens een museumbezoek.
3 voorwaarden om iemand burgerlijk aansprakelijk te stellen:
- Er moet een fout begaan zijn.
- Er moet schade zijn.
- Het is duidelijk dat de schade een gevolg is van de fout.
Het bedrag van de schadevergoeding omvat:
- De voorziene schade = het bedrag dat nodig is om wat beschadigd is te
herstellen/vervangen -> contractuele- en burgerlijke aansprakelijkheid.
- De onvoorziene schade = kosten die ontstaan tijdens het herstellen van de
effectieve schade -> burgerlijke aansprakelijkheid.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
Tenietgaan van verbintenissen: verbintenissen kunnen op verschillende manieren tot
een einde komen:
Nakoming: beide partijen zijn hun deel van de verbintenis nagekomen.
Opzegging: de overeenkomst wordt eenzijdig opgezegd -> huurcontracten en
arbeidsovereenkomsten van onbepaalde duur.
Vermenging: de schuldeiser en de schuldenaar worden door verandering van
vordering eenzelfde persoon.
Schuldvernieuwing: de overeenkomst vervalt doordat er een nieuwe
overeenkomst wordt aangegaan die hetzelfde doel omvat -> herziening lening:
oude lening vervalt doordat er een nieuwe lening wordt aangegaan onder andere
voorwaarden.
Kwijting: de schuldeiser scheldt de schulden kwijt.
Bewijs van verbintenissen:
Beweren bewijzen. Je moet eerst een onderscheiding maken tussen:
- Type recht: handels- of burgerlijk recht.
- Aanleiding: wat is de rechtshandeling (contract) of de rechtsfeiten (autoongeval).
Er zijn 5 soorten bewijsmiddelen in het burgerlijk recht:
1) Schriftelijk bewijs:
Authentieke akte:
- Ze moet opgemaakt worden volgens bepaalde normen.
- Ze moet opgemaakt worden door een openbaar ambtenaar.
- De ambtenaar in kwestie moet de nodige bevoegdheden hebben
om de akte op te stellen.
Onderhandse akte: een document door beide partijen samen opgesteld en
getekend zonder dat er een ambtenaar aan te pas komt.
- Handtekening, datum, namen,
- Er moeten evenveel originelen zijn als partijen.
- Bij eenzijdige belofte of betaling moet het geschrift handgeschreven
zijn door de ondertekenaar of moet hij bij zijn handtekening
schrijven goedgekeurd voor + de som voluit in letters.
Alle zaken die een waarde hebben boven de 375, dienen een van de bovenstaande
bewijzen op te maken.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
2) Bewijs door getuigen: een persoon verklaart voor de rechtbank dat hij aanwezig
was op het moment dat de partijen de verbintenis aangingen. Schriftelijk bewijs
gaat voor tenzij deze onvolledig is, dan wordt het bewijs door getuigen aanvaard.
3) Vermoedens: de rechter leidt af uit een bekende en vaststaande feit om te
besluiten tot een onbekende feit.
4) Bekentenis:
Gerechtelijk = verklaring die in rechte wordt gedaan door een partij en
levert een volledig bewijs tegen degene die de bekentenissen gedaan
heeft.
Buitengerechtelijk = is aan geen enkele vormvereiste onderworpen.
5) Eed: de eed kan ter beslissing van een geding (civiele procedure) door de ene
partij aan de andere worden opgedragen om de beslissing van de zaak daarvan
te doen afhangen.
Courante contracten:
Grondbeginselen:
Wilsautonomie: ieder individu de vrijheid heeft om zijn persoonlijkheid te
ontplooien op de manier die hij of zij wil.
Consensualisme: het principe dat een overeenkomst tot stand komt wanneer alle
betrokken partijen volledig akkoord zijn, dus bij wilsovereenstemming.
Contract als wet: de bindende kracht van de overeenkomst. De partijen strekken
zich tot de wet. (= verbintenis)
Een contract te goeder trouw: partijen zijn verplicht om loyaal samen te werken
om de doelstellingen te behalen.
Geldigheidsvereisten:
Elke overeenkomst moet voldoen aan 4 geldigheidsvereisten:
1. Er moet toestemming zijn van beide partijen -> overeenkomen over zaak/prijs.
2. Er moet bekwaamheid zijn -> iedereen mag en kan (ver)kopen.
3. Er moet een oorzaak zijn.
4. Er moet een voorwerp zijn:
- In de handel
- Mag verkocht worden
- Verkoper moet eigenaar zijn
- Op het ogenblik van verkoop moet het voorwerp (kunnen) bestaan.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
Het koopcontract: een verbintenis tussen partijen; de koper en de verkoper. Beide
partijen verbinden zich ertoe iets te geven, de koper geld en de verkoper een zaak.
Geldigheidsvereisten: bij een koopcontract gelden dezelfde geldigheidsvereisten
als bij elke andere overeenkomst (p. 30).
Vormvereisten: er worden geen vormvereisten opgelegd, de koopverkoop is
voltrokken van zodra de partijen akkoord gaan over de zaak/prijs. Bij bedragen
hoger dan 375 moet er wel een schriftelijke overeenkomst zijn om de verkoop te
bewijzen. Voor de verkoop van onroerende goederen is een notarile akte
vereist.
Rechten en plichten koper:
1. Prijs betalen: als de koper niet betaalt, kan de verkoper via de rechtbank
een rechtstreeks gedwongen uitvoering eisen.
2. De zaak in ontvangst nemen: de koper dient de zaak in ontvangst te
nemen bij het leveren en tekenen voor ontvangst. Hij mag de zaak
weigeren wanneer er bij levering iets mis blijkt te zijn met de zaak. Dan
moet hij wel onmiddellijk contact opnemen met de verkoper.
Rechten en plichten verkoper:
1. De levering: de verkoper moet de zaak, in dezelfde toestand, en het recht
om de zaak te bezitten aan de koper geven.
2. De vrijwaring: dit heeft als doel de koper beschermen tegen bezit
stoornissen:
- De koper kan ongestoord de zaak bezitten (vrijwaring tegen
uitwinning).
- De koper beschermen tegen verborgen gebreken (vrijwaring tegen
verborgen gebreken).
Bewijsmiddelen:
- Een geschrift (factuur of bestelbon)
- Getuigen of vermoeden
- Een begin van uitvoering (door gedeeltelijke betaling)
Einde koopcontract: manieren waarop een koopcontract tot einde komt:
- Ontbinding
- Nakoming
- Vermenging
- Vernietiging
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
Het huurcontract: een overeenkomst tussen partijen; de verhuurder en huurder, waarbij
een woning verhuurd en gehuurd wordt.
Geldigheidsvereisten: bij een huurcontract gelden dezelfde geldigheidsvereisten
als bij elke andere overeenkomst (p. 30).
Rechten en plichten huurder:
Recht op:
- Voorafgaande informatie (onderhoudskosten)
- Schriftelijk huurcontract
- Een goed onderhouden en veilige woning
- Plaatsbeschrijving
- Privacy en ongestoord gebruik -> de verhuurder mag niet zonder
toestemming van de huurder het verhuurde goed betreden
Verplicht om:
- De huur op afgesproken datum te betalen
- Voor het gehuurde goed te onderhouden
- De woning te verzekeren tegen brand
- De woning terug te geven in goede staat
- Meldingsplichtig -> de verhuurder in kennis stellen van gebreken of
defecten zodat deze verholpen kunnen worden.
Rechten en plichten verhuurder:
Recht op:
- Tijdige huurbetaling
- Goed gedrag van huurder
- Wijzigingen aan het goed toe te zeggen/weigeren
- De huurder aansprakelijk te houden voor schade aan de woning
Verplicht om:
- De woning in goede staat af te leveren
- Slijtage en defecten te herstellen
Vormvereisten: kan zowel mondeling als schriftelijk afgesloten worden. Voor een
woning als hoofdverblijfplaats wel een schriftelijke overeenkomst.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
Duur:
Huurcontract van korte duur:
- 3 jaar of minder
- Kan 1x onder dezelfde voorwaarden worden vastgelegd
- Mag in totaal niet langer dan 3 jaar duren
Huurcontract van meer dan 9 jaar = afsluiten bij de notaris
Levenslang huurcontract:
- Eindigt wanneer de huurder overlijdt
- De exacte huurtermijn dient in het contract te staan -> zo niet, loopt het
contract 9 jaar.
Studenthuisvesting:
- De termijn wordt bepaald door beide partijen.
Einde: kan eindigen door opzegging door huurder of verhuurder.
Opzegging bij contracten van 9 jaar door verhuurder:
- Met opzegtermijn, maar zonder opzegvergoeding, wegens een
persoonlijke betrekking (de verhuurder of familielid gaat erin wonen)
- Met opzegtermijn, na het 3e huurjaar en zonder opzegvergoeding,
wegens een persoonlijke betrekking of verbouwingen/renovatie
Opzegging bij contracten van 9 jaar door huurder:
- Met opzegtermijn van 3 maanden, met een opzegvergoeding van 1-3
maanden, zonder reden, naargelang het huurjaar waarin de opzegging
gebeurt
Opzegging bij contracten van 3 jaar of minder door huurder:
- Met opzegtermijn van 3 maanden, met opzegvergoeding van 0,5-1,5
maanden, zonder reden, naargelang het huurjaar waarin de opzegging
gebeurt
Verzekeringen:
Begrip Uitleg
Verzekeraar Financile onderneming die tegen betaling (premie) tegenover
een andere partij (verzekeringsnemer) verbindt tot het doen
van n of meer uitkeringen indien een bepaalde onzekerheid
zich voordoet.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
Verzekeringsnemer Degene die een verzekering aanvraagt en een premie betaalt
hiervoor.
Verzekerde Of je onder een verzekering valt.
Begunstigde Degene die volgens een polis recht heeft op de
verzekeringsuitkeringen.
Risico De verzekeraar moet zowel negatieve als positieve gevolgen
kunnen inschatten. Hij kan weigeren een contract af te sluiten
of hogere premies te eisen, en in welke gevallen hij niet
tussenkomt (uitsluitingen).
Premie Het bedrag dat de verzekeringnemer betaalt berekend op
hoogte van het risico, de gekozen dekking en de waarde van
de te verzekeren zaak.
Vrijstelling Grensbedrag wat er boven dit bedrag uitkomt betaalt de
verzekeraar bij. Schade die lager ligt dan dit bedrag, betaal je
volledig zelf.
Polis Verzekeringsovereenkomst tussen verzekeraar en
verzekeringnemer met vermelde voorwaarden.
Schade De (materile) vermogensschade of immaterile schade die
men heeft wanneer een welbepaalde situatie zich voordoet.
Belang van verzekeringen voor verzekeringsnemers:
Het is veiligheid die je opbouwt voor risicos in je leven. Als je je niet zou verzekeren
voor bepaalde schade, zouden de gevolgen aanzienlijk kunnen zijn.
Verplichte verzekeringen:
- Ziekteverzekering: dekt de meeste kosten van medisch advies, behandelingen,
medicijnen, het gebruik van hulpmiddelen,...
- Arbeidsongeschiktheid: het niet in staat worden geacht arbeid te verrichten met
een erkende economische meerwaarde.
- Pensioen: periodieke uitkeringen die het inkomen vervangen in geval van
ouderdom, maar ook bij overlijden of arbeidsongeschiktheid.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
- Beperkte faillissementsverzekering: een automatisch recht voor zelfstandigen en
ondernemers die failliet zijn verklaard of noodgedwongen. Je behoudt je rechten
op kinderbijslag en geneeskundige verzorging, en ontvangt een maandelijkse
uitkering, gelijk aan het minimumpensioen voor zelfstandigen, gedurende max.
vier kwartalen (12 maanden) zonder dat je sociale bijdragen moet betalen.
- Gezinsbijslag: ouders hebben het recht op gezinsbijslag, een klein bedrag voor
het bevredigen van basisbehoeften, om hun kinderen te kunnen opvoeden tot de
leeftijd van 18 jaar. Na 18 jaar enkel indien zij studeren of een zeer beperkt
inkomen hebben.
- Burgerlijke aansprakelijkheid (auto): vergoedt de lichamelijke en materile
schade die u met uw voertuig veroorzaakt aan anderen en/of uw inzittenden.
- Arbeidsongevallen personeel: verplicht voor elke werkgever/particulier die
beroep doet op huispersoneel om voor zijn werknemers af te sluiten. Deze
verzekering beschermt de werknemers tegen de gevolgen van mogelijke risicos
op het werk.
- Burgerlijke aansprakelijkheid (brand en ontploffing): een slachtoffer van een
brand of ontploffing hoeft uw schuld niet te bewijzen. Jij bent aansprakelijk en
moet de schadelijder dus vergoeden, zelfs als je geen fout begaan hebt.
- Beroepsaansprakelijkheidsverzekering: de aansprakelijkheid voortvloeiend uit
fouten of verzuim bij de uitoefening van een beroep. Bepaalde beroepen zijn
verplicht een specifieke verzekering af te sluiten voor hun
beroepsaansprakelijkheid. (Dokters, architecten, reisorganisatoren,
boekhouders)
Aanvullende verzekeringen:
- Hospitalisatieverzekering: beschermt jou en jouw gezinsleden tegen de kosten
van een (onverwachte) ziekenhuisopname.
- Levensverzekering: houdt verband met het leven/uitvaart (dood) van de mens. Je
mag zoveel levensverzekeringen afsluiten als je wil, je kan je bij een
levensverzekering niet oververzekeren. Er zijn drie soorten: uitbetaling bij
overlijden, uitbetaling bij pensioen en gemengde verzekering.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
- Verzekering kleine risicos bij ziekenfonds: elke verzekerde in Belgi is verzekerd
voor kleine n grote risicos via de verplichte ziekteverzekering bij het
ziekenfonds.
- Verzekering gewaarborgd inkomen: beschermt de zelfstandige tegen
inkomensverlies bij ziekte of revalidatie van een ongeval. Hij ontvangt een extra
maandelijks vervangingsinkomen, bovenop de eventuele uitkering van het
ziekenfonds.
- Vrij aanvullend pensioen voor zelfstandigen: een pensioenplan volgens de
werkgeversbijdrage. Een zelfstandige heeft geen werkgever, dus de overheid
biedt hem een beperkt bedrag per jaar voor zichzelf.
- Rechtsbijstandverzekering pechverhelping: een verzekering bovenop je gewone
autoverzekering die je zal bijstaan wanneer je pech hebt met de wagen, je
informeert over jouw rechten, je verdedigt bij een schadegeval en de
gerechtskosten terugbetaalt. De gewone autoverzekering zal je alleen bijstaan in
het geval van een ongeval.
- Burgerlijke aansprakelijkheid (familiale verzekering): dekt de schade die door jou,
jouw gezinsleden, huisdieren of voertuigen toegebracht wordt aan derden.
- Brandverzekering: verzekerd je woningen en de inhoud ervan tegen schade door
brand. Ze dekt ook onvoorzienbare gevallen van schade of verlies, zoals door
water, storm of diefstal.
Arbeidscontract: verbintenis tussen werknemer en werkgever.
1. De overeenkomst: wat hierin staat, staat in de arbeidsovereenkomstenwet.
2. De arbeid: functie wordt vooraf beschreven in de overeenkomst.
3. Het loon: de tegenprestatie voor de geleverde arbeid.
4. Het gezag van de werkgever: de arbeidsprestatie wordt geleverd onder het
gezag van de baas. Dit onderscheidt de arbeidsovereenkomst van andere
overeenkomsten waarbij arbeid gepresteerd wordt in ruil voor betaling.
Soorten arbeidscontracten:
Op basis van arbeid: dit hangt af van de soort arbeid die er geleverd wordt;
arbeider of bediende.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
Op basis van duur:
- Contract van bepaalde duur: er is een einddatum, een tijdelijk contract.
Moet schriftelijk gesloten worden, anders wordt het automatisch een
contract van onbepaalde duur.
- Contract van onbepaalde duur: er is geen einddatum, een vast contract.
Het volstaat dat beide partijen dit willen dus kan mondeling gesloten
worden.
- Interimcontract: zijn van korte duur, week- of dagcontracten.
- Detacheringscontract: je kan als ondernemer tijdelijk iemand inhuren van
een ander bedrijf, dit om dan een specifieke taak uit te voeren of wanneer
je dringend extra krachten nodig hebt voor een korte periode.
(outsourcing)
Op basis van omvang van de prestatie:
- Voltijdse arbeidsovereenkomst: afgesloten voor de (wekelijkse) maximale
werkduur van de onderneming -> 38 uren/week (gemiddeld, op jaarbasis).
- Deeltijdse arbeidsovereenkomst: de werknemer verklaart hierbij bereid te
zijn minder te werken dan de normale arbeidsduur. Contract moet
schriftelijk opgemaakt worden, ten laatste op het tijdstip waarop hij begint
te werken, met de arbeidsregeling vermeld en het afgesproken (variabele)
werkrooster. Dit kan niet minder zijn dan 33% van de normale
arbeidsduur.
Schorsing van de uitvoering: wanneer de arbeidsovereenkomst tijdelijk ophoudt. De
werknemer werkt niet tijdens die schorsing en de werkgever is gewoonlijk geen loon
schuldig:
- Bij ziekte en ongeval: de werknemer heeft recht op gewaarborgd loon van de
werkgever (verplichte verzekering voor arbeidsongevallen).
- Bij zwangerschap en bevallingsverlof: afwezigheid wegens prenataal
geneeskundig onderzoek, moederschapsverlof (vr of na de bevalling),
borstvoedingspauzes.
- Bij geboorteverlof: ook partner-, vaderschaps- of kraamverlof genoemd. Het recht
op verlof, vlak na de bevalling van de partner van 15 dagen, op te nemen binnen
de 4 maanden volgend op de dag van de geboorte.
- Bij adoptieverlof: bij het adopteren van een kind heb je recht op verlof na de
adoptie om aan je kind te wennen. Deze moet uitgesproken zijn door de
rechtbank.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
- Bij kort verzuim: de werknemer heeft recht op betaald verlof ter gelegenheid van
familiegebeurtenissen (begrafenissen, huwelijken), de vervulling van
staatsburgerlijke verplichtingen (aanwezig zijn op een familieraad opgeroepen
door het vredegerecht, oproeping als getuige voor een rechtscollege, de
uitoefening van de ambt van voorzitter, bijzitter in een stembureau) of van
burgerlijke opdrachten en in geval van verschijning voor het gerecht.
- Bij verlof om dwingende redenen: de werknemer heeft het recht om van het werk
afwezig te zijn omwille van een niet te voorziene, los van het werk staande
gebeurtenis die zijn dringende en noodzakelijke tussenkomst vereist.
Einde van de arbeidsovereenkomst:
Onderling akkoord: van werkgever en werknemer.
Overlijden van werkgever: onmiddellijke beindiging overeenkomst. De
werknemer in dienst bij de erfgenamen. Erfgenamen kunnen beslissen de
werknemer te ontslaan of niet.
Ontbindende voorwaarde: een toekomstige, maar onzekere gebeurtenis, zoals
uitgezonderd trouwen, zwanger worden of de pensioengerechtigde leeftijd
bereiken.
Overmacht: een onvoorziene hindernis -> de corona quarantaine.
Gerechtelijk ontbinden: als n van de partijen zich niet aan de voorwaarden
houdt, kan de arbeidsovereenkomst worden stopgezet door de rechtbank.
Ontslag om dringende redenen: een strikte procedure die een uitzondering
maakt op de regels bij een eenzijdige beindiging van de arbeidsovereenkomst.
Deze kan door zowel de werkgever als werknemer beindigd worden zonder
opzegging of vergoeding. De partij die de dringende reden inroept, moet deze
ook bewijzen.
Eenzijdig contract afbreken:
- Einde voor onbepaalde tijd: ontslag geven of krijgen.
- Einde voor bepaalde tijd: de partij die een arbeidsovereenkomst voor een
bepaalde tijd of werk vr de voltooiing hiervan beindigt, moet de andere
partij een vergoeding betalen.
Aan het einde van de arbeidsovereenkomst moet de werkgever een aantal documenten
overhandigen aan de werknemer:
- De fiscale fiche.
- De individuele rekening van de laatste betalingen.
- C4 waarmee de werknemer een werkloosheidsuitkering kan aanvragen.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
Het arbeidsreglement:
Begrip arbeidsreglement: een document, soort wetboek voor de onderneming, dat tot
stand komt in overleg tussen werkgevers en werknemers. Alle ondernemingen zijn
verplicht deze op te stellen.
Er zijn uitzonderingen op:
- Familie die werkt in dezelfde onderneming.
- Huispersoneel.
- Koopvaardijschepen en vissers.
- Luchttransportbedrijven.
- Artsen, tandartsen en apothekers.
- Havenbedrijven.
- Seizoens- of gelegenheidswerken.
Inhoud arbeidsreglement:
- Uurroosters.
- De manier waarop de gepresteerde arbeid wordt gemeten en gecontroleerd om
het loon te bepalen.
- De manier waarop het loon zal worden uitbetaald en het tijdstip.
- Opzegtermijn bij ontslag.
- Handelingen die leiden tot ontslag wegens dringende redenen.
- Rechten en plichten van het personeel dat toezicht houdt.
- Handelingen of tekortkomingen die leiden tot straf.
- Op welke manier werknemers kunnen beroep aantekenen tegen hun straf.
- Duur van de jaarlijkse vakantie en de voorwaarde om recht te hebben op
vakantie.
De sociale zekerheid:
De sociale zekerheidsdienst: een Belgische federale openbare instelling die de sociale
bijdragen bij de werkgevers int en deze beheert. Alle werkgevers staan een stukje van
hun loon af aan de sociale zekerheid. Deze stukjes komen in een grote
gemeenschappelijke pot terecht. De verschillende takken van de sociale zekerheid
krijgen allemaal een deel van het geld dat in de pot zit. De RSZ zal deze bijdragen
gebruiken voor ziekteverzekering, werkloosheidsuitkeringen, pensioen,...
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
De 3 stelsels en 6 takken:
Stelsel voor werknemers: betalen voor de 6 takken, hebben alle rechten.
Geld voor het werknemersstelsel komt van:
- Bijdragen van werkgevers
- Bijdragen van werknemers
- Staatssubsidies
- Alternatieve financieringsmaatregelen
Stelsel voor werkgevers en zelfstandigen: betalen niet voor de 6 takken, dus
hebben geen recht op:
- Werkloosheidsuitkering
- Jaarlijkse vakantie
- Beroepsziekteverzekering
- Arbeidsongevallenverzekering
Geld voor het zelfstandigenstelsel komt van:
- Bijdragen van zelfstandigen
- De Nationale Hulpkas voor de Sociale Verzekering der Zelfstandige, die
beheerd wordt door de RSVZ
- Staatssubsidies
Stelsel voor de overheid (ambtenaren): betalen voor de 6 takken, hebben alle
rechten.
Sociale bijstand:
- Betaling van het leefloon en het lenen van individuele bijstand wordt
geregeld door de gemeentelijke Openbare Centra voor Maatschappelijk
Welzijn (OCMW)
- De tegemoetkomingen voor gehandicapten wordt georganiseerd door een
speciale dienst van de Federale Overheidsdienst Sociale Zekerheid
- De gewaarborgde gezinsbijslag wordt uitgekeerd door de Rijksdienst voor
Kinderbijslag voor Werknemers (RKW)
- Het gewaarborgd inkomen voor bejaarden wordt uitgekeerd door de
Rijksdienst voor Pensioen (RVP)
Functies + doel van RSZ:
Doel: ervoor zorgen dat werknemers een menswaardig bestaan kunnen hebben.
Functies:
- Mensen die hun inkomen verliezen door een vervangingsinkomen. Een inkomen
verliezen kan door werkloosheid, pensionering, ziekte die leidt tot
arbeidsongeschiktheid.
- Mensen met kinderlast krijgen een extra inkomen.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
De sectoren binnen de RSZ:
1) FAMIFED: federaal agentschap voor kinderbijslag.
2) RVA: Rijksdienst Voor Arbeidsvoorzieningen.
- Vervangingsinkomen voor tijdelijke werkloosheid.
3) RVP of FPD: Rijksdienst Voor Pensioenen of federale pensioendienst.
- Berekening en uitbetaling van pensioenen.
4) RIZIV: Rijksinstituut voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering.
- Controleert en beheert de GVU-verzekering (verzekering voor
geneeskundige verzorging en uitkering)
- Gedeeltelijke uitbetaling, medische kosten en betaling van uitkeringen in
het geval van arbeidsongeschiktheid, moederschap, vaderschap en
adoptie.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien geld
5) FEDRIS: (sinds 2017: samenvoeging FAO: Fonds voor arbeidsongevallen en
FBZ: Fonds voor BeroepsZiekten): FEDeraal agentschap voor beroepsRISicos.
- Controle op werkgevers -> verzekering voor arbeidsongevallen
- Vergoeden slachtoffers van arbeidsongevallen en beroepsziekten.
6) RJV: Rijksdienst voor Jaarlijkse Vakantie:
- Beheer en controle op de vakantiesector van de arbeiders en
kunstenaars.
- Berekenen vakantieduur en vakantiegeld voor deze categorien van
werknemers.
Gedownload van Knoowy - Upload jouw eigen documenten en verdien gel. De oefenexamen moet geschreven zijn in de Nederlandse taal. Onderin staan de antwoorden. Het aantal vragen dat het oefenexamen moet bevatten is onbeperkt.
Stel een studievraag en wij proberen hem zo goed mogelijk te beantwoorden.
Stel een vraagStel een studievraag en wij proberen hem zo goed mogelijk te beantwoorden.
Stel een vraag